Goudmijn

Geniale vondst van de advertentieafdeling van de Perscombinatie (de Volkskrant, Het Parool, Trouw): de rubriek 'oproepen (personen)'. Dit is de manier voor verlegen mensen (meestal mannen) om alsnog een gooi te doen naar het ultieme geluk, dat hen verlamde toen het zich aandiende, op het cafe-terras, in de treincoupe of in de schouwburg. “Luxembourg, 14-4-'91, 22.00 u. Man spijkerjack, oogcontact vrouw leren jack. Zullen we een borrel drinken?”

Deze rubriek geeft de geremde adspirant-minnaar het perfecte alibi.

Hij zit boven zijn biertje te loeren naar dat prachtige meisje aan het einde van de bar, zijn lichaam is een stille schreeuw van verlangen, maar tegelijkertijd voelt hij zijn knieen veranderen in vloeibaar rubber, en hij denkt: ik kan nog altijd een advertentie in de Volkskrant zetten.

Het zelfbedrog van het uitgestelde geluk - het is een interessante markt voor de advertentiejongens. Deze oproep-advertenties zijn overigens niet echt nieuw, al is het wel slim ze in een aparte rubriek onder te brengen. Het vernieuwende aspect aan de rubriek 'oproepen (personen)' is datgene wat ik gemakshalve zal aanduiden als de 'Finkensieper-advertentie'.

Finkensieper is die meneer die niet kon afblijven van de meisjes die aan zijn zorg waren toevertrouwd in zijn functie van inrichtingsdirecteur. Die meisjes - inmiddels vrouwen - zijn daar met terugwerkende kracht heel kwaad over - en terecht. Finkenspieper is inmiddels tot een forse gevangenisstraf veroordeeld. Hij is alleen nog op vrije voeten in afwachting van een uitspraak van de Hoge Raad. Zijn slachtoffers en zijn vermeende slachtoffers (hij is in vijf gevallen schuldig bevonden) voeren al geruime tijd een advertentiecampagne tegen hem in de rubriek 'oproepen (personen)'. Ook na de vonnissen is dat onverminderd doorgegaan.

Enkele voorbeelden. “Finkensieper, je moet maar zo denken: beter aangetast in je privacy dan in je kruis! Marian.” En: “Th.

Finkensieper je bent veroordeeld wegens vijfvoudige verkrachting. In werkelijkheid heb je er veertien tot vijfentwintig te pakken genomen.” En: “Aan de heer Finkensieper: dat er in mei 1970 tegen mijn zin in abortus is gepleegd in het ziekenhuis te Wageningen.” En: “Finkensieper: nu breekt de hel los.” Zelfs zijn adres en de data van zijn vakantie werden vermeld. Toen er daarna tweemaal bij hem werd ingebroken, wendde Finkensieper zich met een klacht tot de directie van de Perscombinatie.

Directeur C. Smaling antwoordde openhartig dat die advertenties hem nooit eerder waren opgevallen. Ik geloof hem op zijn woord: krantedirecteuren hebben wel wat beters te doen dan het lezen van een krant, laat staan hun eigen krant. Enkele dagen later liet Smaling weten voortaan niet meer het adres van Finkensieper te zullen opnemen in de advertenties. Een gebaar dat aan generositeit grenst, ware het niet dat de haatcampagne-per-advertentie kennelijk verder gewoon mag doorgaan. Dat gebeurde de afgelopen week dan ook prompt: “Zeg Finkensieper, vroeger was je toch ook landelijk bekend: onder de tehuisbewoners! Wat zeur je dan nu? Anneke.”

Met de 'Finkensieper-advertentie' is een belangwekkend precedent geschapen: commercieel en moreel. Aan het zakelijk inzicht van directeur Smaling hoort u mij geen moment twijfelen. Hij heeft hier een goudmijn aangeboord waarop zijn kranten het nog eeuwen kunnen uitzingen. Misschien moet de rubrieksnaam boven de oproep-advertenties worden veranderd in 'Het rancunehoekje' of 'Karaktermoordjes', maar voor de rest vult die rubriek zichzelf.

Er openen zich adembenemende perspectieven. Had u nog iets te verhapstukken met uw buurman, uw ex-werkgever, de minnaar van uw partner? Loopt er nog ergens een veroordeelde rond van wie u vindt dat hij een extra douw verdient? Bij de Perscombinatie krijgt u de ruimte.

Onder vermelding van naam en toenaam van uw slachtoffer mag u uw rekening vereffenen. Nee, uw eigen naam hoeft er niet bij te staan - dat maakt het zo persoonlijk.

Resteert alleen nog de kwestie of deze lucratieve rubriek te verenigen valt met de ideele inhoud van de redactionele kolommen van de aangesloten kranten.

Binnenkort kunnen wij deze oproep verwachten: “Krantedirecteur wil borrel drinken met drie hoofdredacteuren.”