'Nooit eerder zoveel vrijheid en zoveel onderdrukking tegelijk'; Turkse Koerden profiteren van crisis

DIYARBAKIR, 24 APRIL. Van de vijf aanwezigen in het kantoortje van de IHD, een organisatie voor mensenrechten, in het overwegend Koerdische Diyarbakir heeft er een een blauw oog en een ander een bloederige wond in zijn haar. Het zijn souvenirs van de Turkse politie die geen toestemming wilde geven voor een betoging van de Koerden om te protesteren tegen de behandeling door president Saddam Hussein van de Iraakse Koerden. Toen de Turkse Koerden toch de straat opgingen, sloeg de politie er gewoontegetrouw stevig op los en 70 mensen werden gewond.

Een paar dagen later getuigden de autoriteiten van grotere mildheid door na een periode van ruim tien jaar in de gevangenis de vroegere, Koerdische burgemeester van Diyarbakir Mehdi Zana vrij te laten. Moe maar gelukkig liet hij zich vorige week thuis door een eindeloze reeks bezoekers feliciteren. Sommige Koerden kwamen met busjes uit plaatsen honderden kilometers van Diyarbakir om even een glimp op te vangen van de man die wegens zijn inzet voor de Koerdische zaak in het gevang belandde, de man ook die tijdens zijn proces consequent weigerde om enige andere taal te bezigen dan het Koerdisch.

De ex-burgemeester, die langdurig is gemarteld tijdens zijn gevangenschap, is vol optimisme over de toekomst. Hij meent dat de Koerden zich er eindelijk van bewust zijn geworden dat autonomie en zelfs onafhankelijkheid geen onbereikbare doeleinden zijn: “We bevinden ons nu in de fase waarin we onszelf willen bevrijden”.

Niet iedereen is even optimistisch als de burgemeester. “We hebben nog nooit zoveel vrijheid en zoveel onderdrukking tegelijkertijd meegemaakt”, stelt Zubehir Aydan, die voor een andere organisatie voor de rechten van de mens in Ankara werkt en ook naar Zana is gekomen om hem zijn respect te betuigen. Wat de onderdrukking betreft doelt hij op de politiek van de Turkse regering om Koerden uit hun dorpen in de grensstreken te verdrijven. Soldaten trappen opzettelijk de gewassen op de akkers kapot, doden het vee en steken vaak ook huizen in brand. Hoe minder mensen in de dorpen, zo redeneren de Turken, hoe moeilijker het wordt voor de guerrillastrijders van de PKK (Koerdische Arbeiderspartij) om te opereren. Tijdens de Golfcrisis werden veel dorpelingen uit de grensgebieden verdreven onder het mom dat dit nodig was voor hun eigen veiligheid. Hoewel de autoriteiten dit beleid nu hebben laten varen, blijft het zeer moeilijk voor reeds verdreven Koerden om naar huis terug te keren.

Comites

Ondanks de problemen tijdens de Golfcrisis biedt de nasleep daarvan, die zulke tragische consequenties heeft voor de Iraakse Koerden, onverwachte mogelijkheden voor de Turkse Koerden om hun identiteit te etaleren. In vrijwel alle plaatsen van het uitgestrekte Koerdische deel van Turkije zijn er comites opgericht voor hulp aan de Iraakse Koerden. In veel plaatsen, zoals in Diyarbakir, hebben de Turkse autoriteiten zich aan het hoofd van deze comites geplaatst, zodat daar de politieke schade voor de Turken binnen de perken kan worden gehouden. In steden en dorpen waar een Koerdische burgemeester de scepter zwaait, zoals in (C,)izre of in Tatvan, krijgt de inzamelingsactie voor de Iraakse Koerden al gauw een politiek tintje.

In Tatvan bij voorbeeld schallen de oproepen tot solidariteit met de Iraakse Koerdische broeders luid door microfoons in de straten, iets dat onder normale omstandigheden onmiddellijk tot ingrijpen van de Turkse militairen zou hebben geleid. Op grote schaal geven de Koerden gehoor aan de oproepen om spullen in te zamelen voor hun broeders in Irak. Op de dag van mijn bezoek aan Tatvan is de burgemeester afwezig.

