Bewaker let vooral op klanten met paraplu; Veiligheidsdienst biedt levensechte trainingen aan

ROTTERDAM, 19 april - De directeur van het Advies- en Trainingscentrum van de Nederlandse Veiligheidsdienst, A. Kradolfer, negeert een alarmsignaal uit een belendende ruimte en wijst op een stevig slot in een deur. “Met een waterpomptang en een schroevendraaier heb je het in dertig seconden open.” Het alarm wordt tot zwijgen gebracht: het is een type dat een concurrent gebruikt, maar de beveiligingsbeambten van de NVD moeten ook die modellen kunnen 'resetten'.

Alleen al in de Randstad zijn volgens Kradolfer zo'n driehonderd vacatures in de beveiligingsbranche. Een informatiedag van beveiligingsdiensten en het Rotterdamse arbeidsbureau trok gisteren duizend werkzoekenden. “We hebben een goed vak”, constateert de NVD-directeur tevreden. Maar voor de beveiliging vormen geuniformeerde beambten eigenlijk slechts een klein onderdeel. “Beveiliging moet van binnen leven”, aldus Kradolfer. Of het nu om computers of schilderijen gaat, zegt hij, “men is nog lang niet security-minded.

Mensen denken vaak: 'beveiliging, daar hebben we toch onze mensen voor?' Maar iedereen moet toezicht houden.''

De NVD biedt in twee opleidingsinstituten, in Rijswijk en Amsterdam, een scala aan trainingen aan. Daarbij staat de levensechtheid voorop.

Zo bevinden zich in het Rijswijkse instituut een nagebouwd klein winkelcentrum met namaakwinkels, bevoorraad door bekende grootwinkelbedrijven. Op een toonbank bij de uitgang liggen een teddybeer, een shawl en wat cosmetica-artikelen. Stille getuigen van de les winkeldiefstal. Winkelpersoneel wordt hier geschoold in het herkennen van grijpgrage klanten. Een levensecht bankkantoortje wacht op lastige klanten, onder wie misschien een rover. Kradolfer: “We huren acteurs in die bij voorbeeld een lastige klant moeten spelen, een directeur die vervelend doet of iemand die steelt. Wanneer er mensen uit de museumwereld komen, hangen we reprodukties op.”

Over de specifieke vaardigheden die het winkelpersoneel worden geleerd wil Kradolfer niet uitwijden. “Criminelen lezen ook de krant.” Maar het gaat om zaken als: opletten wanneer iemand met een paraplu of een krant onder zijn arm binnenkomt en hoe hij of zij rondkijkt.

Deelnemers aan de cursus voor personeel van benzinepompen leren waar ze op moeten letten om overvallers te herkennen. “Bij overvallen op pompstations blijkt dat de overvallers van tevoren kennis van de situatie ter plekke hebben genomen. Zulk gedrag kan je leren herkennen.”

Maar niet alleen het herkennen van 'verdachte gedragingen' is belangrijk, ook op houding en gedrag tijdens een crisissituatie wordt ingegaan. Wat doe je wanneer iemand een pistool op je richt? Antwoord: bijvoorbeeld erop letten wat voor soort vuurwapen de overvaller in zijn handen heeft. Van aangezicht tot aangezicht met een inbreker of overvaller staan is nog iets anders dan 'mobiel surveilleren' of het controleren van alarminstallaties en sloten. De verantwoordelijkheden van de ongeveer 14.000 bij particuliere diensten aangesloten beveiligingsbeambten in Nederland zijn groot en zeer divers. Ze controleren sloten, maar schakelen zonodig ook onbeheerd staande koffiezetapparaten uit en sluiten lekkende kranen af. Ze betreden terreinen waar normaal gesproken slechts een handjevol bevoegden toegang toe heeft. Ze houden toezicht op kunstschatten, kostbaarheden en waardetransporten. En ze betreden het gevoelige terrein van de privacy, wanneer ze mensen vragen hun pasje te tonen of hun tas te laten inspecteren.

Niet iedereen legt zich even gemakkelijk neer bij het verzoek van een wildvreemde om zakken te legen of kofferbakken te openen. Daarom wordt de cursisten geleerd zulke 'intieme' verzoeken tactvol over te brengen. “De training is gericht op klantvriendelijkheid”, aldus Kradolfer, die overigens zegt begrip te hebben voor de bewaker die 's nachts alleen naar een afgelegen terrein moet en voor de zekerheid maar een stuk hout meeneemt.

Een beeld dat beveiligingsbeambten nog steeds aankleeft is dat van mislukte agenten. Jongens die eigenlijk met een pistool zouden willen rondlopen en nu maar een fikse, als slagwapen te gebruiken zaklantaarn dragen. “Maar bij de politie zitten ook een hoop macho-jongetjes hoor”,zegt C.Versendaal, werkzaam bij een randstedelijke bedrijfsbeveiligingsdienst en zelf afkomstig van de politie. Een andere beveiligingsambtenaar, ook met een ervaring als poitieman, meent zelfs dat zijn werk moeilijker is dan dat van de politie, omdat “wij geen wapens of wetten tot onze beschikking hebben, maar alleen overredingskracht”.

Versendaal, die een kleine twintig jaar in de beveiligingswereld zit, gelooft dat de tijd voorbij is dat iemand die voor elk ander werk was afgekeurd nog altijd goed genoeg werd bevonden om de portiersloge te bemannen. “Vroeger was het zo dat de mensen die wilden, niet konden en de mensen die het konden, niet wilden.” Dat is verleden tijd. De huidige cursisten op de NVD hebben zeer verschillende achtergronden.

Politiemensen, huismeesters, kruideniers, allen rond het opleidingniveau MAVO.

Beginnende beveiligingsbeambten verdienen 2.200 gulden bruto per maand. Waardering voor hun werk is soms ver te zoeken, zeggen sommigen. “In de chemische industrie heb je gezag. Als je daar iemand betrapt op te hard rijden of roken waar het niet mag, dan vliegt hij er uit”, aldus een beveiligingsbeambte. Een situatie die schril afsteekt bij het bedrijf waar hij nu werkt. Daar zitten allemaal academici die alle veiligheidseisen aan hun laars lappen. “Het enige wat we kunnen doen”, meent zijn chef, “is het goede voorbeeld geven.”