'Belgisering' of 'balkanisering' in Tsjechoslowakije

BRATISLAVA, 26 APRIL. Voor Tsjechoslowakije blijft de toekomst ongewis. De irritatie onder de Tsjechen neemt toe, de woede onder de Slowaken ook.

Duizenden Slowaken gingen deze week in hun hoofdstad Bratislava de straat op om te demonstreren tegen de val van Vladimir Meciar, de afgezette premier en voormalige bokser die het Slowaakse ongenoegen in de federatie vertolkt. Met zijn robuuste stijl maakte de 48-jarige Meciar zich populair onder de Slowaken. Hij nam het op tegen het 'Tsjechische chauvinisme', hij gaf veel Slowaken een gevoel van zelfrespect. Zijn rol is zeker nog niet uitgespeeld. De vraag is alleen in welke vorm hij terugkeert: via de stembus of via de straat.

NIET ZO SLECHT

De onrust in Slowakije blijft als een zwaard van Damocles hangen boven de federale natie hangen. Het land van Tsjechen en Slowaken heeft het communisme van zich afgeschud, op een nette en beschaafde manier. Maar de nieuwe leiders kampen nu met een nieuw fenomeen: de wet van de remmende voorsprong. De erfenis van de communisten is veel moeilijker te verteren dan in Polen, een land dat na veertig jaar communisme bankroet was. In Tsjechoslowakije ging het economisch nog niet zo slecht. De bevolking had het niet veel slechter of beter dan Spanjaarden. Het leven kabbelde rustig voort, er was stabiliteit. Er was alleen geen vrijheid: voor de intellectuelen een groot probleem, maar veel Tsjechen en Slowaken namen deze prijs op de koop toe.

Anderhalf jaar na de omwenteling zijn Tsjechen en Slowaken onrustig geworden. Vrijheid betekent zelf initiatief nemen. De weg naar de vrije markt gaat gepaard met hogere prijzen en werkloosheid. In Polen daalde het bnp in 1990 met 12 procent, in Tsjechoslowakije met 3,5 procent. Maar de klap komt in Tsjechoslowakije veel harder aan.

In Slowakije vallen de hardste klappen. Slowaken kwamen pas na de Eerste Wereldoorlog met de Tsjechen in een staat. Deze combinatie werd nooit echt een succes, beide volken hadden een andere achtergrond: Tsjechen hadden een industriele traditie, Slowaken waren boeren, arm en door Hongaren onder de knoet gehouden. In vier decennia hebben de communisten geprobeerd Bohemen en Slowakije aan elkaar te lassen. De grote staatsbedrijven zouden het welvaartsverschil opheffen. Slowakije betaalt nu de prijs voor de geforceerde industrialisatie: de bedrijven die ooit bestaanszekerheid boden, staan nu voor het faillissement.

Werkloosheid dreigt en Slowakije dreigt opnieuw te verarmen. Het basisprobleem van Slowakije is de zware industrie: zij is verouderd, ondoelmatig en produceert staal, beton, wapens en andere produkten waar geen markt voor is.

SLOEBERS

Sociale spanningen hebben zich het afgelopen half jaar vermengd met nationale gevoelens: Slowaken zijn en blijven de sloebers van de federatie, zij voelen zich gediscrimineerd. Tsjechen laten niet na erop te wijzen dat zij achttien procent van hun bnp als subsidies aan Slowakije overmaken, dat zij de Slowaken op de been houden. Dat is allemaal waar. Maar Slowaken zien dat als genadebrood en menen dat ze eigenlijk niet meetellen. Niet alleen statistieken, ook houdingen en percepties bepalen het beeld van de federatie. Veel Tsjechen spreken, ook in het Praag van nu, met 'dedain' over de arme partner in de federatie. Zij, de Tsjechen, zijn Midden-Europa, de erfgenamen van het Habsburgse rijk. De Slowaken zijn Oost-Europa, luidruchtiger, een beetje wild. Deze Praagse houding gaat verder dan 'Grossstadtarroganz'. Er zitten weliswaar Slowaken in de regering - zoals premier Calfa - maar ze zijn in het hele federale apparaat flink ondervertegenwoordigd. Praag bepaalt het beeld in het buitenland. De Slowaken komen er niet aan te pas. Met deze permanente frustratie kampt Slowakije: voor de Slowaken heeft een federatie alleen zin als beide republieken gelijkwaardige partners zijn.

Meciar was de kampioen van dat streven, hij is vaak populistisch, soms pragmatisch en altijd luidruchtig. Zijn opvolger, de christen-democraat Jan Carnogursky, maakt minder lawaai. Hij is een gewiekst politicus die de ruzie tussen Meciar en diens beweging 'Burgers tegen Geweld' liet rijpen om zijn rivaal op het juiste moment uit te rangeren. Maar ook Carnogursky kan niet om de Slowaakse frustratie heen. Hij wil een 'verdrag' sluiten met de Tsjechen: de Slowaakse natie treedt vanuit een soevereine positie toe tot de federatie. En hij wil ook dat de Slowaken hun eigen vertegenwoordigers in het buitenland krijgen.

Opgelucht

Praag is opgelucht dat Meciar is gevallen, maar daarmee is het Slowaakse probleem niet opgelost. De onderhandelingen over een nieuwe federatie gaan door, er zullen weer nieuwe problemen rijzen: de competenties, de grondwet, het belastingstelsel, de economische hervormingen. En steeds zullen Slowaken hun eisen voor gelijkwaardigheid op tafel leggen. En steeds zal Praag geschokt zijn, zoals over de concept-grondwet die Slowakije wil voorleggen. Voor Slowaken een werk dat de 'nationale identiteit' tot uitdrukking brengt, de Tsjechen vinden het nationalistisch, negentiende-eeuws.

De nieuwe leiders in Praag zijn veel sympathieker dan hun voorgangers. Maar een gebrek blijft: ze hebben weinig gevoel voor wat er leeft in Slowakije. Ze bekijken hun land vanuit Praag, met de blik naar het Westen. President Havel is heilig in het buitenland, geliefd in Bohemen maar niet bijzonder populair in Slowakije. Voor Slowaken is de gang naar de vrije-markteconomie een concept van en voor Tsjechen, tegen Slowakije. In een atmosfeer van frustratie bepalen irrationele motieven de koers.

GISTING

In Tsjechoslowakije is een gevaarlijk gistingsproces aan de gang. Niet zo luidruchtig als in Joegoslavie, maar toch: Tsjechen en Slowaken zijn bezig afscheid van elkaar te nemen. De breuk komt na veel irritatie en ruzie. Terwijl de Slowaken obstakels aanslepen, zijn politici in het Tsjechische parlement begonnen met studies over de gevolgen van een breuk. De irritatie onder de Tsjechen is al erg groot. Het is niet uitgesloten dat niet de Slowaken, maar de Tsjechen een eind maken aan de federatie. Maar de economische schade is groot, de geo-politieke keuzes zijn moeilijk. In Praag dromen sommigen om met Oostenrijk, Hongarije en mogelijk Slovenie een 'Donau-federatie' te sluiten. Metternichiaanse beelden doemen op aan de Moldau, het Middeneuropese hart klopt sneller dan dat van de federatie. Maar Europa zit niet te wachten op een breuk van Tsjechoslowakije. Alleen een compromis zou de federatie kunnen redden, maar het zou een zwakke federatie zijn: een 'belgisering' van Tsjechoslowakije. Het alternatief is 'balkanisering'.