Help de Veluwe - win een auto; Commotie rond de ANWB

De ANWB is een club geworden van snelle, graag in een auto zittende jongens in blazers. Dat is de visie van een groep dissidente leden, die faam kreeg als de Verontrusten. Niet zonder slag of stoot werden twee van hen vorige week verkozen tot lid van de bondsraad, het 'parlement' van de Toeristenbond. Reconstructie van een richtingenstrijd binnen een nationaal bolwerk. 'Wij zijn in de eerste plaats een club van autorijders, geen milieuorganisatie.'

De entreehal van het ANWB-hoofdkantoor in Den Haag ontleent haar allure vooral aan een fontein van koper met een vrouwenfiguur, uit wier voetstuk straaltjes water stromen. Wie om het bassin heen loopt, ziet dat de rand is gesierd door een deel van een gedicht: De ruimte zwelt en mindert- Verwonder u om alles wat bestaat- Ga ver op reis- Gij wordt alleen gehinderd- Door 't wereldlot- Wanneer uw geest geen verre reis verstaat.

Bezoekers die deze dichtregels van Jan Engelman ter harte nemen, kunnen ter plaatse aan zijn oproep gevolg geven. Een reeks balies staat open voor alle voorbereidingen die een Nederlander denkt te moeten treffen voor hij op reis gaat. Zoals ook het geval is in de andere ANWB-kantoren, kan men hier terecht voor de Internationale Reis- en Kredietbrief (IRK), het Intertravel Carnet (ITC), het Internationale Kampeercarnet (IKC), het kampeerbewijs, het aanhangwagen- en vaartuigsupplement, tal van reisverzekeringen (waaronder de Vaker Vakantie Verzekering en de Vervangend Verblijfdekking), het rechtshulpcertificaat, de ANWB Creditcard, reischeques, benzinebonnen en tolkaartjes. Bovendien is er een reisbureau en, geflankeerd door een portret van koningin Beatrix, een winkel met een assortiment dat varieert van routekaarten, gidsen en verbandtrommels tot mini-strijkijzers, Sunselect parasols en disselsloten voor caravans.

De dienstverlening blijft niet beperkt tot de ANWB-vestigingen in vijftig steden. Zo beschikt de bond over een aantal verplaatsbare kantoren, ruim dertig 'technocentra' voor autokeuringen, een Wegenwacht met 700 man personeel en een Alarmcentrale. Daarnaast zijn steeds meer medewerkers betrokken bij een verbazingwekkende reeks cursussen die de mobiliteit van de leden moet bevorderen. Het ANWB-handboek vermeldt dit jaar onder meer instructies terreinrijden, autorijles-kampen, rijvaardigheidsritten, grip & slip-trainingen en manoeuvreer-lessen voor bezitters van caravans. Verder heeft de vereniging, speciaal voor landgenoten die over de grens moeilijkheden krijgen, in verschillende vakantie-oorden 'steunpunten' ingericht.

Deze faciliteiten bieden geen soelaas voor het kleine ongerief waarmee Nederlanders in het buitenland veelal kampen. Voorlichting hierover biedt echter De Kampioen (met een oplage van 2,5 miljoen het grootste maandblad van Nederland), dat in zijn brievenrubriek lezers aan het woord laat over onhygienische toestanden en gevaarlijke of malafide praktijken. Tot de onderwerpen die in de laatste nummers aan bod komen, behoren bedorven voedsel in Turkije, een beroving langs de Franse autoroute A7 en bandieten in Italie: ''Wij zijn, met achterlating van onze kampeerspullen en camera, snel de auto ingestapt en wisten ternauwernood te ontkomen.'' Alleen al in dit opzicht is het blad, een van de negen die de ANWB uitgeeft, een veelgezochte bron van informatie.

CONSULS

Dank zij alle voorzieningen en service is het aantal bondsleden, zo wijst de telling van april uit, gegroeid tot 2.895.011. Daarmee is de ANWB de grootste vereniging van het land: een nationaal instituut met 2.800 man personeel en een structuur die doet denken aan die van een middelgrote staat. Naast een bondsraad van negentig leden (ook wel aangeduid als 'het parlement'), een aantal consuls in de buitendienst en een ere-voorzitter (prins Bernhard), kent de vereniging sinds kort een raad van advies, een raad van toezicht en een directie van vier man. Als leidraad voor hen allen is er de standpuntenbundel, een jaarlijkse samenvatting van de opvattingen die de ANWB in bepaalde kwesties inneemt.

