Giulietta e Romeo: een opera met breed allure

Giulietta e Romeo: KRO Radio 4 20.02-22.15 uur.

Laaiend enthousiast was het publiek in het Utrechtse Muziekcentrum Vredenburg toen daar op 10 maart een einde kwam aan een concertuitvoering van de opera Giulietta e Romeo van Riccardo Zandonai. Vanavond zendt de KRO-radio de opname uit van deze enerverende uitvoering van Giulietta e Romeo. Al is het stuk misschien niet helemaal een meesterwerk, het is toch met zoveel vakmanschap en brede allure geschreven, dat het de vraag is waarom het, evenals de andere tien door Zandorai voornamelijk in de tijd tussen de wereldoorlogen geschreven opera's, zo in vergetelheid is geraakt.

Kennelijk kregen in het Mussolini-tijdperk gematigd moderne werken als die van Zandonai buiten de Italiaanse grenzen niet de aandacht die ze verdienden. Want al is de door Mascagni opgeleide Zandonai niet de nieuwe Puccini waarvoor men hem aanvankelijk hield, in Giulietta e Romeo blijkt hij een componist die met een vernuftig mengsel van veristische en Duits-expressionistische stijlmiddelen muziekdramatische effecten creeert van bijzondere zeggingskracht.

De in Amerika werkzame Italiaanse dirigent Alfredo Bonavera maakte met zijn geinspireerde muzikale leiding meteen een schitterend Nederlands debuut. De gloedvolle gepassioneerde samenklank van Het Groot Omroepkoor en het Radio Filharmonisch Orkest vormde voor de solisten het ideale kader om te komen tot een totaal muzikaal menselijke vereenzelviging met de door hen uitgebeelde figuren. De hier debuterende Canadese tenor Louis Lagelier, die speciaal voor deze uitvoering de zware rol van Romeo instudeerde, gebruikte de expressieve kracht van zijn exceptioneel fraaie geluid voor een vertolking die in zijn eerlijke directheid overrompelde en vervoerde.

De niet minder zware rol van Julia werd al even indrukwekkend vertolkt door de eveneens voor het eerst in Nederland optredende Amerikaanse sopraan Francis Ginsberg. In het slotduet is zij met haar fijnzinnige gepassioneerde erotische betrokkenheid als het ware de personificatie van de nobele, liefhebbende en vooral tedere vrouw. Onder de andere solisten leverden bariton Sigmund Cowan als Tebaldo Capuleto met zijn buitengewoon krachtig helder geluid en de tenor Anthony Rolfe-Johnson met zijn ontroerende klacht over de vermeende dood van Julia bijzondere bijdragen aan deze uitvoering. Opvallend goed verzorgd werden ook een aantal kleine rollen door Leo Geers.