Spel om de macht

EN WEER ZIJN de afgelopen dagen de tegenstanders van Gorbatsjov te hoop gelopen, en weer is de aanval afgeslagen: in het spel om de macht heeft de Sovjet-leider zich voor de zoveelste keer de sterkste getoond.

Bij elke nieuwe aanval op Gorbatsjovs positie lijken zijn aanvallers, de zwarte kolonels in de Sojoez-fractie van de Opperste Sovjet, de boze nomenklatoeristen, het eindeloze platteland en de ongeduldige hervormers, steviger in hun schoenen te staan. Elke nieuwe aanval lijkt meer kans te maken dan de vorige. Het is immers duidelijk dat de crisis doorvreet en dat Gorbatsjov de toestand steeds minder onder controle heeft. De stakers in de Oekraine, Kazachstan en Wit-Rusland, de opstandige republieken, de critici van links en rechts en rivalen in de coulissen als Boris Jeltsin, worden, ook al hebben ze uiteenlopende motieven, huns ondanks bondgenoten.

EN TOCH is de poging om Gorbatsjov te wippen ook deze week mislukt, en weer is dat te danken aan Gorbatsjovs bedrevenheid in het spel om de macht. Hij behaalde zijn nieuwe zege in twee etappes: dinsdagavond bereikte hij overeenstemming met de leiders van negen republieken (inclusief Boris Jeltsin) over het Unieverdrag en urgente maatregelen tegen de economische degeneratie. Dat akkoord past niet in het anti-crisisplan van Gorbatsjovs eigen premier, maar het biedt wel mogelijkheden om het veelkoppige monster van de crisis te lijf te gaan en vooral: het appaiseerde zowel Jeltsin als de rebellerende republieken.

Een dag later hield Gorbatsjov het Centraal Comite, waarvan een niet onbelangrijk deel uitdrukkelijk naar het Kremlin was gekomen om hem te wippen, een paar harde waarheden voor: over het ontbreken van een alternatief voor Michail Sergejevitsj Gorbatsjov bijvoorbeeld, over het machtsvacuum dat na zijn vertrek zou ontstaan, over de chaos en de dictatuur die onvermijdelijk zouden zijn.

En hij deed meer. Hij goot die harde waarheden in het het taalgebruik dat bij deze gelegenheid bij zijn doelgroep paste, de orthodoxen. Hij koos voor het oude, vertrouwde partij-jargon, hij appelleerde aan hun partijverantwoordelijkheid, aan hun plicht voorhoede te blijven, aan hun taken jegens het volk en uiteindelijk dreigde hij met aftreden.

Die combinatie - harde waarheden in het warme bed van het jargon waarin hele generaties van partij-activisten zijn grootgebracht - bracht de orthodoxe aanval tot staan: de trukendoos van Gorbatsjov had weer gewerkt en het Centraal Comite was aan het eind van zijn Latijn zo mak als een kudde schapen.

DIT ALLES heeft slechts zijdelings te maken met de crisis in de Sovjet-Unie. Het heeft vooral te maken met Gorbatsjovs positie, want intussen staken driehonderdduizend mijnwerkers gewoon door en verlangen de Balten en Kaukasiers onverminderd naar hun onafhankelijkheid. Het gaat hooguit om een pauze in de strijd om de macht, waarin Gorbatsjov een nieuwe zege heeft geboekt. Maar die zege is wel belangrijk, want als Gorbatsjov zou zijn (of op korte termijn zal worden) gewipt lijkt de keus onvermijdelijk te gaan tussen chaos en dictatuur. Gorbatsjov won het pleit, en hij had met zijn harde waarheden wel gelijk.