De teksten van Jenny Holzer moeten Utrecht aan het denken zetten

Vanavond, bij zonsondergang, opent in Utrecht de manifestatie Nightlines, een tentoonstelling in het Centraal Museum en een aantal lichtprojecten, in en rondom de grachtengordel. Een van de meer dan twintig deelnemende kunstenaars is de Amerikaanse Jenny Holzer, die vorig jaar Amerika vertegenwoordigde op de Biennale van Venetie. Zij zal vanavond niet aanwezig zijn. Bregtje M. van der Haak sprak met haar in Hoosick Falls, Ohio. “Zo gauw iets kunst heet, zijn mensen erdoor geintimideerd”.

protect me from what i want. money creates taste. abuse of power comes as no surprise. use what is dominant in a culture to change it quickly. it takes a while before you can step over inert bodies and go.

Dit zijn enkele teksten van de Amerikaanse kunstenares Jenny Holzer die binnenkort over de muren van de Domtoren in Utrecht zullen glijden. Het is de eerste keer dat de woorden van Holzer door middel van laser worden geprojecteerd. Andere plannen voor laserinstallaties zijn nooit gerealiseerd. Wel verschenen dezelfde kreten op T-shirts, stickers, posters, kabelkranten, vliegveldmonitoren en electronische scoreborden.

Behalve in openbare ruimtes trokken Holzers installaties in musea en galeries de laatste jaren steeds meer de aandacht. In 1990 was ze de eerste vrouw die de Verenigde Staten vertegenwoordigde op de Biennale in Venetie. In datzelfde jaar was haar werk ook in Amsterdam te zien in de 'Energieen'-tentoonstelling van Wim Beeren in het Stedelijk Museum. Het Guggenheim Museum in New York wijdde in 1989 een 'overzichtstentoonstelling' aan haar werk; het werd een electronisch bord van 160 meter lengte waarover een selectie van ruim driehonderd boodschappen als een slang naar beneden kroop langs de muren van het spiraalvormige museum.

Niet verf of klei, maar taal is Holzers voornaamste medium. Haar teksten lopen uiteen van simpele slogans tot bespiegelingen en poetische treurzangen. Ze behandelt universele onderwerpen als macht, dood en liefde en ze stelt het kunstwerk als kostbaar verzamelobject ter discussie. Holzer signeert haar werk niet en presenteert opinies die niet noodzakelijkerwijs de hare zijn. De vorm is vaak technisch verfijnd, zoals de laserinstallatie in Utrecht, maar soms ook tijdloos, zoals de marmeren banken en sarcofagen, waar ze teksten in graveert.

Jenny Holzer (1950, Ohio) woont sinds 1985 in Hoosick Falls, met haar man Mike Glier - ook kunstenaar - en haar dochter Lili. Jenny Holzer geeft me een natte afwashand. Ze praat gemakkelijk, speelt met woorden en formuleert heel precies.

Ze vertelt over haar jeugd in Ohio. Haar vader was autohandelaar, haar moeder gaf, voor ze trouwde, paardrijles. Wat ze van de Midwest heeft meegekregen, kan ze niet met zekerheid zeggen: “Misschien het verlangen om direct en eenvoudig te communiceren. Het is daar gewoonte om te zwijgen, tot je precies weet wat je zeggen wilt en dan nog hou je het kort. Het wordt een beetje raar gevonden om uitgebreid over een onderwerp uit te weiden.” Ze herinnert zich dat ze als jong kind altijd aan het tekenen was. Ze zegt: “Toen wist ik al dat ik kunstenaar wilde zijn. Daarna vond ik een tijd dat ik advocaat moest worden, omdat je dan de mogelijkheid hebt om echt iets goeds te doen.

Het werd toch kunstenaar. Maar nog heel lang heb ik, steeds als het met de kunst niet wilde lukken, gedacht: Verdomme, ik had advocaat moeten worden.''

Over de oorlog in de Golf heeft Holzer zich ontzettend opgewonden. Het wordt waarschijnlijk het onderwerp van een nieuwe serie teksten. De vraag of ze uiteindelijk goede kunst wil maken of vooral de wereld wil verbeteren vindt ze misplaatst ('Allebei natuurlijk!'), maar over het daadwerkelijk effect van politiek geladen kunst maakt ze zich weinig illusies: “Ik wil graag geloven dat mijn werk soms mensen aan het denken zet, maar ik denk niet dat het voldoende is. Daarom vind ik dat iedereen, ook ik, een bepaalde hoeveelheid tijd, geld en energie aan puur politieke actie zou moeten besteden, voor de zaken die hij of zij essentieel acht.”

Dat er tegenwoordig meer kunst met een politieke inhoud wordt gemaakt, ziet ze niet als een wezenlijke verandering: “Ik denk dat de modieuze extravaganza van de jaren tachtig saai begon te worden. Door de eeuwen heen is er altijd politieke kunst gemaakt, alleen de laatste tien jaar was het helemaal verdwenen. Yuppie-kunst verveelt snel en nu mag een kunstwerk weer inhoud hebben. Dat is niet echt iets nieuws. Ik hoop wel dat de politieke excessen van de Reagan-jaren tot gevolg hebben dat mensen zich ook werkelijk actiever en kritischer gaan opstellen.”