Hoofddirecteur is sinds 1987 Paul Nouwen, een als ambitieus en dominant bekend staande jurist. Na een carriere van 27 jaar bij Nationale Nederlanden, kreeg hij de taak de ANWB na een aantal jaren van chaos en malaise weer op het juiste spoor te krijgen. Als hoofdschuldige voor de slechte gang van zaken stond zijn voorganger IJntema te boek: hoewel hij acht jaar tevoren bij zijn aanstelling had aangekondigd van de bond ''een business van heb ik jou daar'' te zullen maken, werd in de 'rampjaren' 1985 en '86 een verlies geboekt van dertig miljoen gulden. Na IJntema's voortijdig vertrek begon Nouwen aan een straffe sanering, die naar de eisen des tijds stoelde op automatisering, management-ontwikkeling en efficiency (met in het verlengde daarvan een personeelsstop). Bovendien kreeg De Kampioen een face-lift waardoor minder ruimte overbleef voor 'ongezellige'

informatie en werd een begin gemaakt met de modernisering van de Wegenwacht, die onder meer gestalte krijgt in een 'meer sportief'

kostuum met blouson. Belangrijker dan dit alles was dat Nouwen, zoals hij het in 1988 in Elsevier noemde, een duidelijke strategie koos die zich vooral richt op het behartigen van de belangen van automobilisten. Dat dit geen loze woorden waren, bleek het jaar daarop uit zijn oppositie tegen de plannen van de regering het reiskostenforfait af te schaffen - een voornemen dat leidde tot de val van het toenmalige kabinet. Nouwen, die indertijd bij Nationale Nederlanden zijn chauffeurs opdracht gaf plankgas te rijden, scherpte kort na de regeringscrisis zijn opvattingen nog aan. ''Wij zijn in de eerste plaats een club van autorijders, geen milieuorganisatie'', aldus een van zijn stellingen in hetzelfde weekblad. Niettemin zou de ANWB zich inzetten voor het milieu ''voor zover dat in het belang is voor verkeer, vervoer, recreatie en toerisme'', maar daarbij moest volgens de directeur een ding voorop staan: ''Wij zijn de mensen van de Wegenwacht en van de autovakanties. Je kunt toch bij het autootje pesten geen steun zoeken bij de grootste automobielclub van Nederland?''

Het lag dan ook in de lijn dat Nouwen, door Elsevier aangemerkt als de spreekbuis van de autolobby, de afgelopen jaren de banden met de RAI en de Bovag verstevigde. ''Gezien onze gemeenschappelijke belangen hechten we aan een goede relatie'', geeft Bovag-woordvoerder Rob Boon desgevraagd toe. ''Het gaat om het handhaven van de vrijheid van mobiliteit, daarover denken wij hetzelfde.''

Onder een deel van de leden gaf de opstelling van de ANWB nu en dan aanleiding tot licht gemor. De onvrede groeide aan tot ergernis toen de bond twee jaar geleden een puzzelactie opzette met als opmerkelijke slagzin Help de Veluwe - win een auto. De actie, waarvan de opbrengst was bestemd voor het ondergronds museum de Dassenburcht, had als hoofdprijs een Citroen AX: een nieuwe aanwinst voor het Nederlandse wagenpark, dat door zijn omvang een bedreiging vormt voor de laatste dassen die ons land telt.

''Het was cynisch dat de ANWB juist op deze manier iets voor de natuur wilde doen'', zegt Kees Jan Hoogelander, woordvoerder van een groep verontruste ANWB-leden in Nijmegen. ''Door deze actie realiseerden wij ons dat de bond namens de leden activiteiten onderneemt en uitspraken doet waarmee velen van hen het niet eens zullen zijn.'' Deze veronderstelling bleek juist: het gezelschap Verontrusten, zoals zij zich noemden, groeide snel uit tot een landelijke beweging met contactpersonen in alle provincies. Voor Zuid-Holland is dat Diny Abbenbroek, die al eerder tot de conclusie was gekomen dat de ANWB na de komst van Nouwen ''een club van snelle jongens in blauwe blazers''

was geworden. ''Men legt sterk de nadruk op mobiliteit, waardoor het autorijden een extra stimulans krijgt. Dat is in deze tijd een kortzichtige politiek.''

