EG wenst geen hoge tolmuren voor elektronica

LUXEMBURG, 30 APRIL. Over enige maanden, maar in elk geval voor het eind van het jaar, komt de EG-commissie met concrete voorstellen om het klimaat voor de Europese elektronica-industrie te verbeteren. De Europese Commissie is echter niet bereid die industrie met hoge tolmuren te beschermen tegen de Japanse concurrentie.

Dat heeft EG-commissaris voor industriebeleid, Filippo Pandolfi, gisteren in Luxemburg de EG-ministers voor industriezaken duidelijk gemaakt. Een werkgroep zal de Commissie voor het eind van dit jaar verslag uitbrengen.

Volgens de EG-commissie zal de elektronica-industrie voor een groot deel zelf een weg moeten vinden uit de problemen waarin ze zich bevindt. Er zal meer samenwerking moeten komen, vooral bij de produktie van halfgeleiders en nieuwe produkten als geheugens en vloeibare-kristallenschermen.

Twee weken geleden heeft de chef van het Franse electronicaconcern Thomson, Alain Gomez, met nadruk voor een “beschermde ruimte” voor de elektronica-sector gepleit. Als we ons vijf jaar lang de Japanners van het lijf kunnen houden, kunnen we overleven, zo luidde zijn redenering. Maar na het ministersdebat in Luxemburg, lijkt zo'n beschermde ruimte geen enkele kans te maken. En dat terwijl Pandolfi zelf eerder had gezegd dat, als er niet snel wat gebeurt, deze tak van industrie wel eens voor het verstrijken van deze eeuw uit Europa zou kunnen zijn verdwenen.

Wel wil de EG-commissie ervoor vechten dat op internationaal vlak gelijkwaardige concurrentievoorwaarden ontstaan. Indien nodig zal ze haar toevlucht zal nemen tot bilaterale maatregelen.

Op dit moment heet de Europese elektrinica-industrie een omzet van ruim 400 miljard gulden per jaar. In de gehele wereld is dat 1630 miljard gulden. Die omzet maakt ongeveer vijf procent van het bruto produkt van de EG uit (in Japan 5,5 procent en in de VS 6,2 procent).

De Europese elektronica- en informatica-industrie is ondervertegenwoordigd in sleutelsectoren zoals de halfgeleiders, randapparatuur voor computers en concumentenelektronica. Het moeilijkst is de positie op informaticagebied. Een en ander heeft geleid tot een toenemend tekort op de Europese handelsbalans voor elektronica. Dat tekort beliep vorig jaar 72 miljard gulden, terwijl Japan en de VS overschotten van resp. 132 en 16 miljard gulden boekten.

Van alle halfgeleiders (chips) neemt Europa slechts 10,5 procent van de produktie voor zijn rekening, tegen Japan 49,5 procent en de VS 36,5 procent. Veertig procent van alle randapparatuur voor computers (schijven, printers, beeldschermen enz.) komt uit Japan; uit de VS komt 25 procent. De Europese produktie is blijven steken op 15 procent. Bij de consumentenelektronica komt 55 procent van de wereldproduktie voor rekening van Japan. De industrie in de EG levert 20 procent van de wereldproduktie.