De herinnering aan de Neurenbergse gong; De onspeelbaarheid van de compositie Syntagma

Een week voor de premiere maakte het Concertgebouworkest bekend dat de uitvoering van Wim Lamans vioolconcert Syntagma niet doorging: de solopartij voor viool zou onoverkomelijk zwaar zijn. “Twee tonen gelijktijdig op een snaar laten klinken, gaat natuurlijk niet”, zegt violiste Isabelle van Keulen. Is Syntagma echt onspeelbaar?

De violiste: “Ik hoop niet dat de indruk ontstaat, dat de componist onvoldoende kennis van zaken heeft. Hij schreef waarschijnlijk wel een goed stuk, maar het heeft een aantal ingrijpende aanpassingen nodig voordat het gespeeld kan worden.”

De componist: “Als het publiek maar niet denkt dat het aan de uitvoerder ligt. Zij is een voortreffelijke violiste, maar heeft misschien onvoldoende voorbereidingstijd gehad. Ik zal met haar overleggen over een paar kleine wijzigingen. Dan zal het zonder grote problemen speelbaar zijn.”

Gisteravond zou bij het Concertgebouworkest onder leiding van Riccardo Chailly de premiere plaatsvinden van Syntagma, een concert voor viool en klein orkest van de Nederlandse componist Wim Laman (45). Isabelle van Keulen zou optreden als soliste. Maar een week voor de premiere maakte het orkest bekend dat de uitvoering niet doorging, omdat de solopartij 'onoverkomelijk zwaar' was. Laman schreef Syntagma ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van het Concertgebouworkest.

Eigenlijk was het stuk bedoeld voor Jaring Walta, eerste violist van het Residentie Orkest, die Laman in 1987 om een vioolconcert had gevraagd. Toen de componist echter een jaar later de voorname opdracht van het Concertgebouworkest kreeg, gebruikte hij daarvoor de schetsen van dat vioolconcert.

Isabelle van Keulen: “Toen ik in februari vorig jaar het contract met het Concertgebouworkest tekende, had ik nog geen noot van Lamans compositie gezien. Zoiets doe ik dus nooit meer. Maar ik vond het wel een uitdaging, een hedendaags stuk, met zo'n orkest en zo'n dirigent.

Zij waren voor mij bovendien een garantie voor de kwaliteit. Als de artistieke leiding van het orkest geen vertrouwen in Laman had, zouden ze nooit een compositie van hem hebben gevraagd.

“In september kreeg ik de eerste, handgeschreven kopieen van de vioolpartij. Op onregelmatige tijden kwamen daar pagina's bij. Maar eind januari was mijn partij nog steeds niet compleet. Langzamerhand begon de tijd te dringen. Bovendien wilde ik behalve de vioolpartij ook graag de volledige partituur inzien, om een goede indruk van het stuk te krijgen. De partituur kreeg ik pas half februari. Toch zou het waarschijnlijk wel zijn gelukt. Ik had voldoende repetitietijd in mijn werkschema opgenomen en ik kan bovendien vrij snel nieuwe dingen leren. Maar Wim Lamans muziek is in deze vorm onspeelbaar. Wat mij meteen opviel was het snelle tempo in het begin. De eerste inzet voor de viool is extreem hoog, een hoge c waarop een kwarttoonstriller moet worden gemaakt. In het tempo dat Laman voorschrijft, lukt dat nooit - ik heb zelfs nog geinformeerd of de tempoaanduiding misschien een drukfout was. Onder die omstandigheden en in die extreme ligging is een kwarttoonstriller hooguit 'bij benadering' te spelen. Ik heb dat ook tegen Wim Laman gezegd. Maar hij wilde juist dat er heel exact werd gespeeld wat hij had voorgeschreven.

“Een ander probleem vormen de dubbelgrepen, dat wil zeggen meer noten tegelijkertijd. Een van de dubbelgrepen is echt onspeelbaar, omdat ik die op dezelfde snaar zou moeten maken, en twee tonen gelijktijdig op een snaar laten klinken gaat natuurlijk niet. Een aantal andere zijn bijna onmogelijk. Gelukkig heb ik vrij grote handen, waardoor ik die noten met enig kunst en vliegwerk nog wel zou kunnen produceren, maar niet in dat razendsnelle tempo.”

