Politie opent met hasjbende 'gigantische beerput'

ROTTERDAM, 26 APRIL. Als een ware wervelwind zijn de 250 politiemensen, rechter-commissarissen en officieren van justitie op 9 april tekeer gegaan. Op 64 adressen van de leden van de vermeende hasjbende werd alles wat los en vast zat en van enige waarde was - van Rolls tot Rolex - in beslag genomen. Ook de kleine ruimte onder het bad van Walter W. in Diemen bleef niet onopgemerkt: er lag vijfhonderdduizend gulden.

“Er is ook van mijn cliente voor een riant bedrag aan spullen in beslag genomen”, zegt advocaat mr. H. Koning in Den Haag die mevrouw S. bijstaat. Zij is de echtgenote van de 34-jarige Piet S. in Voorburg die volgens Justitie samen met zijn vrouw schatten heeft verdiend aan handel in hasj. “Mijn client barstte in lachen uit toen hij de absurde belastingaanslag van meer dan 30 miljoen gulden zag”, vertelt de raadsman van Piet S., mr. M.C.L. Hattinga en Verschure.

Goed, hun clienten waren gefortuneerd, zeggen de raadslieden. Maar al dat geld heeft Piet verdiend als werknemer van een onroerend goedbedrijf en vooral in de autohandel. Piet werkte met vrienden in het bedrijf Muvicom in Voorburg, bij de Kamer van Koophandel bekend als een groothandel in automobielen. Alle luxe auto's die de politie op de dag van de arrestaties met veel vertoon op de televisie liet zien, waren gewoon handelswaar, aldus de raadslieden.

Uit de 26 omvangrijke dossiers vol met strafbare feiten die het speciale rechercheteam Sinis - een verwijzing naar sinister - heeft samengesteld, blijkt volgens de politie dat de elf opgepakte verdachten de auto- en onroerend goed bedrijven slechts als dekmantel gebruikten voor hun werkelijke handelswaar: hasj.

De zes hoofdverdachten - van wie er een nog spoorloos is - hadden een hoofdkwartier in een pand in de Kerkstraat in Amsterdam. Daar stond als voornaamste wapen een telefoon waarmee over de hele wereld zaken werden afgesloten die overigens ook allemaal ruim twee jaar lang door de politie op de band zijn opgenomen. Hier werden medewerkers ontvangen die met forse sommen geld op pad werden gestuurd om schepen en hasj te kopen in landen als Libanon of Marokko. Het pand was een soort bank van lening en import- en exportbedrijf voor de hasjhandel.

Aan de hand van de onderschepte transporten schat de politie dat de hoofdverdachten de afgelopen jaren een paar honderd miljoen gulden aan handel in hasj hebben verdiend. Ze waren al een paar jaar actief en beschikten over een vloot van een tiental zeewaardige schepen die ondergebracht waren bij in Nederland, Panama en Costa Rica geregistreerde BV's.

De tientallen centimeters dikke dossiers vermelden in elk geval zeven transporten met schepen die mislukten. De in de afgelopen twee jaar opgebrachte schepen Moena, Rytowe, Simon de Danser, Oyster, Gerdina II, Sea Ranger en Frontier werden volgens de politie 'gerund' door de hoofdverdachten. Deze in verscheidene landen onderschepte boten vervoerden een totale hoeveelheid hasj van enige tienduizenden kilo's.

Een nauwkeurige schatting is niet mogelijk omdat veel hasj voor de komst van de douane overboord werd gezet en er een keer een rubberboot van verdachten met lading en al is omgeslagen.

De enige boot die de hoofdverdachten zelf betraden, was een plezierjacht. Het vuile werk werd opgeknapt door koeriers die de afgelopen jaren ook menige belastende verklaring hebben afgelegd. De bende zou zich ook hebben schuldig gemaakt aan produktie van de drug Ecstasy, diefstal van een vrachtwagen met audio-apparatuur, vervoer van hasj in containers, heling, fiscale delicten en afpersing van een man in Rotterdam.

