Knollen en citroenen 2

Het zijn hoogtijdagen in bepaalde sectoren van de financiele wereld. Iedereen die niet te veel belasting wil betalen sluit nog snel een ogenschijnlijk aantrekkelijk verzekeringscontract af, want 1 juli trekt een nieuwe wet de mazen van het belastingnet verder dicht Een van die verzekeringen, iedere maatschappij heeft er een eigen smakelijke naam voor bedacht, combineert de voordelen van sparen, beleggen en verzekeren en bouwt in de loop van (minimaal) twaalf jaar een belastingvrij kapitaal op.

De betaalde premies worden door de verzekeraar, naar keuze, belegd in vastrentende waarden als staatsleningen, met heel weinig risico of in beleggingsfondsen, aandelen en vreemde valuta die meer risico inhouden.

Wie zich zo verzekert, is, meestal zonder dat zelf te weten, een particuliere belegger die deelneemt in een beleggingsfonds met een verplichte en contractueel vastgelegde bijdrage. Een ideale situatie voor een verzekeraar-grootbelegger, die iets weg heeft van een supermarkt met een paar produkten en een schare vaste klanten met gedwongen winkelnering. Dat is een bittere pil voor de beurssector die ook al de beperkte belastingvrijstelling va dividend, bedoeld om het bezit van aandelen onder particulieren te stimuleren, ziet verdwijnen.

De wetgever ziet (ook na 1 juli) beleggen, via sparen en verzekeren, kennelijk als een eerste levensbehoefte en direct op de beurs beleggen door particulieren meer als een spel voor welgestelden en speculanten.

Dat is natuurlijk ook de schuld van de beurs(wereld) zelf, want sinds de introductie van de opties in 1978 zijn er voor kleine beleggers geen nieuwe interessante produkten meer bedacht, maar wel tientalen voor grootbeleggers. Dan moet je ook niet zeuren als de kleine meer zien in belastingvriendelijke (beleggings)verzekeringen.

Inmiddels heeft de Amsterdamse commissionair en bankier HPD de bakens al een beetje verzet en is sinds kort ook bemiddelaar in verzekeringen, want financiele dienstverlening is meer dan deftig praten over effecten en opties.

Is belastingvrij beleggen in aandelen of risicovolle waarden, door middel van een verzekering, wel zo vrij van zorgen en zeker als de gouden appel voor de dorst advertenties willen doen geloven? Wat moet je denken van een maatschappij die belooft de betaalde premies te beleggen in een 'Nederlands aandelenfonds' en er van uitgaat dat het fonds over de komende dertig jaar een gemiddeld rendement van vijftien procent zal behalen? Knap van die fondsbeheerders! Als verzekerde loop je natuurlijk net zoveel risico als iedereen die zelf belegt in aandelen.

De winsten die daarmee worden behaald zijn belastingvrij en dat is niet zonder reden, want verliezen mag je niet op de belasting verhalen. Zo bezien is het belastingvrije aspect van een spaar- verzekeringsconstructie, die belegt in waarden met een onvoorspelbaar (zeker over dertig jaar) koersverloop, niet zo genereus van de fiscus.

Als je aan het eind van de rit zit met een sterk ineen geschrompeld appeltje voor de dorst, hoef je immers niet aan te kloppen voor een compensatie.

Een verzekerde geniet, vergeleken met een belegger, wel het voordeel dat hij geen belasting betaalt over de opbrengsten van de beleggingen.

Daar staat tegenover dat een verzekerde nauwelijks inzicht heeft in de kosten die hij (indirect) betaalt en de capaciteiten en mentaliteit van de beheerders.

Een belegger die deelneemt in een beleggingsfonds met notering op de beurs heeft een betere controle dan menig verzekerde. Door publikatie van beurskoers, jaarverslag en tussentijdse berichten kunnen beleggers fondsen met elkaar vergelijken. De financiele pers stelt regelmatig ranglijsten samen van recente en meerjarige prestaties. Die zijn een harde stok achter de deur voor beheerders en een leidraad voor beleggers. Door die niets verhullende overzichten zijn de fondsen voorzichtig geworden in hun voorspellingen en beloften.

In de wereld van het verzekerd spaarbeleggen is bescheidenheid nog niet aan de orde, tenzij de maatschappij belegt in bepaalde beursfondsen waarvan de prestaties dor een verzekerde (als hij dat wil en kan) te volgen zijn. Een ander punt is de met wollige woorden omklede aantrekkelijk rendement belofte in sommige advertenties.

Kunnen die het vertrouwen van het meestal argeloze, maar wel op winst beluste, publiek niet schaden, straks als het op uitkeren aankomt?

Vergelijkende advertenties in Groot Britannie moeten, wettelijk verplicht, de tekst vermelden dat koersen zowel naar boven als beneden kunnen gaan en dat prestaties in het verleden geen garantie zijn voor toekomstige resultaten. Een mooie citroen van weleer kan over twaalf jaar een knolletje blijken te zijn.