WEERSTANDEN

Wim Laman realiseerde zich tijdens het componeren, dat Syntagma een moeilijk stuk zou worden. Maar onmogelijk? Componisten hebben volgens Laman in het verleden wel vaker muziek geschreven waarvan aanvankelijk iedereen dacht dat die onspeelbaar was, bij voorbeeld bepaalde pianowerken van Stockhausen en Boulez. Tegenwoordig worden die door conservatoriumstudenten op hun eindexamen gespeeld. De vergelijking met wereldrecords in de sport, die ook steeds weer verbeterd worden, vindt Laman ongelukkig. “Het gaat in muziek niet om records”, aldus de componist. “Complexiteit is geen doel op zichzelf, maar een gevolg van een muzikaal uitgangspunt. Complexe muziek alleen om interessante virtuoze strapatsen uit te voeren, levert niet meer op dan een leeg gebaar. Het schrijven van ingewikkelde noten heeft te maken met de muzikale rijkdom die je in een stuk wilt creeren. Ik zou ook een rechttoe-recht-aan vioolconcert hebben kunnen schrijven, dat na de premiere in een la bij muziekuitgeverij Donemus zou zijn verdwenen.

Dat wil ik niet. Een compositie moet weerstanden oproepen, zowel bij de uitvoerder als bij de luisteraar, omdat er daardoor steeds weer nieuwe dingen in te ontdekken zijn.''

Wim Laman kreeg het idee voor Syntagma een aantal jaren geleden tijdens een vakbeurs voor slagwerkers in Neurenberg. Nog steeds herinnert Laman zich heel precies de klank die ontstond toen iemand tijdens de beurs een enorme mep op een prachtige gong gaf. Laman: “Ik hoorde een explosie van muzikale energie, een massa geluid, die in feite was opgebouwd uit een aantal uiterst gedifferentieerde klanklagen. Ik wist onmiddellijk, dat ik dat muzikale gebaar ooit in een compositie wilde verwerken.”

Vandaar dat Syntagma begint met een slag op een gong, zo hard mogelijk, die vervolgens volledig mag uitklinken. In een voetnoot in de partituur staat dat de dirigent pas mag inzetten als het volledig stil is in de zaal. “Een beetje theatraal misschien,” geeft Laman toe. “Maar ik wil dat die fortissimo klap de stilte op een woeste manier verscheurt.”

Syntagma kan men beschouwen als een uitgecomponeerde gongslag. Laman rafelde in zijn hoofd de complexe klank uiteen en legde de deeltjes afzonderlijk onder de loep. Laman: “Alle deeltjes krijgen een eigen plaats in het orkest, alsof die ene slag wordt uitvergroot en uitgesmeerd over de twintig minuten die het werk in beslag neemt. In mijn compositie monteer ik ze uiteindelijk weer tot een geheel, als een filmregisseur die de losse scenes weer tot een verhaal opbouwt.

Vandaar ook de titel, syntagma is het Griekse woord voor samenvoegen.''

Om het rijke klankspectrum van een gong enigszins te benaderen, schreef Laman extreme muziek. Dat deed hij op verschillende manieren.

Hij koos een uitzonderlijke orkestopstelling: de bas-instrumenten in het midden, de overige in spiegelbeeld ten opzichte van de middellijn, met naar buiten toe steeds hoger klinkende instrumenten. Af en toe combineert Laman instrumenten die zelden samen te horen zijn, zoals viool en trombone-solo. Met extreem snelle riedeltjes voor het hele orkest suggereert hij de intensiteit van het ruisspectrum van een gong. Glass chimes, een Chinees instrument bestaande uit glazen plaatjes die aan koorden hangen, laat hij voorzichtig over een metalen Glockenspiel bewegen om een licht tinkelend geluid voort te brengen.

