Veiligheidsdienst museum: Niet reageren op diefstal was gevolg afspraak

AMSTERDAM, 20 april - Het uitblijven van ingrijpen door de particuliere beveiligingsorganisatie VNV bij de inbraak in het Van Gogh Museum is het gevolg van afspraken die zijn gemaakt met de museumdirectie.

Dat stelt de VNV in een gistermiddag uitgegeven verklaring naar aanleiding van de inbraak die vorige weekeinde plaatshad.

Directeur G.R. Long van de VNV stelt dat uit intern onderzoek is gebleken dat het personeel en de techniek in de alarmcentrale van de veiligheidsdienst goed functioneerden. Het uitschakelen van het alarmsysteem van het Van Gogh Museum, dat onder druk van de overvallers zou zijn gebeurd, werd volgens de VNV op de alarmcentrale ontvangen en ook geregistreerd.

Niettemin kwam de melding - volgens de beveiligingsafspraken - niet op het beeldscherm van de dienstdoende alarmcentrale-medewerkers terecht.

Er is volgens Long dan ook geen sprake van het bewust negeren of niet goed opletten door het personeel van de alarmcentrale, die op slechts enkele honderden meters afstand van het museum ligt.

Een telefoontje van de alarmcentrale naar het Van Gogh Museum, dat begin deze week nog werd bevestigd door de politie, heeft evenmin plaatsgehad, aldus Long. Een woordvoerder van de politie stelt dat een van de bewakers in het museum in eerste instantie over een dergelijk telefoontje zou hebben gesproken. Nader onderzoek heeft echter uitgewezen dat dat niet is gepleegd.

Een nadere toelichting op de afspraken tussen de VNV en het Van Gogh Museum wil Long niet geven in verband met de vertrouwelijkheid van deze gegevens en het lopende onderzoek. Het museum onthield zich gisteren van elk commentaar.