Wachten op de grote verbouwing

CDA-fractieleider Brinkman heeft afgelopen dinsdag in de wekelijkse fractievergadering verordonneerd dat christen-democratische Kamerleden niet meer mogen speculeren over een kabinetscrisis. Niet openlijk, en ook niet a. Waarvan acte.

Het begon uit de hand te lopen. Bij gebrek aan beleid van het kabinet en dus gebrek aan werk voor de Kamerleden, werd er de laatste weken over niets anders meer gesproken dan het naderend einde van het kabinet Lubbers-Kok. Dat het kabinet voortijdig zal stranden of tenminste in zijn huidige samenstelling de eindstreep niet zal halen, lijkt voor haast niemand meer een vraag. Het gaat er nog slechts om hoe en wanneer.

Het kabinet is op de beruchte politieke glijbaan beland. Dat is het stadium waarin het eenvoudigweg niets goeds meer kan doen. Elke maatregel, elke beslissing wordt door de buitenwereld uitgelegd als zoveelste bewijs voor het disfunctioneren van het kabinet. Al werkt minister Alders van milieu nog zo hard, het milieubeleid stagneert zegt 'men'. En al zegt en bewijst Alders zelfs honderd keer dat de doelstellingen van het Nationaal Milieubeleidsplan en de daaraan gekoppelde maatregelen door het voltallige kabinet zijn overgenomen en nog recht overeind staan, het heeft geen zin. Dan staat er toch op de cover van HP-De Tijd: 'het vastgelopen milieubeleid'.

En al is Jan Schaefer nog zo actief met zijn projectgroep sociale vernieuwing, dit paradepaardje van het kabinet is mislukt, zegt alweer 'men'. Er is gewoon te veel geklungel in het kabinet aan vooraf gegaan om dit thema nog geloofwaardig over het voetlicht te kunnen brengen.

Minister Maij-Weggen idem dito. Na alle missers, aanvaringen en proefballonnen roept alles wat zij voorstelt, hoe onschuldig ook (dimlicht overdag bijvoorbeeld) nog slechts hoongelach op.

De Tussenbalans had de nieuwe frisse start van het kabinet moeten worden, het werd de grote deceptie. Reeds bij de presentatie van het langverwachte stuk moest minister Kok toegeven dat nog niet alle tegenvallers waren gedekt. Inmiddels is politiek Den Haag al weer in de ban van de 'kaderbrief' van Kok waarin nu alweer nieuwe ombuigingsmaatregelen voor nieuwe tegenvallers worden aangekondigd.

Nog geen enkel voornemen uit de Tussenbalans is geeffectueerd, sterker nog, de meesten moeten nog worden geconcretiseerd, maar het kabinet is al weer in een heftige discusie verwikkeld over de vraag hoe de nieuwste tegenvallers kunnen worden opgedweild. De chaotische voortvarendheid heeft zelfs een redelijk stabiele persoonlijkheid als minister De Vries van sociale zaken tot wanhoop gebracht. Kunnen we niet eerst proberen de plannen uit de Tussenbalans uit te voeren, vroeg hij zich vorige week vertwijfeld af.

Niets daarvan. Lubbers en Kok hebben de smaak te pakken. De kaderbrief, oorspronkelijk bedoeld als eerste technisch financiele exercitie met het oog op de eerstvolgende begroting wordt de volgende nieuwe poging voor een totaalaanpak. “Het wordt breder dan een puur budgettaire operatie”, zei Lubbers na afloop van het eerste kabinetsberaad over de brief van Kok. Dankbaar wordt het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid aangegrepen om straks naast nieuwe bezuinigsvoorstellen ook het een en ander te kunnen opperen over werkgelegenheidsbevorderende maatregelen. En zo ligt er weer een stortvloed aan plannen op tafel: van het drastisch verlagen van het minimumloon tot en met het afschaffen van het kostwinnersprincipe in het fiscale stelsel.

Maar wat er uiteindelijk ook voor moois uit tevoorschijn komt, het zal niet aanslaan. Het kabinet heeft zijn krediet verspeeld. Een regeerploeg die na achttien maanden nog steeds geen begin van inspiratie heeft kunnen laten zien of heeft kunnen overbrengen, ontkomt niet meer aan draconische stappen. De meest vergaande is dat het kabinet er gewoon een punt achter zet. Het argument dat Nederland zich in verband met het halfjaarlijkse voorzitterschap van de EG dat op 1 juli begint, geen kabinetscrisis kan veroorloven, maakt weinig indruk. Italie kan toch ook altijd het voorzitterschap bekleden, is het niet onlogische tegenargument.