Een Japanse tempelbel, die op een pauk is gezet, moet worden aangestreken, waardoor een jengelende klank ontstaat als de pedalen van de pauk af en toe worden ingedrukt. Allemaal geluiden die Laman zich herinnert van de gedifferentieerde klankkleur van die ene Neurenbergse gong. Maar het zijn slechts de speelse instrumentale grapjes in zijn compositie. Het wezen van de gongslag is de enorme energie die plotseling vrijkomt, de rijkdom aan onverwachte boventonen en dus de extreem hoge klanken, en de uitdijende en inkrimpende beweging. Om die elementen weer te geven, kon Laman niet ontkomen aan de noten waarover Isabelle van Keulen tenslotte struikelde.

Was het niet mogelijk om sommige dingen toch iets simpeler te noteren?

“Alleen als ik ook simpele ideeen zou hebben gehad. De kracht van Syntagma is juist dat een eenvoudig gegeven, die ene klap op de gong, op een ingewikkelde manier wordt uitgewerkt. Uit dat contrast ontstaat de spanning. Voor mij als componist was het interessant om te proberen die enorme uitbarsting van energie onder controle te krijgen en in een soort slow motion beweging tot in detail te analyseren en op papier te zetten. Hoe voorkom je dat je met een eenvoudig gegeven in herhaling valt? Waar vind je de sluipweggetjes om te zorgen dat de muziek blijft voortrollen? Dat soort vragen boeien mij.”

Volgens Isabelle van Keulen is haar eerste inzet onspeelbaar, zeker bij het voorgeschreven tempo en in combinatie met de lastige triller.

Waarom moest die inzet van de vioolsolo zo extreem hoog zijn?

“Het was een van de tonen die heel pregnant in mijn herinnering zweefde. Bovendien geloof ik niet dat het echt onspeelbaar is.

Moeilijk is het wel, maar als componist word ik geacht te weten wat instrumenten kunnen. Soms kan het desondanks goed zijn om met een musicus te overleggen. Ik heb Isabelle van Keulen daarom gevraagd om mij te bellen als ze ernstige problemen tegenkwam. Maar ik heb nooit iets van haar gehoord.

“Met Ricardo Chailly heb ik de partituur doorgenomen. Ook hij heeft bij die gelegenheid niet gezegd dat het werk volgens hem onspeelbaar was. Hij zag wel dat sommige passages moeilijk zouden worden en hij maakte zich een beetje zorgen over het hoge tempo, vooral in het begin als het orkest vol aanwezig is, maar hij voegde eraan toe: 'We hebben een safe orkest, als ze erop studeren moet het haalbaar zijn.'

Desnoods zou hij het begin iets langzamer nemen.''

Zou u bereid zijn om delen van uw compositie aan te passen aan de eisen van Van Keulen?

“Ik kan me voorstellen dat ik bepaalde dubbelgrepen enigszins verander. En het begin zou misschien heel iets langzamer kunnen. Maar ik zal alleen veranderingen aanbrengen, als de muziek er niet onder lijdt.”

Dus soms is het mogelijk om op een eenvoudiger manier muzikaal hetzelfde te zeggen?

“Nee, maar het kan zinvol zijn om door een musicus die zijn instrument natuurlijk tot in de uiterste hoeken beheerst, op een bepaald spoor te worden gezet. Ik ben ervan overtuigd, dat er voor een uitvoering van Syntagma geen grote wijzigingen nodig zijn. De complexiteit van mijn stuk staat in geen verhouding tot bij voorbeeld de extreem moeilijke muziek van Brian Ferneyhough. Er is meer muziek geschreven waarin de componist de grenzen van het technisch kunnen heeft gezocht, zoals de Sequenza's voor soloinstrumenten van Luciano Berio, prachtige muziek die ik natuurlijk meedraag in mijn bagage als componist. Berio heeft met die werken de mogelijkheden van de muzikale expressie verrijkt.”

Wat beschouwt u zelf als het moeilijkste element van Syntagma?

“Het meest ingewikkelde is volgens mij de beheersing van de energie.

Die is alleen indirect in de notatie af te lezen. De energie zit in de manier waarop ik het melodische verloop stuur, harmonische accenten aanbreng, de zaak ritmisch opjaag en weer terugneem. Het notenschrift is beperkt en kan dat niet allemaal in een oogopslag laten zien, dus moet een musicus het aanvoelen. Als dat lukt is de brug naar de technische realisatie van de muziek geslagen.''