Publiekgemaakte telefoongesprekken drijven Spaanse socialisten in het nauw; 'De God van Spanje vergist zich vaak'

MADRID, 26 APRIL. Met een klap die tot ver buiten Madrid te horen was, is gisteren de top van de regerende socialistische partij van Spanje (PSOE) uiteengevallen. De breuklijn verloopt volgens een voorspelbaar patroon: aan de ene kant de regering onder leiding van premier Gonzalez en gedomineerd door de technocratische minister van economische zaken Carlos Solchaga, aan de andere kant het partijkader onder aanvoering van de voormalige vice-premier Alfonso Guerra.

De aanleiding voor de ontploffing is een zakelijk conflict over de financiering van goedkope woningen. Maar de vonk die de explosie veroorzaakte lijkt meer op zijn plaats in een goedkope spionagefilm of een cabaretsketch dan binnen een politieke partij die zich zorgen hoort te maken over de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen die over precies een maand worden gehouden.

Radioluisteraars in heel Spanje begonnen gisteren de dag met het aanhoren van een gesprek dat eigenlijk niet voor hun oren bestemd was.

Het werd met behulp van zijn autotelefoon gevoerd door Txiki Benegas, de 'nummer drie' van de PSOE, en afgeluisterd door onbekenden die een bandopname doorspeelden naar het radiokanaal SER. Aan de andere kant van de lijn bevonden zich achtereenvolgens een journalist en een advocaat, beiden goede vrienden van Benegas. Om die reden nam de politicus geen blad voor de mond bij het analiseren van recente gebeurtenissen. Premier Gonzalez, die hij spottend aanduidde als 'God', was in deze analyse 'het probleem' van de partij, omdat hij zich “vaak vergist”. Solchaga, door Benegas consequent 'de dwerg'

genoemd, bevond zich volgens Benegas “op het verkeerde pad”. Vice-premier Narcis Serra, 'de Catalaan', was zich daarvan weliswaar bewust, maar weigerde actie te ondernemen.

Politici en commentatoren van alle richtingen waren gisteren eensgezind in hun veroordeling van de afluisterpraktijken. De meningen verschilden echter over de vraag of het radiostation, eenmaal in het bezit van de banden, tot openbaarmaking had mogen overgaan. Benegas diende 's middags een klacht in tegen de afluisteraars, maar een woordvoerder van de regering zei nog te bestuderen of ook de makers van de uitzending voor het gerecht kunnen worden gebracht. Het doorgaans regeringsgezinde dagblad El Pais schreef vanochtend in een hoofdartikel dat het belang van de vastgelegde uitspraken de schending van Benegas' privacy in dit geval rechtvaardigde en verwoordde daarmee de mening van velen. De omstreden opmerkingen leveren immers het bewijs voor wat al lang werd vermoed maar door de PSOE tot dusver officieel steeds werd ontkend: binnen de regeringspartij woedt een keiharde richtingenstrijd, die haar functioneren ernstig belemmert en waarbij het evenzeer om personen als om zaken gaat.

Dat ook de positie van premier en partijleider Gonzalez zelf daarbij in het geding is, kwam echter toch nog als een schok en verklaart de omvang van de opschudding die door de radiouitzending is ontstaan.

Gonzalez is immers niet alleen al een generatie lang de onbetwiste baas binnen de PSOE, maar ook voor een groot deel persoonlijk verantwoordelijk voor het aanhoudende electorale succes. Radio en televisie lasten gisteren en vanmorgen extra uitzendingen in over de afluisteraffaire en een enkel dagblad bracht zelfs een extra editie uit.