LEDENVERGADERING

Binnen enkele maanden waren voldoende handtekeningen verzameld om, voor het eerst in het 108-jarige bestaan van de vereniging, een speciale ledenvergadering te kunnen beleggen. Deze werd maart vorig jaar gehouden in Ede, waar de natuurkundige Marc van Lieshout namens de Verontrusten verkondigde dat het al te voorzichtige milieubeleid van de ANWB berust op een 'bovenmatig vertrouwen' in technische voorzieningen als de drieweg-katalysator. Deze houding, zo betoogde hij, speelt automobilisten in de kaart en geeft aan dat men zich neerlegt bij het 'afsterven' van tachtig procent van de bossen. ''Het roer moet om'', luidde dan ook de conclusie: de toeristenbond moest zich sterk maken voor een maximum-snelheid van negentig kilometer per uur, het openbaar vervoer steunen en zich uitspreken tegen de aanleg van nieuwe wegen en tunnels. Drie maanden later werden moties van deze strekking unaniem verworpen door de bondsraad, die door Nouwen al was gewaarschuwd voor de implicaties van de discussie: ''Voor een vereniging als de onze is een sterke polarisatie tussen voor- en tegenstanders van dit soort ideeen een gevaarlijke ontwikkeling'', stelde hij vast.

Anders dan de directie had gedacht, sloten de Verontrusten zich na hun nederlaag nauwer aaneen. Op een landelijke bijeenkomst eind vorig jaar stippelden ook zij een strategie uit: men kwam overeen om, volgens de regels van de democratie, de bondsraad te infiltreren door op provinciale ledenvergaderingen kandidaten te stellen. De eersten die de strijd aangingen waren, vorige maand in Rotterdam, prof.ir. P.

Hakkesteegt (hoogleraar verkeerskunde in Delft) en ir. C. Zijdeveld (wethouder energie en verkeer in Schiedam). Zij hadden 90 stemgerechtigde medestanders, maar de aanhangers van de officiele koers wisten zich gesteund door 160 aanwezigen - 140 meer dan het aantal dat in rustiger tijden dergelijke avonden pleegt te bezoeken.

''De ANWB had het nodig gevonden van tevoren druk te lobbyen'', weet Diny Abbenbroek. ''Zelfs een zieke mevrouw was opgetrommeld op de vergadering te verschijnen.'' Ernstiger was, zegt ze, dat de 'eigen'

kandidaten positiever werden belicht dan hun verontruste tegenhangers. ''De opinierende, sarcastische toon die werd aangeslagen, maakte me heel boos'', beaamt wethouder Zijdeveld. ''De ANWB loopt niet over van vreugde nu de leden inspraak willen, zoveel is wel duidelijk geworden.

Een gemiddelde sportclub zou in zo'n situatie volwassener reageren. Ook de rest van de avond verliep teleurstellend. Er was een obligate dia-serie zonder enige informatiewaarde en inhoudelijke vragen werden beantwoord met dooddoeners.''

Professor Hakkesteegt reageerde met een brief aan Nouwen, waarin hij signaleerde dat de nieuwe groepering binnen de ANWB er dieper dan de tegenpartij van is doordrongen ''dat er meer op het spel staat dan verschillen in zienswijze'': het gaat, schreef hij, om de keus voor een verkeers- en vervoerssysteem ''dat milieuproblemen niet afwentelt op toekomstige generaties''.

De ruim tweeduizend Verontrusten putten intussen hoop uit de snel groeiende aandacht die de ANWB schenkt aan het milieu. Stencils leggen uit dat het beleid erop is gericht 'de emissies' (ook wel 'de uitstoot') door het personenverkeer te beperken met behulp van schonere auto's en dito brandstof. Verder krijgt zowel fiets als openbaar vervoer alle steun en streeft de bond naar beheerst autogebruik. De ANWB geeft zelf het goede voorbeeld door de aanschaf van zuiniger auto's voor de Wegenwacht en, naar werd gemeld, de recycling van het lidmaatschapspasje. In navolging hiervan maakte een lid van de bondsraad onlangs op een bijeenkomst in Bilthoven duidelijk dat ook hij het beste voor heeft met het milieu: zijn theezakjes verdwijnen pas in de emmer voor groente- en fruitafval als daaruit de nietjes zijn verwijderd. Ook op deze provinciale vergadering leden de kandidaten van de Verontrusten overigens een nederlaag en hetzelfde gebeurde (hoewel met een minimaal stemmenverschil) een paar dagen later in Gelderland.

'MILIEUGEKLETS'

Op de ledenvergadering in Breda was de stemming onder de reguliere ANWB'ers vorige week dan ook welgemoed. ''We redden het wel weer'', zei een van hen tegen een gelijkgestemde, kort voor de zitting begon.