Na de middelbare school bezocht Holzer enkele universiteiten voor een 'liberal arts' opleiding. Jenny Holzer: “Het was alles bij elkaar een cursus algemene ontwikkeling. Vooral de University of Chicago was leuk, omdat daar een sterke intellectuele traditie bestaat. De Rhode Island School of Design heeft me alleen geholpen door me vreselijk te ontmoedigen. Ik werd er eerst diepbedroefd en uiteindelijk razend. Ik moest er appels en sinaasappels schilderen. Daar heb ik niets tegen, maar het interesseerde me niet. Ik heb altijd het idee gehad dat je in de kunst vrij was om te doen wat je wilde. Als je in de kunst nog niet vrij bent, waar dan wel? De school was het daar niet mee eens. Het liep zeer hoog op en ik heb toen besloten dat ik hoe dan ook door zou gaan met wat ik zelf wilde doen. In die tijd maakte ik abstracte schilderijen. Ik hield heel veel van Rothko, van Ad Reinhardt. Dat vind ik nog steeds heel mooi, maar ik hou bijvoorbeeld ook van Polke en Richter. Na die afschuwelijke school werd ik in 1977 aangenomen voor het Independent Study Program van het Whitney Museum in New York.

Daar heb ik nog het meeste gehad aan de gastcolleges van kunstenaars. In dat jaar ben ik begonnen met het schrijven van mijn eerste serie, de Truisms. Ik was altijd meer geinteresseerd in beeldende kunst. Maar ik wilde geen sociaal-realistische schilderijen maken, dus toen ontstond het idee om het gewoon te zeggen, om het op te schrijven.''

In die tijd begon ze ook te experimenteren met kunst in openbare ruimtes. De Truisms werden op posterformaat gedrukt en op muren in Manhattan geplakt. Later volgden het grote 'Spectacolor Board' op Times Square, het Sony JumboTRON scorebord in San Francisco's Candlestick Park en het televisiekanaal MTV. Holzer: “Ik probeer altijd een indruk te krijgen van de reacties op mijn werk. Ik hang bijvoorbeeld graag een beetje rond op straat, in de buurt van waar mijn posters terecht gekomen zijn. Soms schrijven mensen me terug op de muur, of ze passen de tekst aan. Ze lopen ook vaak door natuurlijk, want mensen op straat zijn meestal op weg ergens naar toe. De teksten voor de straat probeer ik dan ook kort en simpel te houden. De electronische kabelkranten zijn bij uitstek geschikt, en televisie uiteraard. Die staat toch de hele dag aan. Ik vind het leuk om een ongewone boodschap in een hele gewone omgeving te laten opduiken. Op het scorebord bij een baseball-wedstrijd bijvoorbeeld. In musea en galeries kun je langere en gecompliceerdere teksten presenteren, omdat je mag verwachten dat de mensen die ernaar komen kijken bereid zijn 30 seconden van hun tijd te besteden. Zo gauw iets kunst heet, zijn mensen erdoor geintimideerd, daarom signeer ik de teksten op straat niet.”

Uit Holzers teksten spreekt bepaald geen optimisme. Holzer: “Ik denk dat heel veel mensen slecht zijn. Lees de krant maar. Toch vind ik mijn werk niet pessimistisch, want ik schrijf om mensen aan het denken zetten. Lukt dat niet, dan heb ik er in ieder geval zelf een tijdje over nagedacht.

“Ik presenteer geen politiek programma en niet alle teksten stemmen overeen met mijn opvattingen. In de eerste twee series teksten, de Truisms en de Inflammatory Essays, heb ik geprobeerd alle mogelijke meningen naast elkaar te presenteren, in alfabetische volgorde, zonder de een meer gewicht te geven dan de ander. In de latere series zijn de teksten wat persoonlijker geworden.

“AIDS was een van de belangrijkste onderwerpen van de installatie in Amsterdam. Het is een heel pijnlijk onderwerp voor mij. Het maakt me radeloos en woedend. Die doodskisten van marmer zijn echte kisten voor mij. Ze waren bedoeld als monument voor verschillende kleine en grote mensen die gestorven zijn. Erin gegraveerd waren woorden die ze misschien nog hadden willen zeggen.”

Ze lacht nerveus. Ze zegt: “Wat moet je anders? De geboorte van mijn dochter, bijna drie jaar geleden, heeft mijn perspectief nogal veranderd. Ik voelde opnieuw de woede en verbazing die je voelt als je 17 jaar bent en voor het eerst ontdekt dat er in deze wereld een heleboel dingen verkeerd en gevaarlijk zijn. Net als toen dacht ik: mijn God, waarom doet niemand hier wat aan? Als je een kind hebt, wil je het beschermen. Dan kijk je om je heen en kun je niet anders dan constateren dat de mogelijkheden om dat te doen bijzonder beperkt zijn.”