Lege schatkist drukt geldmarktrente niet

AMSTERDAM, 24 APRIL. Uit de weekstaat blijkt dat het Rijk bij haar huisbankier De Nederlandsche Bank heeft moeten aankloppen.

Het Rijk werd hiertoe gedwongen, doordat in de verslagweek per saldo 2.175 miljoen gulden werd uitgekeerd ten laste van de schatkist.

Aangezien het saldo van de schatkist aan het einde van de vorige verslagweek 1.692 miljoen gulden bedroeg, was een beroep op De Nederlandsche Bank van 483 miljoen gulden noodzakelijk. In de weekstaat wordt dit geillustreerd door de posten Voorschotten aan de Staat (148 miljoen gulden) en Financieringsarrangement met de Staat (335 miljoen gulden). Beide faciliteiten zijn in principe bedoeld om tijdelijke tekorten van het Rijk te financieren.

De uitkeringen ten laste van de schatkist verruimden de geldmarkt. De geldmarktrente bleef echter relatief hoog. De daggeldrente daalde weliswaar in het begin van de verslagweek, maar aan het einde van de periode kostte interbancair daggeld 9,125 procent. Dit werd veroorzaakt door de verkrappende werking van de kasreserve en de speciale belening. Beide geldmarktregulerende instrumenten gingen in op 19 april. De nieuwe kasreserve werd vastgesteld op 8,4 miljard gulden terwijl op de nieuwe speciale belening 2,3 miljard gulden werd toegewezen. Dit verkrapte de geldmarkt per saldo met ongeveer 4,3 miljard gulden. De banken waren hierdoor gedwongen meer voorschotten op te nemen bij de centrale bank. Nu 97 procent van de contingentsperiode is verstreken, blijken de banken 96 procent van het contingent te hebben verbruikt. Een besparing van 1 procentpunt, op het moment dat de contingentsperiode bijna is afgelopen, is minder dan te doen gebruikelijk.

De tarieven voor de overige perioden stonden vooral onder invloed van de ontwikkeling van de Amerikaanse dollar. De dollar steeg van ongeveer 1,89 gulden begin vorige week tot 1,99 gulden maandag. De stijging werd met name veroorzaakt door een geringere kans op een renteverlaging in de Verenigde Staten, alsmede de schijnbare daling van de werkloosheid. De ontwikkeling van de Amerikaanse dollar is met name van belang in de context van het wisselkoerssysteem van het Europese Monetaire Stelsel (EMS). De positie van de Duitse mark als anker binnen het EMS wordt erdoor aangetast. Zowel om deze reden, als met het oog op de bestrijding van de inflatie, is de hogere dollar onwenselijk. Het wekt dan ook geen verbazing dat de Bundesbank gisteren geintervenieerd heeft op de valutamarkt. Ook De Nederlandsche Bank gaf acte de presence. Mede door de interventies noteerde de dollar vanochtend ongeveer 1,96 gulden.

Gisteren werd de nieuwe staatslening aangekondigd. De nieuwe staatslening heeft een afwijkende looptijd, namelijk 15 jaar en is niet vervroegd aflosbaar. De lening (uitgifte via toonbank) lijkt een succes te gaan worden.

Bron: NMB Postbank Groep