Delft Instruments kan zonder defensie-opdrachten overleven

AMSTERDAM, 26 APRIL. Een grote calamiteit. Ir. R.V. Kingma, voorzitter van de raad van bestuur van Delft Instruments heeft er geen andere woorden voor. Nadat voor de tweede maal in Irak apparatuur van Delft in aangetroffen die daar alleen illegaal kon terechtkomen, is het bedrijf ernstig in discrediet geraakt. En in de rode cijfers.

Het blazoen is besmet, erkent Kingma. “Ik ging door de grond toen ik het hoorde. Er zijn fouten gemaakt. Ik heb er slapeloze nachten van gehad.” De suggestie om maar te vertrekken, gedaan door de Industriebond FNV, wijst hij evenwel resoluut af. “Dit is gebeurd onder mijn leiding. Ik draag die verantwoordelijkheid. Het is dan ook mijn taak om ons opnieuw van dit probleem te verlossen. We moeten in de toekomst zonder smetten zijn.”

In 1988 werd Oldelft, de voorganger van Delft Instruments waar Kingma toen ook de scepter zwaaide, al eens veroordeeld voor illegale levering aan Irak. Het land had apparatuur van de onderneming ontvangen toen het nog oorlog voerde met Iran. Levering van strategische goederen aan 'spanningsgebieden' is verboden. De rechter veroordeelde Delft tot een boete van 25.000 gulden. “Maar de psychologische klap was natuurlijk veel groter”, zegt de bestuursvoorzitter.

Hoe apparatuur van Delft Instruments in Irak kon terechtkomen nadat in augustus vorig jaar een embargo was ingesteld, blijft vooralsnog een raadsel. Zolang Justitie in Nederland en de Amerikaanse overheid hiernaar onderzoek doen, wil Kingma hierop niet ingaan. Evenmin wil hij zeggen wat er gebeurd is met de verantwoordelijke mensen bij IOP Instrubel, de Belgische dochtermaatschappij die de zendingen naar Irak verzorgde.

Liever legt Kingma uit wat Delft Instruments heeft gedaan om herhaling van dit soort problemen te voorkomen. “Want dit mag geen derde keer gebeuren.” Besloten is om voor leveringen van defensie-apparatuur niet alleen toestemming te vragen in het land van waaruit de export plaatsheeft, maar ook in Nederland. “Dat zijn we niet verplicht, maar dan heb je in ieder geval altijd de strengste normen te pakken.” Ook intern is een dubbele controle ingevoerd, zodat exportbeslissingen nooit meer door een persoon kunnen worden genomen. Tegelijkertijd heeft Delft Amerikaanse juristen ingeschakeld om “onafhankelijk onderzoek” naar de toedracht van de omstreden levering te verrichten en met de autoriteiten in de VS te onderhandelen over de straf. “Ze kijken wat er mis is en wat er moet worden verbeterd om het nooit meer te laten gebeuren. Alle informatie moet boven tafel komen”.

Dat Delft bestraft zal worden, staat volgens Kingma wel vast. In de 30 miljoen gulden die ten laste van het resultaat over 1990 is gebracht om de problemen in haar defensiesector te ondervangen is echter geen voorziening getroffen voor een boete. Over de omvang daarvan, die in de miljoenen kan lopen, is nog geen zinnig woord te zeggen, stelt hij.

Kingma hecht er sterk aan snel met de VS-autoriteiten in het reine te komen. Pas dan kan hij bijvoorbeeld weer essentiele onderdelen ontvangen van de Amerikaanse defensiefabrikant Hughes en kan de rust terugkeren in het bedrjf. “Alle acties zijn daarop nu gericht”.

De hinder die Delft in de praktijk ondervindt van de Amerikaanse boycotmaatregel beperkt zich volgens Kingma tot het staken van de produktie van warmtebeeldapparatuur. Die zou slechts “enkele procenten” omvatten van Delfts omzet - vorig jaar 433 miljoen gulden.

Voor de produktie van instrumenten voor industriele en medische afnemers zijn de toeleveringsproblemen “beperkt”. Alternatieven voor de gebruikte Amerikaanse componenten zijn te vinden, zij het dat dit enige vertraging heeft opgeleverd. “Maar we hebben geen produktie gemist en de orderingang in het eerste kwartaal was niet afwijkend”, aldus bestuurslid drs.ir. J.P. Verhaar.

Niettemin dient volgens Kingma een einde te komen aan de “onzekere situatie” waarin Delft verkeert. Hoge prioriteit heeft dan ook een 'strategische herorientatie' gekregen, die - als de opheffing van de Amerikaanse boycot maatregel niet te veel tijd en aandacht vergt - dit jaar moet worden afgerond.

Die herorientatie richt zich vooral op de toekomst van de defensiesector van Delft Instruments. Daarvoor liggen alle opties nog open, varierend van een geleidelijke beeindiging van militaire produktie tot beperking van de levering tot NAVO-landen die niet in een conflict verkeren. “We bekijken welke bijdrage de verschillende defensiesegmenten leveren aan ons draagvlak”, zegt Kingma. “Dan zal blijken of we bepaalde onderdelen moeten handhaven omdat ze technologisch ook van belang zijn voor de medische en industriele sectoren, zoals de activiteiten in optiek en helderheidsversterkers.

Is dat niet zo, dan moet je bezien of je allianties kunt aangaan of de betrokken segmenten moet afstoten.''

Een uitgangspunt ligt er al, zegt Kingma. Het aandeel van defensie in de omzet - voor 1991 begroot op 65 miljoen gulden, 40 procent minder dan in 1990 - zal niet meer groeien, in absolute noch relatieve zin.

Dat is een duidelijke afwijking van de eerdere strategie, die mikte op vergroting van het relatieve aandeel van de produktie voor medische en industriele toepassingen, zonder dat dit ten koste van de militaire poot zou gaan. Volgens Verhaar zijn op dit moment nog slechts zo'n 300 van de ruim 2000 medewerkers actief in het pure defensiewerk. Om dat werk te stoppen zonder dat het tot ontslagen leidt is volgens hem niet eens de door de Industriebond FNV voorgestelde overgangsperiode van vijf jaar nodig.

Ook voor omzet en winst is de militaire produktie strikt genomen niet meer nodig, voegt Kingma daaraan toe. “Met de daling van het aantal defensieopdrachten zijn de afgelopen jaren ook de marges in die sector teruggelopen. En mede door de fusie tussen Oldelft en Enraf, waardoor in februari vorig jaar Delft Instruments ontstond, speelt ruim 85 procent van ons werk zich af in civiele produktie. De resultaten daarin zijn danig verbeterd. Het wegvallen van defensie kunnen we opvangen. Dit bedrijf is gezond.”

Een prognose voor de ontwikkeling van omzet en winst voor het lopend jaar wil Delft Instruments wegens alle onzerheid niet geven. Voor 1992 rekent Kingma in ieder geval weer op winst.

    • Hans Wammes