EG steunt voorstel voor politiemacht VN in Noord-Irak

MONDORF-LES-BAINS, 29 APRIL. De ministers van buitenlandse zaken van de Europese Gemeenschap hebben gisteren unaniem steun gegeven aan het Britse voorstel om de geallieerde troepen die in het noorden van Irak vluchtelingenkampen voor de Koerden hebben opgezet te laten vervangen door een politiemacht van de Verenigde Naties.

Het voorstel gaat nu naar de VN, die eind vorige week al aankondigden dat wordt gewerkt aan het overnemen van de internationale hulpoperatie voor de Koerden in Noord-Irak.

Volgens de Europese ministers is voor een dergelijke overneming geen nieuwe resolutie nodig van de Veiligheidsraad, zoals sommige VN-juristen menen. Resolutie 688 verbiedt Irak namelijk om de internationale hulpverlening aan de burgerbevolking te belemmeren. Van een militaire aanwezigheid zou in de visie van de Europese ministers geen sprake zijn omdat de voorgestelde VN-politiemacht een zuiver civiel karakter moet krijgen en slechts licht bewapend wordt.

De Europese ministers hadden het afgelopen weekeinde een informele bijeenkomst in het Luxemburgse Mondorf-les-Bains, waar onder andere de hulpoperatie aan de Koerden op de agenda stond. Geconstateerd werd dat de hulpoperatie van de VS, Frankrijk, Groot-Brittannie, Italie en Nederland volgens plan verloopt en dat het humanitaire karakter ervan kan worden onderstreept door haar aan de VN over te dragen. Volgens de Luxemburgse minister Jacques Poos, tot juli de voorzitter van de raad, was de “enige geldige politiek” op het ogenblik om de nationale militaire strijdkrachten te vervangen door een politiemacht van de Verenigde Naties.

“De gedachte aan militaire bezetting is verre van ons”, zo zei minister Van den Broek daarover. De minister legde er de nadruk op dat de geallieerde militaire presentie een humanitair karakter heeft en tijdelijk moet zijn. Er moet volgens hem nu een politieke oplossing komen die garandeert dat de Koerden niet langer worden onderdrukt. Wat betreft het akkoord dat een aantal Koerdische leiders hebben gesloten met Saddam Hussein toonden de Europese ministers zich niet al te optimistisch. Akkoorden met de Iraakse president hebben in het verleden bewezen geen “al te hoge geldigheid” te bezitten, zo was de algemene opinie. “Tegen elk akkoord met Saddam Hussein kijken we met veel reserve”, zo zei minister Van den Broek.

Er moeten daarom voldoende garanties worden geschapen om te bwerkstelligen dat de Koerdische vluchtelingen met vertrouwen kunnen terugkeren naar hun woonsteden. De vraag hoe groot de VN-politiemacht zou moeten worden was nog niet duidelijk. De Italiaanse minister van buitenlandse zaken, Gianni De Michelis, meende dat die even groot zou moeten zijn als de militaire macht die de geallieerden nu in het noorden van Irak hebben, ongeveer 9000 man, maar anderen meenden dat wel 17.000 man nodig zouden zijn. Volgens Hurd zou de VN-macht bovendien luchtsteun tegen het Iraakse leger nodig hebben.