Chinese ijver

Pim Versteeg buigt zich over de puzzel waarom Chinese kinderen zo goed kunnen rekenen (hoogste scores, inclusief Nederlandse kinderen), ondanks het feit dat hun taalvaardigheid verder zo pover is (18-4 W&O). Dit zet zich voort in het voortgezet onderwijs, waar Chinese leerlingen het goed doen in de exacte vakken, maar slecht in vakken waar het om culturele kennis gaat.

Dit verschijnsel is niet beperkt tot Nederland. Het afgelopen jaar hebben Chinese scholieren bij internationale school-Olympiades de eerste prijs (teams) behaald voor Wiskunde en Scheikunde en een tweede plaats voor Informatica en Natuurkunde (vond nog plaats in Nederland), waarmee zij min of meer de rol van de Sovjet-Unie bij dit soort competities hebben overgenomen. Aan het onderwijs zelf in de Chinese Volksrepubliek kan dit niet liggen, want het niveau hiervan, is zoals de meeste Sinologen u kunnen bevestigen, bedroevend slecht.

Voor een deel kan het inderdaad aan de ouderlijke zorg voor een goede scholing van hun kinderen liggen. Zo is het bij bemiddelde Chinese emigranten in de Verenigde Staten al een paar jaar gebruikelijk Chinese leraren (uit Taiwan of Hong Kong) te laten overvliegen ter bijscholing van hun kinderen; niet alleen in het Chinees, maar ook in als belangrijk aangemerkte vakken als wiskunde en natuurkunde.

Allicht spreekt hier een geringe vertrouwen uit in het onderwijs ter plekke; niet zozeer omdat men twijfelt aan de onderwijskundige opzet (het Amerikaanse onderwijsmodel is, hoe men het ook wendt of keert, overal toonaangevend), maar veeleer uit de praktische angst dat aan hun kinderen te lage eisen worden gesteld. Deze ouderlijke bezorgdheid is niet uniek voor Chinezen, men kan deze ook bij andere etnische minderheden aantreffen.

Een tweede verklaring ligt in de spreekwoordelijke Chinese ijver. Dat is een wijdverbreid misverstand, want Chinezen zijn als volk veeleer lui. Chinezen zijn niet ijverig, emigranten zijn ijverig. Een Nederlandse emigrant in Canada is minstens zo ijverig als een Chinese emigrant hier. Chinese emigrantenkinderen zijn uit hoofde van hun emigrant-zijn ijverig, maar dat betekent niet dat zij meer tijd in hun huiswerk steken. Zij moeten na schooltijd vaak meehelpen in de zaak, en in het weekeinde Chinese taal- en geschiedenislessen volgen op Chinese schooltjes. Veel tijd houden zij niet over voor hun gewone huiswerk.

Als derde en meest intrigerende verklaring worden eigenaardigheden van de Chinese taal aangevoerd. Die zou bijvoorbeeld veel 'stampwerk'

vergen (minstens 4000 karakters) en daarmee een werkhouding creeren die ook zeer bevorderlijk is voor het leren van wiskunde en andere exacte vakken.

Dat wiskunde of natuurkunde eigenlijk alleen maar stampwerk vergt kunt u beter niet aan een wis- of natuurkundige vertellen; hij zal het eerder hebben over abstract denken en inzicht in fundamentele principes. Het stampwerk is er wel, maar dat komt omdat het Chinees dermate moeilijk en omvangrijk is dat je minstens ook stampwerk nodig hebt om het te leren. Stampwerk is, net als bij wiskunde, een noodzakelijke maar verre van voldoende voorwaarde. Bovendien zal een Chinese middelbare scholier hier lang geen 4000 karakters kennen: hoogstens zo'n 500 a 1000. Vierduizend karakters is het (fulltime) streven van een middelbare school in China zelf, alsook van de Sinologie-opleiding te Leiden.

Toch is het m.i. inderdaad zo dat het aan eigenaardigheden van de Chinese taal ligt, zij het niet aan het vereiste stampwerk. Het Chinees is, veel meer nog dan het Latijn, een soort 'reken'-taal.

Chinese karakters vormen een soort semantische codes voor semantische algoritmes. In het Nederlands is dit moeilijk uit te leggen, maar een voorbeeld kan u op weg helpen.

Neem de lettergrepen ver en ont in een woord als verontschuldigen. Waarschijnlijk functioneert bij u zoals bij de meesten van ons het woord verontschuldigen primair als een ongedeeld begrip, maar van taalkundigen zult u kunnen horen dat de lettergrepen ver en ont een soort semantische functie hebben ten aanzien van schuld, waardoor deze wordt gemodificeerd in het afgeleide begrip verontschuldigen. Met enig nadenken komt u op soortgelijke modificatiefuncties als bij verontreinigen, verontrusten, verontheiligen, verontwaardigen (alle te vinden in Van Dale), en wellicht ook op nonrealisaties als verontzuiveren, veronteren, verontfraaien of verontsmaken (niet te vinden in Van Dale).

Het Chinees barst van dit soort semantische rekenwerk, en e.e.a. moet ook op vrij expliciet niveau worden toegepast. Daardoor is het voor het leren van Chinees nodig dat men zeer bewust is van de individuele betekenissen en combinatiemogelijkheden van losse lettergrepen, hetgeen een duidelijke parallel vormt in het geval van kunsttalen als wiskunde (formules e.d.), maar niet bij 'gewone' natuurlijke talen.

Leibniz heeft ooit een soort universele reken-Esperanto gepropageerd die hier erg op lijkt (1679, 'Elementa characteristica universalis'), en het is niet toevallig dat hij zo bekend was met Chinese zaken.