Roept u maar

NOG EEN PLAN, idee, suggestie, of 'richtinggevende optie' wellicht? Roept u maar, het kabinet kan van alles gebruiken.

Beleid is er nog steeds niet, maar onuitgewerkte voorstellen zijn er des te meer. Nauwelijks twee maanden na het uitbrengen van de Tussenbalans regent het in Den Haag alweer van de voornemens om het beleid bij te stellen, dan wel radicaal om te buigen. De oogst van nog geen week is niet mis: CDA-fractieleider Brinkman die, dwars door eerder overeengekomen en door hem van harte ondersteunde procedures, snel ingrijpen in de WAO en ziektewet verlangt; minister Andriessen van economische zaken die een drastische verlaging van het wettelijk minimumloon bepleit, minister De Vries van sociale zaken die ontkoppeling van de uitkeringen en het minimumloon wil, dezelfde minister die vindt dat afschaffing van de WAO in haar bestaande vorm moet worden overwogen; staatssecretaris Ter Veld van socialeet mogen zeggen, de ideeen van minister De Vries hadden niet uit mogen lekken, en wat het ongeduld van Brinkman betreft: het kabinet werkt met voortvarendheid aan beperking van de WAO-uitgaven. Brinkman tevreden, coalitiepartner tevreden, premier tevreden. Discussie gesloten.

WAT BUITEN HET Binnenhof blijft hangen is het beeld van een kabinet dat nog steeds in de startblokken staat, terwijl het publiek het stadion reeds lang heeft verlaten. Schouderophalend worden de verrichtingen, of de pogingen daartoe, gadegeslagen: het kabinet, ach ja het kabinet. Andersom neemt het kabinet eenzelfde houding aan tegenover de samenleving: Duisenberg, ach ja Duisenberg. Het is de identiteitscrisis van de zo brede coalitie die tegelijkertijd zo onherkenbaar is.

Sinds de totstandkoming van het kabinet Lubbers-Kok in november 1989 zijn diverse reanimatiepogingen ondernomen. Het regeerakkoord van CDA en PvdA miste werkelijke keuzes; die zouden een half jaar later, als er wat meer overzicht bestond, volgen. Dat moment werd geruisloos gepasseerd. Voor nadere besluitvorming werd naar de zomer verwezen. De besprekingen van vorig jaar zomer leverden een halve begroting voor 1991 op plus het vooruitzicht op de Tussenbalans. Maar ook dat stuk bleef na een wekenlange moeizame discussie steken in een onvoltooide rekenexercitie.

De kaderbrief die de inleiding vormt voor de besprekingen over de begroting 1992 blijkt nu de nieuwste poging voor een allesomvattende aanpak. Gretig wordt gebruik gemaakt van het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid over de arbeidsmarkt.

Een rapport dat begin januari, ruim voor de discussie in het kabinet over de Tussenbalans, al beschikbaar was. Hoe moeilijk het allemaal in het kabinet ligt, toont de discussie aan die bewindslieden (en geestverwante fractieleiders) nu met elkaar voeren via de krantekolommen. Wat opvalt is dat enige sturing of leiding geheel ontbreekt.

NIET DE premier die al in een vroeg stadium zijn vertrek aankondigde, zet de toon, maar zijn potentiele opvolger. De vice-premier heeft het intussen te druk met zijn eigen partij. In het ontstane machtsvacuum probeert nu iedereen een positie te vestigen. Dat levert dan de deze week tentoongespreide chaos op. Na de tussenbalans volgt de eindbalans. Steeds urgenter wordt de vraag of het geen tijd wordt om die op te maken.