Cultureel landverraad

Zoals er een grote stormramp nodig was om het Deltaplan uit te voeren, zo is de dreiging van de culturele dijkbreuk van 1992 - wegval van de binnengrenzen - vereist om een cultureel Deltaplan te maken en uit te voeren. Inderdaad dreigt er een volledige verdrinking van de taal en de cultuur van 21 miljoen Nederlandstaligen: Nederlanders en Vlamingen.

De discussies naar aanleiding van 1992 hebben bevestigd dat je de meeste Nederlandstaligen niet kunt begrijpen in hun taalgedrag zonder je te realiseren dat ze op de bodem van hun ziel een heel diep minderwaardigheidsgevoel hebben over hun moedertaal. In het huis van de gehangene praat je niet over de strop, maar de gehangene leeft nog en kijkt zelfs begerig naar het touw.

Het gevoel is misschien niet helemaal meetbaar, maar er zijn goede hulpmiddelen voor. Hoe vlug gaan Nederlandstaligen een vreemde taal spreken als dat overbodig is?

Veel Nederlandstaligen zijn verguld als ze kunnen laten zien dat ze niet helemaal zonder succes vreemde talen hebben leren uitspreken. Zo zingen de Fransen en de Engelsen de Mattheus-passie bij mijn weten consequent in hun moedertaal, maar tot 1940 was dat in Nederland nog nooit gebeurd. Er was een bezetting nodig voor het besluit om aan K.

Heeroma de opdracht te geven een Nederlandse vertaling te maken. Maar alle anti-Duitsheid van na de bevrijding was onvoldoende om terugkeer naar de Duitse tekst te verhinderen.

Zelfs nu nog noemen Nederlandstaligen een oratorium van Handel de Messaaia (en vooral niet de Messias), en z'n Watermuziek ondergaat hetzelfde lot. De Brandenburgse Poort heet consequent de Brandenburger Tor en de Operatie Woestijnstorm was in het Nederlands Desert Storm.

“Denkt u soms dat ik mijn vreemde talen niet spreek?”

Inderdaad: Hofland heeft groot gelijk (NRC Handelsblad 3 april). Dat er 'geen geld was' voor een Nederlandse culturele manifestatie op de Frankfortse Boekenbeurs was “onbeleefd, lachwekkend, dom maar daarom nog niet ongewoon”. Slechts een van de vele uitingen van cultureel masochisme: weg met ons. Anders gezegd: het is een vorm van cultureel landverraad. Het verschil met culturele collaboratie blijft, maar is niet zo groot meer. Of nog wat breder geformuleerd: als een volk levensmoe is, moet het zichzelf de strop maar aandoen. Waarom houden de Nederlandstaligen dan geen volksstemming: 1. wilt u de Nederlandse cultuur laten annexeren of niet? 2. zo ja, geeft u dan de voorkeur aan Amerika (Engeland), Frankrijk of Duitsland?

Zo nee, dan is diepgaand overleg nodig tussen een aantal hoogst deskundige culturele dijkenbouwers. De agenda zal op zijn minst punten moeten bevatten als: afschaffing van het Engels als basisschoolvak, verplichting van Nederlandse geschiedenis als vak op alle basisscholen, uitbreiding van het vak Nederlandse letterkunde bij het voortgezet onderwijs en bovenal beschikbaarstelling van enkele miljarden guldens per jaar voor een goed doordachte Nederlandse cultuurpolitiek in binnen- en buitenland.

Het is alvast een groot pluspunt dat vooruitziende Nederlanders en Vlamingen de Nederlandse Taalunie hebben gesticht. Het spreekt vanzelf dat die nauw bij het overleg betrokken moet worden.

Een voorbeeld van een voortreffelijke cultuurpolitiek geeft onze zuidelijke buurman ons sinds jaren: Marc Chavannes heeft onlangs gewezen op de Franse voortvarendheid (ook financieel): TV 5 is slechts een van de vele voortreffelijke prestaties die ontstaan als de wil tot zelfhandhaving samengaat met intellect, slagvaardigheid en volharding.

Hebben we niet onlangs gelezen dat meer Duitsers Nederlands leren dan omgekeerd? De bijna-zelfmoordenaar heeft nog een kans op een lang en gelukkig leven.