Scepcis over vredesplan van Saddam en Koerden

BAGDAD- NEW YORK, 25 APRIL. De Iraakse president Saddam Hussein en Koerdische guerrillaleiders hebben gisteren in principe besloten vrede te sluiten, in het kader waarvan de Koerden grotere autonomie krijgen. Koerden in het buitenland hebben sceptisch gereageerd.

Jalal Talabani, die de Koerdische onderhandelingsdelegatie leidde, zei op een persconferentie in Bagdad dat de bijzonderheden nog moeten worden uitgewerkt in een nieuwe onderhandelingsronde, volgende week “na de viering van de verjaardag van president (Saddam) Hussein”.

Het principe-akkoord omvat volgens hem “de democratie in Irak, de normalisering van de situatie in Iraaks Koerdistan en de eerbiediging van de nationale rechten van het Koerdische volk”, op basis van het autonomie-akkoord van 1970. “De democratisering in Irak zal de belangrijkste waarborg zijn voor eerbiediging van de nationale rechten van de Koerden”, zei hij. Talabani zei - en dat werd vandaag door premier Saadoun Hammadi bevestigd - dat zijn besprekingen met Saddam en andere Iraakse leiders democratie en politiek pluralisme, persvrijheid, vrijheid van vereniging, mensenrechten en normalisering in Irak hadden bestreken.

Talabani, de leider van de Patriottische Unie van Koerdistan (PUK), deed een beroep op alle, meer dan 2 miljoen, Koerden die na de bloedige onderdrukking van hun opstand tegen het regime naar Turkije en Iran zijn gevlucht, naar huis terug te keren. Op een vraag naar de aanwezigheid van de Amerikaanse en andere Westerse troepen in Noord-Irak, die de vluchtelingen helpen en beschermen tegen het Iraakse leger, antwoordde hij dat die zouden moeten vertrekken zodra een definitief akkoord is bereikt. Hij onderstreepte dat “wij als Irakezen voorstander zijn van de onafhankelijkheid en soevereiniteit van de Iraakse regering”. De regering in Bagdad heeft de internationale militaire hulpoperatie in het noorden van Irak als flagrante schending van haar soevereiniteit gebrandmerkt.

Op een rebellenbasis in de bergen bij Sulaymaniyah reageerden sommige guerrillastrijders verheugd. Maar anderen zeiden dat Saddam niet kan woren vertrouwd. Koerdische ballingen in Groot-Brittannie meenden dat de Koerdische rechten in Irak niet worden gegarandeerd zolang Saddam aan de macht is. Een woordvoerder van het Iraaks Koerdistan Front, dat veel Koerdische groepen overkoepelt, zei dat sommige Koerden zelfs het woord “verraad” hadden gebezigd. (Reuter, AFP, AP)