Hommels helpen bij telen van tomaten

ETTEN-LEUR, 6 MEI. Voor niet meer dan een bakje met suikerwater verlenen enige honderden hommels hand- en spandiensten in de kassen van de tomatenkwekerij van J. van Praat in het Brabantse Etten-Leur. De insecten, verdeeld over twintig nesten die in kastjes van piepschuim zijn ondergebracht, zorgen voor de bestuiving van de bloemen aan de tomatenplanten. Het is een uitvinding van een Belg en wordt sinds een jaar of drie ook toegepast in Nederland.

Vijfennegentig tot achtennegentig procent van de kwekers, samen goed voor 2.000 hectare kassen, bedienen zich tegenwoordig van het werk van de hommels. “Het is big business”, zegt Van Praat. De hommels besparen de kweker vele uren arbeidsloon, die vroeger opgingen aan het laten trillen van de tomatenplant met behulp van vibrators om de bestuiving tot stand te brengen. Zo'n vibrator kostte 250 gulden. Er is nu een overschot aan die dingen ontstaan. “Bovendien komt er meer rust in het bedrijf,” zegt Van Praat.

Om bij dat trillen van de bloemen het hoogste rendement te halen, moest dat op geschikte tijden gebeuren. Die tijden werden onder meer bepaald door lichtsterkte en vochtigheidsgraad in de kas. Bij Van Praat was men er met vier man minimaal twee uur per week mee bezig.

“Het was geestdodend werk, waar je veel concentratie bij nodig had. De hommels daarentegen kiezen de meest geschikte momenten uit voor hun activiteiten. Als het nodig is, maken ze vele overuren. Ze werken zeven dagen per week, gaan niet met vakantie en staken nooit. Daardoor is het rendement optimaal en leveren de planten aanzienlijk meer tomaten op”, aldus Van Praat.

In de immense kassen met een oppervlak van 11.500 vierkante meter vliegen de beestjes nijver af en aan. Ze zijn van Nederlandse herkomst en behoren tot het ras aardhommel of Bombus terrestris. Hommels leven in 'staten' rondom een koningin, die de basis legt voor de honingvorming: een taak die later wordt overgenomen door zogenoemde werksters. De uitgang van het nest wordt bij het aanbreken van het daglicht bemand door een aantal hunner die met hun vleugels en onder heftig gezoem trillende bewegingen maken. Ze doen dat waarschijnlijk om de lucht in het nest te zuiveren. Een bewaker aan elke 'poort' van de kastjes zorgt er voor dat geen vreemd volk, dat wil zeggen hommels van andere 'staten', het nest binnenvliegen.

De hommels die bij Van Praat aan de slag zijn worden geleverd door de Koninklijke Brinkman B.V. in 's-Gravenzande. Dat gebeurt omstreeks Kerstmis, wanneer de tomatenplanten de eerste bloemen dragen.

Pag. 7:

Kwekers: liever 'domme' hommels dan bijen

De Koninklijke Brinkman heeft, zegt produktspecialist B. Burgers bij tomatenkwekerij Van Praat, een methode ontwikkeld om de hommelkoningin eerder tot bevruchting te laten komen dan in de natuur gebruikelijk is. Hoe men dat doet “is het geheim van de kok”, zegt Burgers.

De inzet van de hommels kost 18 cent per vierkante meter per periode van 4 weken, wat in het bedrijf van Van Praat neerkomt op ruim 2.000 gulden. Aangezien de tomaten gedurende 8 maanden bloemen dragen, zijn de totale kosten ruim 16,5 duizend gulden per teeltperiode. Door toenemende concurrentie is de prijs in een jaar tijd gezakt met 2 cent. “En dat scheelt nogal wat”, aldus Van Praat. Volgens Burgers is de 18 cent vermoedelijk de 'bodemprijs'. “Hij zal eerder weer gaan stijgen.” De methode wordt ook gebruikt bij de teelt van paprika's.

Brinkman onderzoekt ook de mogelijkheid van toepassing bij andere teelten. Brinkmans jaaromzet is dankzij de hommels enige miljoenen guldens. Volgens Burgers is zijn firma de grootste leverancier in Nederland.

Hommels, angeldragende insecten, halen het stuifmeel van de bloemen en bestuiven ze gelijktijdig. Net als de bijen is het hen te doen om de nectar. Omdat die in de bloemen van tomatenplanten niet is te vinden, worden de hommels in hun nesten vergast op suikerwater, waarmee de jongen worden gevoed. Hommels hebben de voorkeur boven bijen. “Ze zijn bij wijze van spreken dom. Als de bij naast de mens staat, staat de hommel naast de aap, zo moet je dat ongeveer zien”, aldus Van Praat. Ziet een bij een aantrekkelijker object, bijvoorbeeld een fruitboom, dan wordt in een zogenoemde bijendans de aandacht van het hele bijenvolk daarop gericht en gaat men erop uit om daar de nectar vandaan te halen. Dat gebeurt bij hommels niet. “De hommels”, voegt Burgers er aan toe, “zijn minder weersafhankelijk. Bovendien leveren ze minder vervuilingsproblemen op dan bijen, die kassen enorm kunnen verontreinigen met hun uitwerpselen.” Na een maand of drie zijn de hommels afgewerkt en worden ze vervangen door nieuwe 'staten'.

Grootste vijand van de hommel zijn de mieren. Die komen op het suikerwater af en dringen de nesten binnen, waar ze zich te goed doen aan het broedsel. Het is dan ook zaak te voorkomen dat de mieren hun gang gaan. Doordat in de kassen met hommels wordt gewerkt is het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen uit den boze. Van Praat gaat de eventuele ziekten in zijn kas te lijf met biologische bestrijders, die eveneens door Brinkman worden geleverd. Tegen de witte vlieg en de mineervlieg worden sluipwesten ingezet, tegen spint (kleine spinnetjes) roofmijten.