Hij kreeg gelijk: nadat directeur Nouwen om nuance had gevraagd en een Verontruste (ditmaal een chemicus) een pleidooi had gehouden voor inperking van het verkeer, zorgde een getergde Brabander voor krachtig weerwerk. Met 'het milieugeklets' moest het nu maar eens uit zijn, vond hij: ''Er wordt de laatste tijd veel te weinig actie gevoerd voor de automobilist, de ANWB ziet toe hoe ze hem braaf uitmelken.'' Even later wees een stemming uit dat de chemicus was verslagen. Op weg naar de uitgang van de zaal zei hij niet verbaasd te zijn: ''Wat kan je verwachten? De hele toonzetting van deze avond is die van een instituut op de terugtocht. Maar we gaan door, de zaak is in beweging.''

Twee dagen daarna, nu ruim een week geleden, keerden reeds de kansen. Zonder dat iemand dat had verwacht, verwierven twee Verontrusten in de Deventer schouwburg meer stemmen dan de andere kandidaten. Dit betekent dat zij zitting krijgen in de bondsraad, waar ze als eersten 'van binnenuit' gaan proberen het beleid van de ANWB te beinvloeden.

''Aanvankelijk hield Nouwen zich in bedwang, maar hij verkeerde in grote spanning'', weet een actievoerder in Overijssel te melden. ''Zo gauw een radioverslaggever uit het zicht was verdwenen, barstte hij uit in woede. Hij was buiten zichzelf.''

Een paar dagen later plaatst Paul Nouwen op afstandelijke toon de gebeurtenissen in perspectief. ''Ach, wat er op zo'n avond in een zaaltje in Deventer gebeurt, is niet van werkelijk belang. Het is een signaal dat aangeeft wat er bij sommigen leeft, meer niet. Ik heet die twee nieuwe leden van de bondsraad van harte welkom, maar ik hoop wel dat ze met concrete, onderbouwde plannen komen: louter kretologie is niet genoeg, daar kunnen we niet mee uit de voeten. Wij zijn tenslotte een Koninklijke Toeristenbond: je kunt van ons niet verwachten dat we, in strijd met de statuten, eraan meewerken de auto te verbieden. We kunnen de mensen toch moeilijk vragen hun caravan maar achter de trein te hangen.''

AGRESSIE

In de geschiedenis van de ANWB was de auto al eerder een strijdpunt.

De vereniging komt voort uit de Nederlandsche Velocipedisten-Bond, die in 1883 werd opgericht in de Utrechtse villa Buitenlust. De in rijbroek gehulde voorzitter C.H. Bingham schonk daarbij champagne, want fietsen was in die tijd iets voor welgestelden. Bij minder bedeelden wekte deze bezigheid agressie op, zo blijkt uit het ANWB-jubileumboek Een eeuw wijzer (1983). Vermeld wordt bijvoorbeeld dat Charles Boissevain, de latere hoofdredacteur van het Algemeen Handelsblad, met koolstronken en steenkool werd bekogeld toen hij zich hoog op zijn velocipede op straat vertoonde.

De weerzin tegen de automobiel was zo mogelijk nog groter. ''De auto, onze vijand'', schreven de kranten, maar de ANWB (zoals de bond inmiddels heette) zag het ook toen als zijn taak dit voertuig te beschermen. ''Een vereeniging die uitsluitend wielrijdersbelangen behartigt, de belangen van andere gebruikers van de weg negeert en geen andere toeristen dan wielrijders in haar gelederen duldt, heeft weinig reden van bestaan'', schreef het bestuur omstreeks de eeuwwisseling. Al gauw kwam de bond met eigen benzine (Autoline), een verzekering voor automobilisten en een technische bijlage van De Kampioen met onder meer voorlichting over de explosie-motor. In 1925 belegde de ANWB bovendien 'noodklokvergaderingen' die de regering aanspoorden tot het aanleggen van betere wegen, ''onmisbaar voor het economisch leven.''

Ondanks soms moeilijke tijden ging het de bond voor de wind, zo leert het gedenkboek. Een niet gememoreerd incident was in 1975 de oprichting van de Eerste Enige Echte Nederlandse Wielrijders Bond (ENWB), een naam die na een proces werd veranderd in Eerste Nederlandse Fietsers Bond (ENFB). De vereniging (nu 25.000 leden) was bedoeld als een alternatief voor de ook toen al als te autovriendelijk beschouwde ANWB. ''Vergeleken met vijftien jaar geleden stellen we ons nu wat toegankelijker op, maar de ANWB en wij liggen elkaar nog steeds niet'', stelt coordinator Jim Schouten. ''Ondanks samenwerking op verschillende punten is er nog wrevel en wantrouwen.''