In alle commentaren werd er op gewezen dat de problemen die nu aan het licht zijn getreden, al waren ingebouwd in het nieuwe kabinet dat Gonzalez begin maart presenteerde. Voor het eerst ontbrak daarin als vice-premier Alfonso Guerra, bijna vijfentwintig jaar de vertrouweling en rechterhand van de premier. Guerra trad eerder dit jaar uit de regering terug en ging zich geheel aan activiteiten binnen de partij wijden; niet alleen omdat hij via een familielid verwikkeld was geraakt in een zakelijk schandaal maar ook, zoals meer en meer duidelijk wordt, omdat hij het oneens was met de sociaal-economische koers van het kabinet. De nieuwe ministersploeg had een liberaler en meer technocratisch karakter en Gonzalez maakte bij herhaling duidelijk dat hij een duidelijker scheiding wilde aanbrengen tussen de belangen en de opvattingen van de partij aan de ene kant en het regeringsbeleid anderzijds.

De onvrede hierover kwam begin vorige week voor het eerst tot uitbarsting naar aanleiding van het programma waarmee de PSOE de gemeenteraadsverkiezingen van 26 mei aanstaande hoopt te winnen.

Daarin werd een plan voor de bouw van vierhonderdduizend nieuwe woningen gelanceerd, die gefinancierd zouden moeten worden door particuliere banken te dwingen tot het verschaffen van hypotheken tegen een gereduceerde rente. Carlos Solchaga, minister van financien en economische zaken, noemde het plan kort na publikatie onuitvoerbaar en schadelijk voor de Spaanse economie. Benegas, verantwoordelijk voor de organisatie van het partijapparaat, antwoordde dat hij alleen belangstelling had voor de mening van de minister-president. Deze velde afgelopen vrijdag na een uren durend beraad met het voltallige kabinet een Salomonsoordeel: de partij handhaaft haar verkiezingsbelofte, maar de regering moet nog zien hoe daarvoor financiering kan worden gevonden.

Ook na dit besluit bleven Solchaga en Benegas elkaar echter publiekelijk bestoken. De eerste met opmerkingen over de noodzaak van verdere liberalisering van de Spaanse economie, de tweede door de aankondiging dat hij iedere keer in het openbaar zou reageren wanneer de minister iets zou zeggen dat niet strookte met de opvattingen van de partij.

De nieuwe minister van openbare werken Jose Borrell gooide dinsdag nog meer olie op het vuur door er in een bijeenkomst met vertegenwoordigers van grote bouwondernemingen op aan te dringen dat ze zouden ophouden met het verrichten van betalingen aan politieke partijen in ruil voor de toewijzing van overheisopdrachten.

Verscheidene PSOE-functionarissen reageerden geschokt op deze vermaning, die de indruk zou kunnen wekken dat een dergelijke praktijk inderdaad gegroeid is tijdens de negen jaar dat de socialisten nu in Spanje regeren. “Het lijkt wel of er een nieuwe partij aan de macht is gekomen, die wil breken met het vorige bewind”, zei een prominente socialist. Borrell trachtte uit te leggen dat hij het zo niet bedoelde, maar ondernemers die aan het gesprek hadden deelgenomen verzekerden dat de minister wel degelijk had gesproken over al verrichte betalingen.

Dat de PSOE zich intensief met het bedrijfsleven bemoeit is overigens geen geheim en blijkt ook weer uit de bandopnames van Benegas'

autotelefoon. Daarin bespreekt hij namelijk ook de 'globale plannen' die de loterij-organisatie ONCE samen met de Italiaanse media-magnaat Silvio Berlusconi heeft voor deelname in Spaanse media. ONCE is een organisatie door en voor blinden die onder toezicht van het ministerie van sociale zaken staat en het landelijke monopolie op het houden van loterijen bezit. De afgelopen jaren heeft deze organisatie aandelen verworven in commerciele televisie, radio en het dagblad El Independiente. Volgens sommige critici staat ONCE te dicht bij de regering en de socialistische partij en zou daardoor de onafhankelijkheid van de pers in gevaar komen. De PSOE heeft tot dusver echter steeds ontkend dat zij invloed heeft op het investeringsbeleid van dit instituut.

Niet bekend