ADERLATINGEN

Avicenna; Leerdicht der geneeskunst door M.M.J. Reyners (vert. en ingeleid) 157 blz., Boom 1991, f 27,50 ISBN 90 6009 989 3

Het beeld dat wij hebben van de geneeskunst in de late Middeleeuwen, is onverbrekelijk verbonden met de praktijk aderlatingen. De Arabische arts Avicenna, die grote invloed heeft gehad op de medische wetenschap van die tijd, beschrijft in zijn Leerdicht der geneeskunst de aderlating als panacee voor vele kwalen, van migraine tot kwalen aan lever of milt. Avicenna schrijft een regelmatige aderlating zelfs voor ter behoud van een goede gezondheid. Het Leerdicht der geneeskunst is onlangs in het Nederlands vertaald en uitgegeven bij Boom.

Avicenna - zijn eigenlijke naam is Aboe Ali - werd geboren in 980 in wat tegenwoordig Oezben heet, in die tijd onderdeel van het Arabische rijk. De vertaler van het Leerdicht, Reyners beschrijft hem in zijn inleiding als een leergierige en talentvolle man, die naar eigen zeggen op eenentwintigjarige leeftijd zowat alle bestaande kennis had geassimileerd. Daaronder was ook de geneeskunde, waarin hij al op vijftienjarige leeftijd beroemde artsen voorbijstreefde: ''Geneeskunst is niet een van die moeilijke wetenschappen en daarom blonk ik in zorte tijd er al in uit, zozeer zelfs dat beroemde artsen bij mij geneeskunde studeerden.''

Avicenna diende verscheidene vorsten als arts, wetenschapper en groot-vizier. Doordat deze vorsten elkaar sterk beconcurreerden en elkaar in snel tempo opvolgden, leidde Avicenna een rusteloos leven.

Hij overleed in 1037 aan dysenterie. Als hij zijn eigen medische voorschriften beter had opgevolgd, had hij waarschijnlijk nog wel een aantal jaren geleefd.

Avicenna's belangrijkste verdienste voor zowel filos als geneeskunde bestaat in het vastleggen van de bestaande kennis, zodat het behouden bleef voor het nageslacht. Hij verzamelde de medische kennis van zijn tijd in Al Qanun fi t-tibb (Canon van Geneeskunst), een werk van meer dan vijfhonderd dubbelbeschreven folia, dat tot in de zeventiende eeuw grote invloed had op de medische wetenschap van Europa.

Avicenna's geneeskunst steunt sterk op theorieen van de Griekse geneeskundigen Hippocratus en Galenus, hoewel hij daaraan elen uit de Arabische en Indische geneeskunst toevoegt. Evenals Hippocratus en Galenus gaat Avicenna uit van elementen (aarde, water, vuur en lucht), en temperamenten (heet-vochtig, heet-droog, koud-vochtig en koud-droog). Vanuit dit theoretische schema en op basis van logische principes geeft hij verklaringen voor ziekten en voorschriften voor hun genezing. In deze benaderingswijze schuilt zowel een voordeel als een nadeel. Een groot nadeel ervan is dat de theorie een werkelijke bestuderin de ziekteverschijnselen en van het menselijk lichaam in het algemeen in de weg kan staan. In de vijftiende eeuw bestreden middeleeuwse medici de nieuwe anatomische ontdekkingen, omdat ze in strijd waren met Avicenna's Canon.

De theoretische benadering heeft echter tegelijkertijd een belangrijk voordeel. Omdat de theorie alomvattend is, omdat niet alleen de mens maar het hele universum uit elementen en temperamenten opgebouwd is, dienen ook alle mogee factoren in de diagnose van de ziekte te worden meegenomen. Avicenna beperkt zich niet tot de strikt lichamelijke kant van een kwaal, maar beschrijft tevens wat de invloed is van voeding, van klimaat en de stand van de maan op dit lichaam. Ook heeft hij aandacht voor psychische oorzaken van een ziekte. Dat maakt het Leerdicht ook voor deze tijd medisch interessant. De hedendaagse artsen hebben de neiging een ziekte te sch, te veel als op zichzelf staand te beschouwen. Iedere arts heeft zijn specialisme en kan maar moeilijk buiten dit beperkte terrein kijken. Voor hen is de benadering van Avicenna, die weliswaar veelvuldig de plank misslaat, daarom toch erg leerzaam.

Daarnaast heeft deze vertaling een belangrijke historische waarde. Avicenna heeft tenslotte grote invloed uitgeoefend op de medische wetenschap van de Middeleeuwen. Het is interessant om te achterhalen waar bepaalde medische praktijken, zoals het aderlaten, op gefundeerd werden. Twee goede redenen waaro van belang is dat dit boek vertaald is. Enig minpunt is misschien dat de vertaler het adequaat weergeven van de inhoud de voorkeur heeft gegeven boven het handhaven van de versvorm, en beide niet heeft weten te combineren.