Bij operaties steeds minder behoefte aan donorbloed

ROTTERDAM, 26 APRIL. Bloedverdunning maakt het mogelijk de hoeveelheid bloed die nodig is om bloedverlies bij een operatie te compenseren, aanzienlijk te verminderen. Als alle technische mogelijkheden worden gecombineerd, inclusief bloedverdunning, kunnen bloedtransfusies bij patienten die op afspraak worden geopereerd zelfs overbodig worden gemaakt.

Dr. A. Trouwborst, hoofd van de sub-afdeling anaesthesiologie in het Rotterdamse Dijkzigt-ziekenhuis, heeft de afgelopen vier jaar met collega's onderzoek gedaan naar bloedverdunning als methode om het bloedverlies tijdens een operatie op te vangen. De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het Britse wetenschappelijk tijdschrift The Lancet.

Bij bloedverdunning krijgt de patient maximaal drie liter bloedplasmavervangende vloeistof toegediend. Het hart pompt een grotere hoeveelheid vloeistof rond, waarvan tijdens de operatie weer een deel verloren gaat. Dat bloed kan worden opgevangen in een apparaat dat het bloed filtreert, wast en centrifugeert. De schone bloedlichaampjes kunnen daarna weer terug in het lichaam. Door een combinatie van technieken toe te passen, inclusief het ruim voor de operatie afnemen van eigen bloed van de patient, is de afgelopen jaren in Dijkzigt 68 procent op het verbruik van donorbloed bespaard.

Trouwborst noemt het van belang dat steeds minder donorbloed wordt gebruikt. Donorbloed kan ziektekiemen overbrengen en vermindert de natuurlijke afweer bij de patient die het bloed krijgt toegediend. Bijkomend voordeel is dat plasmavervangende vloeistof goedkoper is dan donorbloed.

De eerste experimenten met de bloedverdunningstechniek in Dijkzigt zijn uitgevoerd bij Jehova's Getuigen. Zij wijzen bloedtransfusie principieel af maar kunnen wel worden geholpen met de vervangende vloeistof. Zeventig Jehova's zijn met succes geopereerd, aldus Trouwborst. De bloedverdunningsmethode wordt intussen toegepast bij steeds meer patienten die op afspraak worden geopereerd, met uitzondering van mensen die een open-hartoperatie ondergaan.

De nieuwe techniek is evenmin geschikt voor mensen met een zwak hart of met slecht werkende nieren.