Hij is druk bezig om niet minder dan tien vrachtauto's naar de vluchtelingenkampen te leiden.

Triomfantelijk arriveren veel vrachtauto's bij de vluchtelingenkampen, dikwijls met spandoeken van de stad van herkomst. Vooral in het begin werden de plaatselijke hulpauto's niet zelden door de Turkse militairen tegengehouden, die het ongewenst vonden dat Turkse Koerden op deze manier hun solidariteit betuigden. Later lieten de Turken de teugels wat vieren.

Koerdisch spreken

Niet alleen in de praktijk, maar ook formeel hebben de Koerden meer mogelijkheden om zich te ontplooien dan voorheen. Krachtens een nieuwe wet mogen ze sinds kort vrijelijk Koerdisch spreken. Weliswaar gebeurde dat de laatste tijd toch al overal, nog maar vijf jaar geleden was dat anders. Een Duitse journaliste die zich al jaren met de Koerden bezighoudt herinnert zich hoe de mensen toen op straat nauwelijks Koerdisch durfden te spreken. Een bandje met Koerdische liedjes dat ze in die tijd uit het buitenland meebracht werd door de Turkse Koerden als een schat gekoesterd. Tegenwoordig zijn bandjes met Koerdische muziek overal verkrijgbaar. Tijdschriften en kranten nemen regelmatig stukjes in het Koerdisch op, al is dat formeel nog steeds niet toegestaan. Volledig Koerdische publikaties worden echter nog steeds in beslag genomen en Koerdische politieke partijen blijven nog streng verboden.

Bij schriftelijk materiaal voor de Koerden doet zich een praktisch probleem voor. Omdat het onderwijs in het Koerdisch al sinds jaar en dag is verboden, kunnen lang niet alle Koerden dit ook lezen. Het is zelfs geen uitgemaakte zaak welk alfabet de Koerden moeten hanteren: het Latijnse zoals de door de Koerden gehate Turkse vader des vaderlands Kemal Ataturk aan Turkije oplegde, of het Arabische, dat door de Iraakse Koerden wordt gebruikt.

De Turkse regering mag op een aantal terreinen de Koerden tegemoet zijn gekomen, de Koerden zelf zijn ervan overtuigd dat dit niet gebeurd is om hen ter wille te zijn, maar onder druk van Europa en de Verenigde Staten. Maar weinig Koerden geloven dat de bescheiden concessies van Ankara zullen uitmonden in een vrijwillig verleende autonomie. De meesten, inclusief oud-burgemeester Zana, hebben evenmin de illusie dat de comites voor de hulp aan Iraakse koerden zullen leiden tot meer politieke rechten voor de Turkse Koerden. Druk uit het buitenland alleen is ook niet voldoende. Volgens hen zal het succes van de Koerden uiteindelijk van hen zelf afhangen.

De door Syrie gesteunde PKK voert sinds 1984 een gewapende strijd voor de Turkse Koerden. De groep, die jarenlang een bloedige strijd heeft gevoerd in het zuidoosten van Turkije en daarbij Koerdische 'collaborateurs' en hun gezinnen niet spaarde, stelt zich de laatste tijd wat gematigder op. Ze is zich meer specifiek tegen het Turkse leger gaan verzetten en laat anderen nu buiten schot. Op haar laatste partijcongres in Syrie in december kondigde de PKK een amnestie af voor de door het Turkse leger bewapende burger-milities. Als de leden daarvan hun wapens aan de regering zouden teruggeven, zou de PKK - anders dan voorheen - geen wraak op hen nemen. Verscheidene stamhoofden maakten van deze gelegenheid gebruik om uit de milities te treden. Ook in economische zin stelt de partij zich gematigder op dan vroeger. De PKK kan nu op sympathie rekenen bij brede lagen van de Koerdische bevolking.

De grotere ontplooiingsmogelijkheden voor de Turkse Koerden, hoe bescheiden op zichzelf ook, en de sterkere positie van de PKK, hebben het zelfvertrouwen van de Koerden aanzienlijk versterkt. Als de Koerden in Irak politieke concessies loskrijgen van Saddam Hussein, waarvan nu sprake is, zouden de Turkse Koerden de druk op Ankara ongetwijfeld verhogen.