Wisselvallige beurs blijft in spoor van Wall Street

ROTTERDAM, 27 APRIL. Een wisselvallige Amsterdamse effectenbeurs volgde de economische ontwikkelingen in de VS deze week weer op de voet. Het blijft opvallend dat de koersen op het Damrak sedert januari in navolging van Wall Street circa 20 procent zijn gestegen, terwijl de economische ontwikkelingen in de VS en Nederland sterk uiteen lopen.

Per saldo waren de koersfluctuaties en aandelenomzetten op het Damrak deze week niet spectaculair. CBS-stemmingsindex, die gisteren sloot op 95,6, boekte over de gehele week een verlies van 0,4 punt.

Ook Wall Street sloot de week af met een licht verlies: de Dow Jones-index van dertig industriele aandelen eindigde ten opzichte van donderdag 8,66 punten lager op 2912,38.

De OESO, de organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling, komt in een recente studie met een correlatie coefficient voor aandelenmarkten: een nulwaarde betekent dat er geen relatie bestaat tussen de koersbeweging op twee markten, een betekent dat de koersontwikkeling op de twee markten volledig synchroon verloopt.

Uit de OESO-studie blijkt dat de correlatie tussen New York en Londen tussen eind jaren tachtig stond op 0,59, met Frankfurt op 0,45 en met Parijs op 0,44. Maar de Amsterdamse effectenbeurs spande de kroon met een correlatie van maar liefst 0,67. Ruw gezegd: de koersmutaties in New York 'verklaren' 67 procent van de koersveranderingen op het Damrak.

Zo werd de opleving van Koninklijke Olie, dat deze week een hoogterecord aller tijden bereikte op 159,30 gulden, bepaald door de ontwikkeling van de Amerikaanse economie: de dollar steeg deze week verder en bovendien profiteerde Koninklijke van opvallende goede interim-resultaten bij een aantal Amerikaanse olieconcerns.

De recessie in de VS, die vorig jaar zomer begon heeft volgens veel economen weliswaar zijn dieptepunt bereikt, maar Europa bevindt zich in een veel eerder stadium van de economische teruggang. Economen menen dat Nederland in het kielzog van Duitsland misschien wel zes maanden bij de VS achterloopt.

Hoewel de meeste Europese landen zich in een eerdere fase van de economische cyclus bevinden zijn de Europese aandelenmarkten in navolging van Wall Street, gerekend in lokale valuta, sedert januari met twintig tot dertig procent gestegen.

Een verklaring is dat de introduktie van betere communicatie- en handelssytemen heeft geleid tot een forse toename van de internationale handel in aandelen. Daarnaast zijn veel internationals genoteerd op meer dan een aandelenmarkt. Zo zijn de aandelen van Unilever, Koninklijke, KLM, Internationale Nederlanden Groep en ABN Amro tevens genoteerd op Wall Street. Tenslotte is het koersverloop van veel fondsen in toenemende mate afhankelijk van de buitenlandse resultaten van het bedrijf. De Britse topfirma's boeken een-vijfde van hun winst in de VS, Zwitserse firma's een-derde en Nederlandse bedrijven zelfs twee-vijfde.

Bij de individuele fondsen was de BAM Groep (bouwnijverheid), genoteerd op de lokale markt, deze week een van de grootste stijgers.

Het aannemingsconcern verraste woensdag met het bericht dat de winst vorig jaar is gestegen tot netto 25 miljoen gulden, twintig procent meer dan in 1989. Een andere winnaar was het marktonderzoeksbedrijf Inter-View Europa, dat bekend maakte dat de netto winst is verdubbeld.

Fokker, dat deze week ontkende ooit een fusie met British Aerospace te hebben overwogen, steeg ook fors, hoewel de koers van het aandeel, gezien de onzekere toekomst verwachtingen, weinig kans lijkt te hebben om het beter te doen dan het CBS-koersgemiddelde.

Opmerkelijk was deze week de constatering van directievoorzitter F. von Balluseck van de Kas-Associatie dat de professionele beurshandel evenals particuliere beleggers nauwelijks heeft geprofiteerd van de forse koersstijgingen op de Amsterdamse effectenbeurs. De Kas-Ass, zelf ook op de beurs genoteerd, financiert de professionele effectenhandel en verzorgt de afwikkeling, betaling en levering (clearing en settlement) van effecten.

In het eerste kwartaal is de omzet op de beurs met circa 8,8 procent gestegen tot 104 miljard gulden, waarvan 40,5 miljard in aandelen.

Maar de Kas-Ass heeft in vergelijking tot het eerste kwartaal van 1990 aanzienlijk minder krediet hoeven te verlenen aan effectenhandelaren voor de financiering van hun posities. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de commissionairs en hoeklieden de posities zo laag mogelijk wilden houden.

Ook de particuliere beleggers zijn in de eerste maanden van dit jaar minder actief geweest dan vorig jaar. Von Balluseck wijst erop dat het aantal transacties afnam, terwijl de omzet steeg.