Samengaan speciale met basisscholen afgewezen

UTRECHT, 23 APRIL. Er komt geen bestuurlijk samengaan van basis- en speciaal onderwijs. Dit voorstel van staatssecretaris Wallage in zijn eind vorig jaar gepubliceerde nota 'Weer samen naar school', is gisteren door ouderorganisaties, besturenraden en onderwijsvakbonden afgewezen. In plaats hiervan zullen basisscholen worden aangemoedigd veel vrijblijvender samenwerkingsverbanden met het speciaal onderwijs aan te gaan.

In de nota 'Weer samen naar school' stelde Wallage twee modellen van bestuurlijk samengaan voor. De meest vergaande variant hield in dat de schoolbesturen van zo'n 15 basisscholen en 1 school voor speciaal onderwijs zichzelf moesten opheffen, waarna een nieuw bestuur zou besluiten over de besteding van het 'gewone' geld, het geld voor speciaal onderwijs en het zogeheten wegingsgeld voor zwakke leerlingen.

In de tweede variant beslist een extra, overkoepelend bestuur over het geld voor speciaal onderwijs en het wegingsgeld. Beide modellen hebben tot doel de samenwerking tussen basis- en speciaal onderwijs zo te intensiveren dat meer moeilijk lerende kinderen in het basisonderwijs kunnen blijven.

In het overleg dat de afgelopen maanden over de nota is gevoerd, bleek dat de ouderorganisaties, besturenraden en onderwijsvakbonden wel voelen voor meer samenwerking, maar niet voor bestuurlijk samengaan.

Besloten is daarom de samenwerkingsverbanden, waarvan er sinds 1989 al ongeveer 40 zijn ontstaan, uit te breiden tot zo'n 500. Hierdoor zullen alle ruim 8.000 basisscholen in Nederland op den duur contacten met het speciaal onderwijs hebben. In een samenwerkingsverband werken basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs samen in de vorm van collegiaal overleg, studiemiddagen, gezamenlijke leerlingbesprekingen en ambulante begeleiding door het speciaal onderwijs.

Voor de uitbreiding van de samenwerkingsverbanden wordt 112 miljoen gulden uitgetrokken, het bedrag dat nog over is van de 155 miljoen die in het Regeerakkoord was uitgetrokken voor basis- en speciaal onderwijs. Ruim 40 miljoen hiervan is opgegaan aan de groei van het speciaal onderwijs. Het geld zal bijvoorbeeld kunnen worden gebruikt voor nascholing of 'remedial teaching'. De bedoeling is dat het speciaal onderwijs dankzij de samenwerkingsverbanden vanaf januari 1992 niet meer zal groeien. In 1995 zal worden bekeken of door de samenwerking voldoende moeilijk lerende kinderen in het basisonderwijs blijven om de verbanden ook op langere termijn financieel te ondersteunen.