Schouten geeft toe dat de actie van Verontrusten de ENFB plezier doet. ''We zien het aan en lachen erom. Het is goed dat het binnen de ANWB rommelt; als de spanning er wordt opgevoerd, verandert er misschien wat.''

KEERPUNT

Ook professor Hakkesteegt heeft daar zijn hoop op gevestigd. ''De houding van de ANWB is van groot belang: het gaat hier niet om een of andere korfbalclub, maar om een vereniging met bijna drie miljoen leden - een organisatie die groter is dan de roomskatholieke kerk en veel groter dan de club van Lubbers. Nu we wat verkeer en vervoer betreft op een keerpunt staan, kan pure belangenbehartiging van de automobilist niet meer de eerste opdracht zijn. Wie de nadruk legt op het belang van individuele mobiliteit, moet nu ook de effecten daarvan op de omgeving incalculeren. Daarbij gaat het om het lawaai, de onveiligheid, de leefbaarheid en, bovenal, de opnamecapaciteit van het milieu.''

Over dit laatste is Hakkesteegt niet optimistisch. ''Onze berekeningen tonen aan dat over twintig jaar, ondanks de katalysator en andere technische verbeteringen, de toelaatbare normen drastisch worden overschreden. Waar dit toe leidt zie je bijvoorbeeld in Los Angeles: een blik op de foto die De Kampioen publiceerde bij een artikel onder de optimistische kop 'Californie wijst de weg voor de schone auto'

zegt meer dan genoeg. Om dergelijke situaties hier te voorkomen dienen nu stringente maatregelen te worden genomen: we moeten paal en perk stellen aan de bouw van zowel wegen als tunnels en fors investeren in openbaar vervoer.''

ANWB-directeur Nouwen, op zijn beurt, hecht eraan reeel te blijven. ''Moet er voor wegen nog minder geld worden uitgetrokken dan onlangs is besloten?'' vraagt hij zich af. ''Nu al dreigt het gevaar dat ons land in Europa op dit terrein een achterstand krijgt. Moeten we de zaak soms laten vastlopen en de economie kapot laten gaan? Niemand kan verwachten dat een vereniging die mobiliteit als hoofddoelstelling heeft, aan zoiets meewerkt. Een voetbalclub vraag je toch ook niet met voetballen te stoppen?''

R.J.C. Braams, tot voor kort milieudeskundige bij de Bovag, heeft alle begrip voor het ANWB-standpunt. ''Milieufanaten als de Verontrusten voelen zich bijna criminelen als ze in de auto zitten, laat staan als die auto ook nog door het bos rijdt, maar ze vergeten dat het vooral de veeteelt is die de verzuring veroorzaakt. En bovendien beseffen ze niet dat de wegen in Nederland niet meer oppervlakte beslaan dan het railverkeer, dat hier en daar met verouderd en daardoor vervuilend materieel door woonwijken dendert.''

Ook Braams vindt dat het zaak is vooral nuchter te blijven. ''Van de 2,9 miljoen ANWB-leden zijn er 2,8 miljoen automobilist'', weet hij.

''Dat is een belangrijk gegeven. Het wil zeggen dat die mensen ervan uitgaan dat de bond voor hen in de bres springt als er, zoals pas weer gebeurde, belachelijke kostenverhogingen worden gedecreteerd. Zij vinden dat de ANWB ervoor moet zorgen dat ze simpelweg kunnen blijven rijden.''

Maar zo eenvoudig ligt het gelukkig niet, stelt professor Hakkesteegt. ''Meer dan menigeen denkt, zijn Nederlanders bereid zich open te stellen voor de problemen van onze samenleving. Het zou daarom goed zijn als de ANWB een discussie aangaat over het principe 'blij dat ik rij'. Daarbij behoren vragen aan de orde te komen als: wie geeft mij de vrijheid om harder dan honderd kilometer per uur over de wegen te rijden, door woonwijken te ronken, stank te veroorzaken en de natuur aan te tasten? En wie bepaalt dat vrijheid van bewegen een grondrecht is?

''Dit alles mondt uit in de kernvraag die verwoord is in de ondertitel van het Nationaal Milieubeleidsplan: kiezen of verliezen. Wanneer we nu het eerste doen, kunnen we het tweede misschien nog vermijden.''

foto: 'De Wegenwacht startte in april 1946 met zeven zijspans - de eerste motor was een Harley Davidson, type Liberator, afkomstig uit een dump van het 1ste Canadese leger. Anderhalf jaar later reden er al 70 Wegenwachtzijspan-combinaties, die sinds 15 april 1946 22 maal rond de aarde waren gereden. En dat allemaal in Nederland, zonder fooien te accepteren!'