Introdans brengt in het laatste programma van dit seizoen drie premieres; Dansers soms beter dan choreografen

Gezelschap: Introdans. Premieres: *Elysios; choreografie en licht: Gianfranco Paoluzi; muziek: Gianandrea Gazzola; kostuums: Quirino Conti. *Garcin, Ines en Estelle; choreografie: Norbert Taatgen; muziek: Angelo Badalamenti en Nino Rota; kostuums: Pamela Homoet; decor: Willem Wits. *Greenfields of America; choreografie: Mark Bruce; muziek: Martin Simpson; kostuums: Sarah Deane. Gezien: 26- 4, Schouwburg Arnhem. Daar nog te zien: 27-4; verder tot 15-6 op tournee.

Het vierde en laatste programmablok van Introdans in dit seizoen bevat drie premieres waarvan er twee speciaal voor de groep gecreeerd werden. Dat zijnGarcin, Ines en Estelle van Norbert Taatgen, die daarmee zijn vierde werk voor Introdans maakte, en Greenfields of America van de nog jonge Britse choreograaf Mark Bruce.

Taatgen, die zich vooral heeft doen kennen als een dansmaker met een nogal grillig idioom en theatrale ideeen, hanteert ditmaal een veel strakkere en ingehouden stijl. Als uitgangspunt koos hij Sartre's Huis Clos, waarin drie mensen gedoemd zijn tot samenleven in een verstikkende situatie, een hel dus. Een jonge meisje verlangt naar de liefde van een man die zijn zinnen heeft gezet op een andere, oudere vrouw die op haar beurt een relatie met het jonge meisje ambieert.

Norbert Taatgen weet dat gegeven niet echt duidelijk of pregnant over het voetlicht te brengen. De choreografische structuur is daarvoor te mager en de muziekkeuze te zoetelijk. De ware emotionele wanhoop is niet wezenlijk terug te vinden in het overigens wel fraaie lijnenspel.

Inhoudelijk wat te hoog gegrepen dus. Maar de uitvoerende Mirjam Diedrich, Elisabeth van Veenendaal en David Newson wisten door hun sterke en gekunde vertolkingen het ballet een meerwaarde te geven.

Aardig en onpretentieus was Greenfields of America van Mark Bruce op muziek van Martin Simpson die zich baseerde op Amerikaanse volksliedjes. Het heeft pittige, heel natuurlijk doorvloeiende bewegingen en een aangename vaart en het is opgebouwd uit twee groepsdelen met daartussen solo's, een trio en een duet. De twee dansers en de vier danseressen voelden zich er zichtbaar lekker in, waarbij Frank Holstein en Catherine Poncet extra opvielen in hun trefzekere, sfeervolle solo's.

Mooi van lijn en goed door Frank Holstein, Dik Smits en Sjoerd Vreugdenhil gedanst was ook het trio dat Gianfranco Paoluzi oorspronkelijk in 1987 voor het Balletto di Toscana maakte. Het roept reminiscenties op aan de sportieve activiteiten van Griekse jongelingen uit de Oudheid. Hun doortrainde atletische lijven strekken en buigen zich unisono in rustige, lange wijde bewegingen en soms zijn zij als vurige doch stevig in toom gehouden paarden die goden door het luchtruim voeren. Jammer dat het bewegingsmateriaal niet bijster gevarieerd was en een constante opstelling in een driehoeksformatie die zich slechts langs horizontalen verplaatst, weinig opwindend.