Opzij, maak plaats, Brinkman heeft plotseling haast

DEN HAAG, 23 APRIL. Opzij, opzij. Maak plaats, maak plaats. CDA-fractievoorzitter Brinkman heeft ongelofelijke haast. Niksoverlegmaatschappij! Wat compromissen? Het heeft Brinkman blijkbaar lang genoeg geduurd. Op de Sociaal-Economische Raad hoeft van hem niet meer te worden gewacht. Brinkman wil flink ingrijpen in de WAO-uitkeringen, nu meteen. En als het kabinet niet snel iets doet, gaat het CDA voor straf niet akkoord met het extra kwartje accijns op benzine en het duurder maken van het eigen huis.

Wat een haast ineens. Dat de CDA-fractievoorzitter vaart wil maken, steekt hij al maanden niet onder stoelen of banken. Maar tot nu toe bleef het bij krachteloos klagen over de stroperigheid in de politiek.

De stok achter de deur ontbrak. Dit weekeinde heeft Brinkman laten zien hoe hij het kabinet naar zijn pijpen wil laten dansen: door niet akkoord te gaan met lastenverzwaringen, zodat de financiele problemen van het kabinet nog groter worden dan ze al zijn. En dat betekent crisis in de coalitie.

Waarom loopt Brinkman ineens zo hard? Nog geen twee maanden geleden dacht hij er niet over werkgevers en werknemers opzij te duwen om op eigen houtje knopen door te hakken over de aanpak van de WAO en het ziekteverzuim. Toch was hij ook toen al bezorgd over het grote aantal inactieven. “Waarom vraagt Brinkman het kabinet dan niet om nu maatregelen te nemen?”, daagde VVD-fractievoorzitter Bolkestein zijn CDA-collega uit bij het debat over de Tussenbalans. “Omdat de heer Bolkestein met mij weet”, reageerde Brinkman, “dat dit soort maatregelen alleen getroffen kan worden indien aan de sociale partners een laatste gelegenheid wordt gegeven om er samen met het kabinet uit te komen.”

Eind februari repte Brinkman in zijn antwoord op Bolkestein nog over het gevaar van papieren maatregelen als niet naar de sociale partners zou worden geluisterd. “Ik hecht er zeer aan dat de komende maanden door werkgevers, werknemers en kabinet benut zullen worden om met elkaar tot zaken te komen”, zei Brinkman. Dat was toen. Acht weken geleden.

Waarom hecht de CDA-fractievoorzitter nu ineens niet meer aan dat overleg met de sociale partners? Volgens eigen zeggen heeft wachten op het SER-advies geen zin meer. “Werkgevers en werknemers zijn het domweg niet eens”, heeft de nieuwe voorzitter van de werkgeversorganisatie VNO, Rinnooy Kan, immers gezegd. “Politiek, u moet uw eigen eitje koken”, gebood de VNO-voorzitter en Brinkman was er als de kippen bij.

Vreemd, want een verdeeld advies over de WAO was twee maanden geleden ook al te voorzien geweest. Waarom nu dan zo'n haast? Niemand verwachtte immers dat de werknemers spontaan ja zouden zeggen tegen lagere WAO-uitkeringen, zoals de werkgevers graag willen. Misschien zijn Brinkmans dreigende woorden niet alleen bedoeld om wat peper op het kabinet te strooien, maar ook en vooral op de SER-partners. Door het kabinet onder druk te zetten waarschuwt Brinkman indirect ook de werknemers: als jullie je niet soepeler opstellen, dan wordt er voor jullie beslist.

De CDA-fractiervoorzitter gaat er daarbij wel van uit dat het kabinet doet wat hij graag wil: fors ingrijpen in de huidige WAO- en ziekteverzuimregelingen. Maar daarover is in de coalitie het laatste woord nog niet gezegd. De PvdA staat over het algemeen huiverig tegenover ingrepen die de WAO'er of zieke werknemer raken in de portemonnee. De fractie probeert het aantal zieken en arbeidsongeschikten liever nog een keer terug te dringen met straffere controle en strengere herkeuringen, zodat mensen sneller weer aan het werk gaan.

Sommige PvdA'ers zouden best verder willen gaan dan het algemene fractiestandpunt dat zich begint af te tekenen. Na de dramatische verkiezingsnederlaag van maart zijn de sociaal-democraten naarstig op zoek naar manieren om zich te profileren. Voorop lopen in de maatschappelijke discussie zou daaraan kunnen bijdragen, roept menig PvdA'er. De ideeen ontbreken echter nog. Waarom dan niet een uitdagender standpunt over de WAO?

De CDA-fractievoorzitter weet dat de PvdA zich na de laatste verkiezingsnederlaag probeert te herstellen. Waarom de PvdA niet voorblijven en zelf de teugels in handen houden, zal Brinkman hebben gedacht, de PvdA is voorlopig toch nog te druk met hergroeperen.

Bovendien kan hij met zijn dreigementen meteen nog even onrust zaaien in de PvdA die het onderling nog niet eens is over de juiste aanpak van het WAO-probleem.

Maar Brinkman heeft niet alleen haast omdat hij de coalitiepartner wil laten zien wie in het kabinet de dienst uitmaakt. De CDA-fractievoorzitter moet ook aan zijn eigen partij denken. In het CDA is de animo om akkoord te gaan met de accijnsverhoging en het duurdere eigen huis niet erg groot. Om de rechtervleugel in zijn fractie te vriend te houden moet Brinkman af en toe zijn tanden laten zien. Lasten verzwaren is voor een deel van Brinkmans collega's vloeken in de kerk. Als ze er al mee akkoord gaan, dan toch alleen als de uitgaven van de overheid echt worden beperkt. Bij voorbeeld door te snoeien op de WAO.

En dan is er nog een laatste, maar zeker niet minste reden waarom Brinkman zo hoog van de toren blaast: zijn eigen positie. De geruchtenmachine over een kabinetscrisis en het vertrek van Lubbers draait op volle toeren. Het zijn speculaties, maar in Den Haag kunnen het self-fulfilling prophecies worden. De door Lubbers aangewezen kroonprins weet dat hij van zich moet laten horen, wil hij de door Lubbers voorgespiegelde kroon ook daadwerkelijk op zijn hoofd gezet krijgen. Tenslotte zijn er kapers op de kust. Is het niet minister Van den Broek van buitenlandse zaken, dan misschien toch wel oud-minister van financien Ruding. Opzij. Maak plaats. Brinkman heeft haast. Bij de PvdA zijn de ferme woorden verkeerd gevallen, maar op zijn partijgenoot Bukman, minister van landbouw, natuurbeheer en visserij, hebben ze in elk geval indruk gemaakt. Die zei dit weekeinde voor de Vara-radio: “Als een leider van een van de regeringspartijen iets zegt, dan moet je goed luisteren.”