Nederlaag in Rijnland-Palts voor Kohl meer dan pijnlijk

BONN, 20 april - Voor een regeringschef is het altijd lelijk als zijn partij in zijn eigen district een nederlaag lijdt, zoiets kan bijvoorbeeld werken op de lachspieren van de internationale collega's.

Maar voor eenheidskanselier Helmut Kohl (CDU) zou er morgen nog veel meer verdriet zijn als zijn partijgenoten de voorspelde nek-aan-nek race met de SPD verliezen in de verkiezingen in Rijnland-Palts (voor de landdag in de hoofdstad Mainz). Want Kohls thuistaatje mag dan maar iets meer dan 3 miljoen inwoners tellen, de uitslag kan stevige gevolgen hebben voor de Duitse politiek.

Kohl, wiens privewoning staat in het voorstadje Oggersheim nabij de chemie-stad Ludwigshafen en die zelf in Mainz premier was tussen 1969 en 1976, weet dat zijn regeringscoalitie (van CDU-CSU en FDP) bij verlies tevens haar heel kleine meerderheid verspeelt in de Bondsraad.

Wat zou betekenen dat de regering in Bonn voor de wetgeving, en dus ook voor wetgeving die de opbouw van de vroegere DDR betreft, weer aangewezen zou zijn op steun van de SPD in deze federale Landerkammer, die wordt samengesteld uit de regeringen van de (zestien) deelstaten.

Anders gezegd: de SPD komt dan weer in de meerderheidspositie die zij in mei vorig jaar, na haar successsen in Noordrijn-Westfalen en Nedersachsen, verwierf. En die zij verloor toen de CDU op 14 oktober vorig jaar de verkiezingen won in vier van de vijf nieuwe Oostduitse deelstaten. Na haar grote nederlaag in de Bondsdagverkiezingen van 2 december vorig jaar, wist de SPD in januari alweer (zij het met heel klein verschil) deelstaat-verkiezingen te winnen in Hessen, waar nu een rood-groene coalitie regeert.

Wint de SPD morgen ook nog in Rijnland-Palts, dan kan Kohl de bespreking met de oppositie van de sociaal-economische opbouw van de vroegere DDR niet meer beperken tot de pas ingestelde en weinig verplichtende werkgroepen. Nee, dan raakt hij verplicht om de SPD-meerderheid in de Bondsraad van zijn politiek te overtuigen, dan moet hij een brug zien te slaan tussen de zeer verschillende opvattingen van regering ('leve de markt!') en oppositie ('leve de overheid!') over de beste middelen om de vroegere DDR uit het moeras te trekken. En zonder nog langer de mogelijkheid te hebben om, zoals vorig jaar zomer - nog voor de Duitse eenwording maar met de Bondsdagverkiezingen in zicht - de SPD te verwijten dat haar tegenwerpingen in feite tegen de Duitse eenheid gericht of zelfs “onnationaal” zijn.

Er zijn nog andere redenen waarom een nederlaag in Mainz bij Kohl en zijn coalitie in Bonn hard zou aankomen. De CDU regeert al ruim 40 jaar onafgebroken in Rijnland-Palts, sinds 1987, toen zij 45,1 procent scoorde, samen met de FDP. De 61-jarige premier Carl-Ludwig Wagner (CDU) zegt al weken dat hij zich een overwinning van de SPD niet kan voorstellen. Hij meent dat na al die jaren waarschijnlijk letterlijk.

Bovendien is het nog maar twee maanden geleden dat Kohls kabinet, ondanks alle verzekeringen voor de Bondsdagverkiezingen dat de financiering van de Duitse eenwording echt zonder belastingverhoging mogelijk was, toch met een extra belastingpakket van 46 miljard voor twee jaar kwam. “Dat kwam ons hier slecht uit”, zei Wagner vorige maand in een interview in zijn kanselarij, en dat zegt hij nog.

Hoewel Kohl en minister Waigel (financien) volhouden dat dit pakket alleen bedoeld was om de kosten van de Golf-oorlog en het nagenoeg wegvallen van de Sovjet-Oostduitse handel te compenseren, trekt de 43-jarige SPD-lijsttrekker Rudolph Scharping, weer een van de politieke kleinkinderen van Willy Brandt, natuurlijk met een andere tekst door Mainz en omstreken: “Op 21 april komt de eerste gelegenheid om de belastingleugen van de coalitie in Bonn af te straffen en tegelijkertijd te kiezen voor betere politiek in Rijnland-Palts.”

De CDU kent nog een handicap waarmee Scharping de spot drijft. Zij treedt namelijk in feite met twee lijsttrekkers aan, want premier Wagner heeft al aangekondigd dat hij over twee jaar terugtreedt ten gunste van zijn partijvriend Hans-Otto Wilhelm, de 51-jarige voorzitter van de CDU-fractie in de landdag.

In 1988 was deze Wilhelm de regisseur van een politieke moord op Bernhard Vogel, de toenmalige CDU-premier (een broer van SPD-voorzitter Hans-Jochen Vogel), die intussen directeur van de Adenauer-stichting is geworden. 'Brutus' Wilhelm wist ook te bereiken dat Wagner beloofde maar tot 1992 premier te zullen blijven. Zodoende kan Scharping (die in 1987 38,2 procent van de stemmen haalde en nu hoopt op circa 45) zijn tegenstander Wagner “een lijsttrekker met een vroege vervaldatum” noemen en Wilhelm “een op macht beluste koningsmoordenaar”.

In de economisch niet zo sterke wijn- en landbouwstaat Rijnland-Palts, die door de Duitse eenwording ook een enigszins perifeer gebied is geworden, gaan de voorgenomen Amerikaanse, Duitse en Franse troepenreducties voor een extra probleem zorgen. Dit temeer omdat tienduizenden militairen grotendeels uit structureel zwakke streken zullen vertrekken en de regering in Bonn nog zwijgt over wat zij daarna zal (kunnen) doen om te helpen. Die zwijgzaamheid is nu, net als dat extra belastingpakket, een nadeel in de regionale campagne van de CDU en de FDP.

Met wie Scharpings SPD zou willen regeren, zegt zij niet. De FDP (in 1987 goed voor 7,3 procent en nu hopend op meer) zou liever verder gaan met de CDU. De Groenen willen heel graag een coalitie met de SPD aangaan, maar zij zitten nu niet in de Landdag en moeten eerst de kiesdrempel van vijf procent nog zien te nemen. Politieke zwaargewichten als Kohl, minister Genscher (FDP), Willy Brandt en Vogel (SPD) en de Groene 'Realo' Joschka Fischer (minister in Hessen) hebben de afgelopen weken druk meegedraaid in de campagne.

Beslissend voor de uitslag en de coalitievorming wordt waarschijnlijk de opkomst van de “vaste” maar in hun partij, en kanselier Kohl, teleurgestelde CDU-kiezers, zo meenden praktisch alle professionele wichelaars de afgelopen dagen. Zo gezien zal morgen in het traditioneel christen-democratische Rijnland-Palts dus ook blijken wat Kohls Kanzlerbonus een half jaar na de Duitse eenwording nog waard is.

    • J.M. Bik