Raad van State dwarsboomt uitbreiding Urenco in Almelo

ALMELO, 20 APRIL. De Raad van State heeft de beschikking vernietigd waarbij de minister van economische zaken op 17 maart 1987 aan Urenco Nederland in Almelo vergunning heeft verleend voor uitbreiding van de capaciteit voor het verrijken van uranium. Dit heeft Ultra Centrifuge Nederland (UCN), waartoe Urenco behoort, bekend gemaakt.

De Raad van State komt tot zijn uitspraak in een zogenoemde bodemprocedure tegen het verlenen van de vergunning voor de uitbreiding van Urenco. Bezwaren van politieke groeperingen zijn volgens de Raad ten onrechte niet in behandeling zijn genomen. Een handelwijze die in strijd is met de Wet Algemen Bepaling Milieuhygiene en de regelgeving van de Europese Gemeenschap, zo oordeelt de Raad van State.

De uitspraak heeft tot gevolg dat Urenco Nederland een nieuwe vergunning moet aanvragen die de voorgeschreven procedure wel doorloopt. Het bedrijf zal deze aanvraag volgens zijn woordvoerder zo snel mogelijk indienen. Hij maakt onderscheid tussen de vernietigde beschikking en de verleende vergunning. Urenco heeft er volgens hem alle vertrouwen in dat de minister de in 1987 gegeven vergunning niet intrekt, zodat de bedrijfsvoering ongestoord kan worden voortgezet.

Dit betekent dat de uitbreiding van verrijkingscapaciteit - wat een permanent proces is - volgens plan kan worden uitgevoerd.

Mocht de vergunning vervallen, dan raakt de onderneming in acute problemen. Urenco Nederland heeft toestemming gekregen voor een uitbreiding van de produktiecapaciteit tot in totaal 3500 ton.

Tegen de uitbreiding werden destijds 330 bezwaarschriften ingediend, waaronder 166 afkomstig van Westduitsers. De vier bij de verlening van de vergunning betrokken ministeries (behalve Economische Zaken, ook Vrom, Sociale Zaken en WVC) verklaarden een deel van de bezwaarden niet ontvankelijk; alle andere bezwaren werden ongegrond verklaard, danwel verworpen.