Iedereen loert op brouwer van Urquell

PLZEN, 25 APRIL. Pils, Pilsen, Plzen: voor de Tsjechen is de stad ten westen van Praag synoniem voor bier en daarmee voor vertier. Elke dag verlaten vele duizenden liters bier de brouwerij van Prazdroj - fabrikant van Pilsner Urquell - om in alle delen van het land te worden verkocht. Tsjechen behoren met Duitsers en Belgen tot de grootste bierdrinkers ter wereld.

Tijdens de parlementsverkiezingen van vorig jaar juni was er - voor de grap - zelfs een Partij van de Bierdrinkers opgericht, met het hoofdkwartier in Plzen. De brouwerijen van Prazdroj zijn op grote afstand al zichtbaar: pluimen stoom stijgen op uit de schoorstenen, vrachtwagens rijden af en aan. In 1842 begonnen de brouwers van Plzen met de bierproduktie, nu verlaat jaarlijks 1,3 miljoen hectoliter de fabriekspoort. De Prazdroj-brouwerij behoort tot de meest winstgevende ondernemingen in Tsjechoslowakije, en is daarmee een gewild object voor de privatisering. “Wat dacht u van een glas bier”, grapt Stanislav Svec, de commercieel directeur, 's morgens om half negen. De Tsjechen beginnen hun werk doorgaans vroeg, om zes uur. In de loop van de ochtend, zo rond 11 uur, wordt de flesopener voor de dag gehaald en bij een maaltijd een glas bier genuttigd. In de fabrieken staan de flessen bier vaak zorgvuldig opgeborgen in een emmer met koel water.

“Het is een kwestie van gewenning”, zegt Svec, “wij hanteren in Tsjechoslowakije een ander werkritme”. Drie maanden geleden begon Svec met zijn werk als commercieel directeur, nadat een bovenlaag van oude managers uit de nomenklatura aan de kant was gezet. Overal in het land heeft Prazdroj verkooppunten, er wordt goed verkocht maar marketing is een nieuw facet dat Prazdroj zich eigen wil maken. “We kunnen bier maken maar we moeten onze marketingsector nog verbeteren”. Tot vorig jaar was de bierexport in handen van het staatshandelsbedrijf KOOSPOL, Prazdroj moest alleen volgens het plan bier brouwen. “KOOSPOL had helemaal geen verstand van bier, of van export. Er waren altijd fricties en obstakels.” Prazdroj begon zelf met de export, elk jaar gaan 400.000 hectoliter naar het bier drinkende buitenland. De grootste afnemer is Duitsland, gevolgd door de VS en Groot-Brittannie. Voor Prazdroj is de exportmarkt in korte tijd veranderd. Het plan verplicht de verkoop van bier naar andere socialistische landen via de transferabele roebel, of ruilhandel. Nu verkoopt Prazdroj alleen nog tegen harde valuta. “De Sovjet-markt is voor ons helemaal ingestort. We verkopen er niets meer, er is zelfs geen contract. De Russen kunnen niet betalen”. Toch kreeg Svec via de fax een noodkreet uit de Sovjet-Unie. “De Russen hebben het bier nodig voor hun 'harde valuta-hotels', ze zitten knel”. De Hongaarse markt is gebleven en de Polen kopen ook nog het Prazdroj-bier, maar het zwaartepunt van de export is verschoven naar het Westen. Prazdroj is nog steeds een staatsbedrijf maar als het aan Svec ligt komt daar snel verandering in. Tsjechoslowakije is begonnen met de privatisering van de kleine bedrijven, winkels en restaurants, maar de grote ondernemingen zijn pas later aan de beurt. “De Tsjechen zullen het eerst aankloppen bij winstgevende bedrijven als Prazdroj. Ze hebben weinig geld en zullen alleen aandelen kopen van een onderneming met toekomst.” Maar voor de staat is Prazdroj een goede melkkoe, en Prazdroj betwijfelt of de overheid het bierbedrijf zomaar uit handen geeft. “Ik verwacht dat de staat 30 procent van de aandelen zal houden zodra Prazdroj op de beurs wordt aangeboden.” Niet alleen Tsjechen, ook het buitenland loert op het bedrijf uit Plzen. De Duitse bierfabrikant Binding, producent van onder andere Klausthaler, heeft een oogje op Prazdroj dat het bier brouwt volgens het 'Reinheitsgebot'. Maar Prazdroj wil geen overname zoals het Tsjechische autobedrijf Skoda dat voor 70 procent in handen komt van Volkswagen. “De buitenlandse bedrijven komen bij de aankoop van aandelen pas in de tweede ronde aan de beurt. De eerste schijf moet onder Tsjechen worden verkocht.” Toch zoekt het bierbedrijf met 2.500 personeelsleden een partner in het Westen. “Ons probleem is en blijft de marketing. We willen meer verkopen in West-Europa, de VS en het Verre Oosten. Maar we kennen de markten vaak niet, we hebben er te weinig ervaring.” Prazdroj denkt erover buitenlandse managers in dienst te nemen voor de marketing. “Een goede marketingmanager kan rekenen op zo'n 20.000 D-mark per maand, het veelvoudige van wat ik verdien. Maar als hij voor ons de poorten in het Westen opent, profiteert ook Pilsner Uerquell.”