Nieuw dansgezelschap wil Stadsschouwburg

AMSTERDAM, 20 april - Yoka van Brummelen, voormalig artistiek leidster van de Groningse dansgroep Reflex, wil in Amsterdam een nieuw dansgezelschap oprichten dat naast Toneelgroep Amsterdam vaste bespeler zou moeten worden van de Stadsschouwburg en Theater Bellevue. Het is de bedoeling, dat aan het Theaterdansgezelschap Augustus 25 tot 30 dansers verbonden zullen zijn en dat het repertoire wordt opgebouwd door huis- en gastchoreografen.

In februari vorig jaar vertrok Van Brummelen bij Reflex, dat ze in vier jaar tijd tot een spraakmakend gezelschap maakte. Haar nieuwe gezelschap moet 'een nieuwe structuur' bieden voor de eigentijdse dans in de hoofdstad. Verschillende vormen van moderne dans zouden een plaats moeten krijgen binnen het gezelschap, dat achttien premieres per jaar wil gaan uitbrengen. Volgende maand zal een voorstel van deze strekking onder de titel 'Amsterdam op stelten' worden aangeboden aan het ministerie van WVC en de gemeente Amsterdam. De vorming van het gezelschap kan dan nog worden opgenomen in het nieuwe kunstenplan dat in 1993 van kracht wordt.

Als opmaat voor het gezelschap is inmiddels een Stichting Augustus opgericht, met het doel nu al, in afwachting van de eventuele subsidie, eigentijdse dansprodukties uit te brengen. Eerste activiteit van de stichting is het uitbrengen van een trilogie van Yoka van Brummelen dit najaar in Theater Bellevue.

In de woorden van Van Brummelen wordt Augustus een 'paletgezelschap', 'een bruisend choreografisch centrum', waar pure dans wordt afgewisseld met zogenaamde theaterdans of zelfs totaaltheater. “Bij het nieuwe gezelschap moet het hele palet van rare geesten dat je in de danswereld aantreft vertegenwoordigd zijn. Een nieuwe choreografie in de academische traditie is voor mij net zo goed hedendaagse dans als een choreografie in moderner idioom.”

Van Brummelen: “Er zijn op dit moment ongeveer 35 danskernen in de stad, die te veel in zichzelf gekeerd zijn geraakt en vaak ook om praktische redenen niet optimaal meer functioneren. De behoefte om dans te scheppen is niet hetzelfde als het hebben van een gezelschap.

Een choreograaf kan bijvoorbeeld zijn ei kwijt in een ballet van tien minuten, maar hij breidt nu vaak zijn idee uit om een avond te kunnen vullen. In zo'n groter verband is dat niet nodig.''

Voor de financiering plaatste Van Brummelen afgelopen woensdag in zes landelijke dagbladen een advertentie waarin 'maecenassen' worden opgeroepen financieel deel te nemen aan het nieuwe gezelschap.

“Eigenlijk is het een poging om te helpen meedenken over alternatieve financieringsbronnen”, zegt Van Brummelen. “De overheid treedt nu op als een moderne maecenas. Maar omdat de overheid nu zelf ook zit te morrelen aan de vanzelfsprekendheid van die subsidies, bedacht ik die advertentie.” De precieze uitwerking van het maecenaat ligt nog niet vast, maar Van Brummelen stelt zich voor dat een maecenas bijvoorbeeld een exclusieve videoregistratie van het door hem gefinancierde ballet krijgt.