Raad voor de Kunst vreest afbrokkeling cultuur op tv

DEN HAAG, 23 APRIL. De Raad voor de Kunst is ernstig verontrust over de afbrokkeling van de culturele programma's door de reorganisatie van de publieke omroep. Binnen enkele jaren is, naar de overtuiging van de Raad, cultuur een zeldzaam verschijnsel op radio en televisie. Dit schrijft de Kernraad, een ad-hoc-commissie van de Raad voor de Kunst onder voorzitterschap van oud-minister J. de Ruiter, vandaag in een brief aan de minister van WVC.

De Raad voor de Kunst herinnert de minister aan haar recente uitspraak, dat de culturele taak een van de belangrijkste pijlers onder het publieke bestel vormt. Die component dreigt in het omroepaanbod te worden ondermijnd als straks met het loslaten van het (culturele) programmavoorschrift de concurrentie met de commerciele televisie wordt aangegaan. Door het in Hilversum tot norm verheffen van de hoogte van de kijkcijfers en de RTL4-programmering is volgens de Kernraad de legitimatie van het publieke bestel in het geding.

De Kernraad vreest dat ook de aanvullende culturele taak van de NOS in de nieuwe constellatie niet wordt vervuld, waardoor een verdubbelde vermindering van het kunstaanbod in het verschiet ligt. De Raad voor de Kunst pleit voor een herbestemming van de extra STER-inkomsten voor instandhouding van de culturele component, de verhoging van de omroepbijdrage en het beheer van de extra middelen door een statutair gewijzigd Stimuleringsfonds voor Nederlandse Culturele omroepprodukties.