Koerden hielden Iraks tanks bij Kore tegen

RAWANDUZ, 1 JUNI. Niet ver van het dorpje Harir, middenin het gebied dat nu door de rebellen van het Iraaks Koerdistan Front (IKF) wordt geregeerd, ligt een drie kilometer lange landingsbaan. Zonder gebouwen, zonder windvlag zelfs. De enige accessoire is een korte toevoerweg die aansluit op het plaatselijke verkeersnet. Om onduidelijke redenen werd deze baan nietdoor de geallieerden gebombardeerd in januari, wellicht omdat hij niet werd gebruikt.

Als het aan de Koerden ligt, zal dat binnenkort wel gebeuren. Zij hebben het beton schoongeveegd, en er kan zo een Hercules transporttoestel terecht. Bij de toevoerweg houden vier peshmerga's de wacht. Reden voor dit project is niets meer dan de ongerechtvaardigde hoop dat de geallieerden hun goede zorgen binnenkort zullen uitbreiden tot het honderden kilometers lange n vele tientallen kilometers brede gebied in het noordoosten van Irak waar het IKF regeert.

Dat heel Koerdistan in begin april door de Irakezen onder de voet zou zijn gelopen, zoals indertijd werd gemeld, blijkt een vergissing. Bij het plaatsje Kore, tussen Salahuddin en Shaqlawa, werd van 7 tot 10 april een beslissende slag geleverd tussen de Iraakse tanks en infanterie, en Koerdische peshmerga's. Kore ligt aan de zeer strategische weg van Arbil door de bergen aar Iran. Door de Irakezen hier tegen te houden, werd voorkomen dat ze met hun rollend materieel verder konden. Van Kore naar de Iraanse grens is over de weg 150 kilometer.

Mijn gids Rast is een hele goede, want na een studie weg- en waterbouwkunde in de Verenigde Staten was hij in dienst van de Iraakse overheid jarenlang druk bezig met de aanleg en verbetering van wegen in dit gebied. Hij kent iedere bocht, en wijst met trots op de traces die hlemaal onder zijn supervisie werden aangelegd: ze zijn inderdaad veel beter te berijden dan de rest. Tijdens de luchtoorlog in januari vluchtte Rast met zijn gezin uit Sulaymaniyah, hij is nu peshmerga - zonder inkomen, maar van voeding en onderdak voorzien door de partij.

De grensovergang tussen het Koerdistan van het IKF en de bergen waar de Irakezen de dienst uitmaken, kondigt zich een kilometer van tevoren aan met een half dozijn uitgebrande tanks. Geblakerde, halfgesmolten interieurs herinneren aan de ellendige dood van Iraakse soldaten.Bij de laatste post van de Koerden lopen oude Arabieren, die hier worden toegelaten om de graven van hun gesneuvelde zonen te bezoeken. De peshmerga's hebben gedaan wat zij konden om de honderden dode tegenstanders te identificeren.

Tweehonderd meter verder bevindt zich de bocht waarachter de Irakezen zitten. Rast is zo benauwd, dat hij eerst zijn auto keert voordat ik behoedzaam een paar passen verder mag: we kunnen direct wegscheuren als er moeilijkhede komen. Vanachter een paar geparkeerde vrachtauto's sluip ik voorwaarts: niet veel bijzonders. Twee groen geuniformeerde soldaten met baretten houden passerend verkeer aan. Net als bij de Koerden mag bijna iedereen door. Voor onschuldige Iraakse burgers is de grens probleemloos te passeren.