Omroepen verwachten verlies 600 banen; Vermindering zal via natuurlijk verloop worden bereikt

HILVERSUM, 18 april - De omroepen verwachten door de reorganisatie van het omroepbestel in de komende vier jaar een verlies van maximaal zeshonderd arbeidsplaatsen. Van gedwongen ontslagen is volgens een NOS-woordvoerder geen sprake; een sociaal plan moet een inkrimping via 'natuurlijk verloop' realiseren.

De eis van gemeenschappelijke huisvesting voor de omroepen die per net samenwerken, is in het definitieve plan afgezwakt. Gezamenlijk onderdak wordt afhankelijk van de kwaliteit van die samenwerking. De verplichting van een kijkdichtheid van minimaal 2 procent voor programma's in de avonduren is geschrapt.

Het belangrijkste struikelblok vormt nu de reeks van bezwaren, die de omroepen die op het eerste net gaan uitzenden - AVRO, KRO en NCRV - hebben gedeponeerd bij het Commissariaat voor de Media. De drie omroepen achten zich ten opzichte van de overige A-omroepen benadeeld, met name waar het de uitzendmogelijkheden in de avonduren betreft. De 63 amendementen die deze omroepen aan het NOS-bestuur voorlegden, zijn grotendeels verworpen.

Begin deze week verklaarden Kamerleden van CDA en VVD dat de vermeende bevoordeling van de VARA op Nederland 3 en TROS en Veronica op Nederland 2 ten opzichte van de omroepen op het eerste net in strijd is met de Mediawet. Zij verzetten zich tevens tegen het voornemen de aantrekkelijkheid van TROS en Veronica te verhogen met behulp van een extra bijdrage uit de omroepreserve.

Volgens de juridische medewerker van de NOS, mr.B.Geersing, zijn de toekomstige uurbedragen en hoeveelheden zendtijd voor alle omroepen gelijk. Het plan gaat uit van een niet nader genoemde jaarlijkse extra bijdrage - TROS en Veronica eisen elk 6 miljoen gulden - ter compensatie van de programma-onderbrekende reclame tot 15 procent van de zendtijd op Nederland 2. Daarmee moeten TROS en Veronica extra inkomsten (begroot op 130 miljoen gulden in vier jaar) voor het gehele bestel genereren. De 'kostwinners' zijn daarbij gehouden niet te concurreren met de andere zenders en voorts mogen zij de prijs bij aankoop van programma's niet opdrijven.

De NOS-jurist becijfert dat de VARA op Nederland 3 in de periode van 18.00 tot 23.00 uur 3 procent meer zendtijd krijgt dan AVRO, KRO en NCRV op het eerste net en TROS en Veronica op het tweede 10 a 15 procent meer dan de omroepen op Nederland 1. Dat is een redelijk verschil, vindt Geersing, “want in de structuur van de Mediawet zitten zulke differentiaties besloten”.

Voor de gehele publieke omroep moet volgens het plan in de toekomst een verlicht programmavoorschrift gelden, waarbij de omroepverenigingen zelf mogen bepalen hoeveel zendtijd zij aan informatie, cultuur, verstrooiing en educatie besteden. Nu moeten zij zich nog houden aan de in het Mediabesluit vastgelegde percentages zendtijd voor die programmacategorien, een verplichting die volgens Geersing in strijd is met de Europese wetgeving.

In het NOS-plan is voorzien in reclame op zondag en in een uitbreiding van zendtijd per 1 oktober met 500 uur per jaar. De NOS-jurist verwacht dat bij aanvaarding van het plan de publieke omroep binnen twee jaar een positief saldo heeft en vijf procent van de kijkers, die nu voor RTL4 hebben gekozen, heeft teruggewonnen.

Morgen wordt in het NOS-bestuur nog gediscussieerd over de gedetailleerde zenderindeling. Daarbij komen ondermeer ter sprake de lengtes van de verschillende NOS-journaals, de positie van NOS-Laat op vrijdagavond, die wordt bedreigd door een claim van de VARA, en de positie van de kleine, niet-ledengebonden zendgemachtigden.