CDA: trouw beschermt beter dan condooms

DEN HAAG, 19 april - Het ministerie van WVC heeft deze week een voorstel afgewezen van de stichting SOA voor een veilig-vrijen-campagne die zich richt op lager opgeleide jongeren, met onder meer tv- en bioscoopfilmpjes, en waarin het nut van condooms wordt onderstreept. Volgens een WVC-woordvoerder moet de SOA “met een beter voorstel komen” om subsidie te krijgen.

De directeur van de Nederlandse stichting ter bestrijding van seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA), M. Paalman, wekte gisteravond in het tv-programma NOS Laat de suggestie dat het CDA een gerichte tv-campagne voor de bevordering van het condoomgebruik zou dwarsbomen.

Volgens het CDA-Kamerlid F.J. Laning-Boersema is daarvan geen sprake. “Het CDA is helemaal niet tegen een veilig vrijen-campagne waarin de beschermende werking van het condoom naar voren wordt gebracht. Als daarnaast ook maar het belang van trouw zijn in een relatie benadrukt wordt. Trouw zijn beschermt de gezondheid niet alleen, het kan die zelfs bevorderen.”

Volgens Laning is nog nooit gebleken dat het CDA zich tegen een dergelijke campagne keert. Paalman stelt dat zij in het tv-interview wel over aspecten van trouw gesproken heeft, maar dat dat niet uitgezonden is. Dat promiscuiteit de kans op seksueel overdraagbare aandoeningen verhoogt, komt volgens haar ook aan de orde in voorlichtingsmateriaal en lespakketten die de stichting SOA in samenwerking met onder andere de christelijke onderwijskoepels heeft samengesteld.

“Sinds het begin van de anti-aidscampagnes in 1987 zijn er discussies over deze kwestie. In christelijke kringen wordt altijd de vrees geuit dat wijzen op het belang van condoomgebruik een oproep is tot wisselende seksuele contacten, maar dat is niet zo”, aldus Paalman.

“Je moet een veilig vrijen-campagne absoluut niet zo aanpakken dat je alleen het condoomgebruik benadrukt”, vindt Laning: “Vooral ook voor onze jeugd is het benadrukken van trouw van groot belang. Je mag omwille van de veiligheid wel degelijk moraliseren, vind ik. Dat doen we in campagnes voor verkeersveiligheid toch ook?”