Consument tevreden over advocaat

DEN HAAG, 19 april - Een ruime meerderheid van de consumenten is tevreden met de dienstverlening door advocaten. Dit blijkt uit een onderzoek van de Consumentenbond onder zevenhonderd leden die ervaring hebben met advocaten. Van de ondervraagden kwalificeerde 22 procent de advocaat als zeer goed, vijftig procent als goed, 18 procent als redelijk. Tien procent van de ondervraagden beoordeelde zijn advocaat als slecht tot zeer slecht. Deze resultaten zijn gepubliceerd in het jongste nummer van de Consumentengeldgids.

Ondanks deze uitkomsten concludeert de Consumentenbond dat de dienstverlening van advocaten nog veel te wensen overlaat. De consumentenbond neemt de klachten van leden over gebrekkige informatieverstrekking door advocaten over de kosten van een procedure hoog op. De bond pleit voor beter gespecificeerde nota's en voor een onafhankelijke klachtenafhandeling waarin de mogelijkheid tot schadevergoeding beter is geregeld dan op dit moment. “Formeel bestaat binnen de huidige tuchtrechtregeling de mogelijkheid dat een advocaat de schade die zijn client heeft geleden moet vergoeden, maar in de praktijk komt daar weinig van terecht,” aldus een woordvoerder van de Consumentenbond. In 1986 kwam de Consumentenbond met dezelfde kritiek. Naar aanleiding daarvan besloot de Tweede Kamer de objectiviteit van de tuchtrechtspraak van de advocaten anders te regelen. Sinds 1987 worden de raden van discipline voorgezeten door een lid van de rechterlijke macht en bestaat het Hof van Discipline, waar klagers in beroep kunnen gaan, zelfs in meerderheid uit rechters.

De Consumentenbond vindt echter dat er ook voor de diensverlening door advocaten een geschillencommissie moet komen die bestaat uit een onafhankelijk voorzitter, een vertegenwoordiger van de branche, en iemand van de Consumentenbond.

De Nederlandse Orde van Advocaten vindt de berichtgeving van de Consumentenbond over de uitkomsten van het onderzoek tendentieus. “De Consumentenbond is zeer nuttig als het gaat om het geven van adviezen over apparaten die mensen kunnen kopen. Maar nu het gaat om diensten die zij zelf ook leveren - rechtsbijstand - knaagt er iets aan hun objectiviteit.”