'Tsjernobyl' is in Bulgarije meer dan elders een symbool

ROTTERDAM, 19 april - Op 1 mei 1986 trokken in Sofia de gebruikelijke lange, lange rijen volk langs het mausoleum van Georgi Dimitrov, de stichter van het Bulgaarse staatssocialisme, waarop als gebruikelijk Dimitrovs erfgenamen, de leiders van de Bulgaarse Volksrepubliek, minzaam zwaaiend het voorgeschreven enthousiasme over de viering van de Dag van de Arbeid ter kennis namen. De militairen en de gymnasten, de arbeidersmilities en de partijactivisten en de kinderen, veel kinderen, trokken urenlang keurig over het inmiddels omgedoopte Negen Septemberplein langs Todor Zjivkov en zijn collega's, op commando zwaaiend met vlaggetjes, als op elke eerste mei.

Niettemin is die eerste mei, die van 1986, een dag die de inwoners van Sofia zich met afschuw herinneren. Vijf dagen eerder was in het Oekraiense dorp Tsjernobyl een kernreactor in brand geraakt. Bovendien regende het pijpestelen, die eerste mei van 1986. En nu nog, vijf jaar later, weet elke inwoner van Sofia zich nog voor de geest te halen hoe de kinderen van de stad die dag werd opgetrommeld om zonder paraplu's, zonder enige bescherming en volkomen argeloos de leiders van het Bulgaarse socialisme eer te bewijzen, terwijl de radioactief besmette regen in bakken op hen neerkwam.

Mede door dat beeld - kinderscharen in de regen - is in Bulgarije, meer nog dan in de andere Oosteuropese landen, het thema Tsjernobyl blijven leven. Het is daarom ook niet verwonderlijk dat Bulgarije het eerste land in Oost-Europa is dat een proces wijdt aan 'Tsjernobyl' en de gevolgen ervan.

Op dat maandag begonnen proces staan de voormalige Bulgaarse vice-premier Grigor Stojtsjkov en oud-onderminister van gezondheid Loebomir Sjindarov terecht. Zij hebben alles afgeweten van de ramp, zo zegt de aanklacht, zij hebben het publiek niet geinformeerd en zij hebben geen maatregelen genomen. Die criminele nalatigheid kan de twee een gevangenisstraf van drie jaar opleveren. Terwijl op sommige plaatsen in Bulgarije een straling werd gemeten van 65.000 Bq of zelfs (in Varna) 163.000 Bq per kubieke meter (tegen een toelaatbare norm van 11.000), werd het volk op die eerste mei in de stromende regen de straat opgestuurd, werd twijfelende wetenschappers het zwijgen opgelegd en werd zelfs verhinderd dat artsen instructies kregen. Het vee kreeg gewoon besmet voer, en in de lente van 1987 heeft heel Bulgarije radioactief besmet vlees gegeten en radioactief besmette melk gedronken. Heel Bulgarije, behalve de hoogste leiders van partij, staat en leger, want die wisten wel beter. Sindsdien is het aantal gevallen van kanker bij kinderen met tweehonderd procent gestegen en is een toename geregistreerd van het aantal miskramen, vroege geboorten en misvormingen bij kinderen.

Geheel naar verwachting speelde hoofdbeklaagde Grigor Stojtsjkov de afgelopen dagen de vermoorde onschuld: niet hij was schuldig, anderen waren het. Stojtsjkov zei tegen journalisten dat de toenmalige Sovjet-ambassadeur de Bulgaren indertijd had verweten “teveel heisa”

te maken over Tsjernobyl. En dat de Bulgaarse media niet over de gevolgen van de ramp werden geinformeerd, wel, dat lag aan het Centraal Comite. Tijdens het proces zelf was van een Sovjet-ambassadeur en het Centraal Comite ineens geen sprake meer. Nu waren de toenmalige premier Georgi Atanasov en het Comite voor Kernenergie volgens Stojtsjkov de hoofdschuldigen. “Ik denk dat ik mijn menselijke plicht gewetensvol heb vervuld,” zei hij vroom. Hij had de premier geinformeerd, en zich later nog verbaasd over het uitblijven van maatregelen. Waarna hij zich beklaagde, want de aanklacht is een “brutale manipulatie” van de feiten, er staan veel “vervalste cijfers” in. De aanklacht is alleen maar bedoeld om “wantrouwen en spanningen” te wekken bij de bevolking, aldus Stojtsjkov.

Of het hem helpt, is de vraag. Volgens deskundigen is buiten de Sovjet-Unie geen land zo zwaar getroffen door de gevolgen van de ramp in Tsjernobyl als Bulgarije, en aangezien de informatie- en beslissingsprocessen ten tijde van het socialistische regime vrij makkelijk zijn na te gaan, lijkt de bewijsvoering minder moeilijk dan in andere processen tegen voormalige kopstukken van dat regime. Geen wonder dat de leider van de Bulgaarse Groenen, Loebomir Koetsjoekov, het proces al heeft bestempeld als “het referentiepunt” voor andere processen.

Voor veel Bulgaren intussen staat vast dat er inzake 'Tsjernobyl' straffen moeten worden uitgedeeld. Sinds het begin van het proces op maandag verzamelt zich voor het gerechtsgebouw in Sofia een menigte die bij de aankomst van de verdachten een spreekkoor aanheft. De populairste scheldwoorden: 'moordenaars' en 'rood vuil'. Woensdag raakten de betogers zelfs slaags met aanhangers van de (ex-communistische) socialistische partij.

Het is tekenend: geen ander proces, nog niet eens dat tegen Todor Zjivkov - het grootste proces uit de Bulgaarse rechtsgeschiedenis - trekt menigten, van welke omvang dan ook.

Maar ook alleen hier, in Bulgarije, is 'Tsjernobyl' een symbool, een dubbel symbool zelfs: het symbool van de onverschilligheid van de voormalige leiders ten aanzien van het welzijn van hun eigen burgers, en het symbool van de serviliteit van die leiders jegens de Sovjet-Unie. Zelfs een ramp als die in Tsjernobyl en de gevaren die die ramp voor de Bulgaren met zich meebracht, konden Zjivkovs regime er niet toe brengen die slaafse navolging van de Sovjet-Unie op te geven. En geen inwoner van Sofia die dat is vergeten.

    • Peter Michielsen