De organisatoren moeten volgens Justitie bijkans een dagtaak hebben gehad aan het witten en wegsluizen van criminele inkomsten. Voor de administratieve expertise werd volgens de politie gebruikt gemaakt van twee boekhouders, onder wie de 36-jarige directeur van beleggingsmaatschappij Kolk in Voorburg, die zich statutair bezighield met “het beleggen van vermogen in effecten, onroerend goed en hypothecaire schuldvorderingen”. De andere opgepakte financiele kracht is een afgestudeerde 49-jarige econoom uit Voorburg die tot voor enkele jaren bij de Postbank werkte en nu in de WAO loopt.

De advocaten van de administratieve krachten betogen dat de rol van hun clienten door de politie zwaar wordt overdreven. De directeur van de beleggingsmaatschappij werkt volgens zijn advocate mr. B. Gosschalk voor zo'n tweehonderd klanten. “Via een tussenpersoon deed hij af en toe ook zaken voor deze hoofdverdachten. Hij had niets te maken met de hasjhandel maar hij kan zijn zaak na deze politie-actie wel sluiten.”

De econoom uit Voorburg is volgens zijn raadsman mr. F.W. Huizinga eveneens een onbeduidend radertje in de organisatie. “De heren directeuren en aandeelhouders verdeelden de centjes. Mijn client vulde slechts tegen een minimale vergoeding van hooguit 2.000 gulden per jaar aangiften in. Het materiaal kreeg hij aangereikt.”

Huizinga zegt dat de econoom nu in harmonieuze samenwerking met de medewerkers van de Fiod de administratie aan het doornemen is. De verdachte is gewoon een beetje naief geweest. “Ik heb hem ook gezegd dat het stom was om prachtige oogkleppen op te zetten terwijl je op je klompen kon aanvoelen dat er iets mis was”, aldus Huizinga.

De politie is de bende begin 1989 op het spoor gekomen naar aanleiding van de moord op de Rotterdamse gokkoning Bestebreurtje. De inmiddels veroordeelde dader van dit misdrijf behoorde tot een groep mannen die een nauwe band hadden. “De politie trok een gigantische beerput open”, zegt een van de advocaten.

Hoofdinspecteur H. van den Berge van de Haagse politie zegt dat de hoofdverdachten onder andere “hoge contacten” onderhielden met cocainehandelaren in Zuid-Amerika. Uit de politiedossiers komen aanwijzingen naar voren over contacten met het drugskartel van Cali.

Zo hebben drie verdachten die vorig jaar in Venlo werden opgepakt na 125 kilo cocaine uit Cali te hebben afgenomen van Duitse undercover-agenten, verklaard vijf ton te hebben gekregen van een van de nu opgepakte hoofdverdachten voor de aanschaf van de hard drugs.

Twee Colombianen die door het Cali-kartel naar Nederland zijn gestuurd om zaken te doen, konden met 170 kilo cocaine worden aangehouden in een woning in Diemen. Het huis is eigendom van hoofdverdachte W.W. die het weer had verhuurd aan Jaap - de broer van hoofdverdachte Piet S. - die op zijn beurt de Colombianen onderdak had geboden.

Volgens een inwoner van Den Haag - die de meeste verdachten al jaren kent - hielden alle hoofdverdachten er al jaren rekening mee dat ze door de politie in de gaten werden gehouden. “Ze zeiden zeker te weten dat hun telefoon werd afgeluisterd en sommigen hadden het vermoeden dag en nacht te worden geobserveerd”. Volgens hem waren de verdachten er echter zo zeker van dat ze hun zaakjes via een netwerk van BV's goed geregeld hadden dat ze ervan uit gingen dat Justitie ze niet kon pakken. “Ze zwaaiden wel eens naar leden van het observatieteam” zegt een justitiele bron.

De hoofdverdachten schroomden dan ook niet hun succes te tonen. Voor de omgeving was het soms wel wennen. Zoals voor die vriendin die tegenover de politie heeft verklaard dat ze 's avonds opeens werd opgehaald door haar vriend in een Rolls Royce, terwijl hij normaal in een kever reed. Kom mee, we gaan een eindje rijden, zei hij dan. Drie vriendinnen die wegens heling en medeplichtigheid werden opgepakt, zijn inmiddels weer vrijgelaten.

Het Theaterfestival