Iets anders is of de beide regeringspartijen belang hebben bij een kabinetscrisis die door verkiezingen wordt gevolgd. Want niet alleen de PvdA staat op verlies, ook het CDA heeft te maken met een afnemende kiezersgunst. De leuze 'Laat Lubbers zijn karwei afmaken' was in 1986 goed voor negen zetels winst. 'Verder met Lubbers', zorgde in 1989 voor behoud van die winst. Nu wordt al smalend gezegd 'Verder met Lubbers het moeras in'. De leider glanst niet meer, het afbladderingsproces is begonnen. Margaret Thatcher heeft haar “goede vriend” Lubbers er enkele dagen voor haar aftreden nog voor gewaarschuwd: hoe langer je aan het bewind bent, hoe meer vijanden je in eigen kring maakt. Ontzag voor Lubbers kent de Tweede Kamerfractie van het CDA niet meer. Hij is immers met zijn laatste termijn bezig.

Maar Brinkman kan niet nu al de zaak overnemen. Hij is zich vanuit zijn fractievoorzitterschap 'leuk aan het profileren' en moet daar nog even mee doorgaan. Kortom niet al te snel verkiezingen graag.

De PvdA zit al helemaal niet te wachten op een nieuw mandaat van de kiezer. De verwarring is compleet en leiding ontbreekt. De enige zekerheid waarover de PvdA thans nog beschikt, is dat de partij in het kabinet zit. Die laatste zekerheid laat zij zich niet afnemen. Alle ogen zijn gericht op de commissie-Van Kemenade die eind juni een rapport zal uitbrengen over de interne partijcultuur. Het is tekenend voor de desolate toestand waarin de PvdA verkeert: in Godsnaam geef ons een rapport dan kunnen we weer verder, is de houding. Alsof, om maar eens iets te noemen wat in de boezem van de commissie leeft, het combineren van het partijleiderschap met het voorzitterschap van de partij, het vertrouwen bij de kiezers op korte termijn zal terugbrengen. Daarvoor zijn toch in de eerste plaats heldere politieke keuzes nodig.

Geen crisis op korte termijn dus, maar wat dan? CDA en PvdA kunnen dit kabinet toch ook niet zo laten voortsukkelen. Beleid kan vooruitgeschoven worden, verkiezingen niet. Uiterlijk in mei 1994 zal de kiezer oordelen. De kans dat het kabinet plotseling een metamorfose zal ondergaan, of zichzelf uit de modder omhoog zal weten te trekken, moet - gezien de ervaringen tot nu toe - nihil worden geacht. Wat dan voor de hand ligt is een grondige interne verbouwing. Een verbouwing waarbij het kabinet van CDA en PvdA blijft bestaan, maar in elk geval de naamgevers ervan, Lubbers en Kok, 'omwille van de zaak' vertrekken.

De meest wilde scenario's doen al de ronde. Een van de mooiste is ongetwijfeld de 'catch all variant'. Daarbij wordt Lubbers als premier ingeruild voor de Europese commissaris Frans Andriessen. Lubbers kan zich in dat geval op de stoel van Andriessen in Brussel voorbereiden op het voorzitterschap van de Europese Commissie. Slechts een niet onbelangrijk detail pleit tegen deze oplossing: Andriessen zal nooit genoegen nemen met een interim-premierschap en dat is toch een basisvoorwaarde, want uiteindelijk moet Brinkman toch tot het hoge ambt worden verheven.

In deze constructie is de toekomst van vice-premier Kok wat minder duidelijk. Bij hem is de keuze er een van uitersten: of fractieleider, of de luwte. (Het burgmeesterschap van Groningen een post waar Kok kandidaat voor was voordat Den Uyl hem vroeg zijn opvolger te worden, is overigens deze week weer vrijgekomen, maar dit terzijde.) Als het om het kabinet gaat, duikt steeds vaker de vergelijking op met twee olifanten die tegen elkaar duwen en daardoor onbewegelijk blijven staan. Ook PvdA-fractievoorzitter Woltgens hanteerde dit beeld deze week tijdens een spreekbeurt in Emmermeer. Het lukt Lubbers en Kok niet de zaak in beweging te krijgen, terwijl hun steunpilaren in de Kamer, Brinkman en Woltgens, niets liever zouden willen.

De parallel met tien jaar geleden drinUyl en Terlouw uit het kabinet te laten opstappen. Het gebeurde niet, want de direct betrokkenen wilden niet. Een half jaar later moesten ze toch, want het kabinet was opgedoekt. Een 'publiekswissel' om het kabinet te redden. Zouden Lubbers en Kok nu wel durven?