Een mierzoete Mozart

Graffiti Bridge. Regie: Prince. Met: Prince, Morris Day, Ingrid Chavez, Mavis Staples, George Clinton. Op video uitgebracht door Warner.

De derde speelfilm van popster Prince heeft de Nederlandse bioscopen niet gehaald. Geen wonder, want na de commerciele flop in de Verenigde Staten laat de videoversie onverbiddelijk zien dat de muzikale dwerg uit Minneapolis met Graffiti Bridge in artistiek opzicht boven zijn macht heeft gegrepen. Was Purple Rain alleen al om de muziek de moeite waard en kon Under The Cherry Moon bij vlagen boeien als kitscherige keukenmeidenromantiek, ditmaal raakt Prince verstrengeld in pretenties en quasi-religieus geneuzel. De nieuwe generatie verkiest God, liefde en vrede boven seks, drugs en rock & roll, zo luidt de stichtelijke boodschap. Fans herkennen dit thema ongetwijfeld van de Lovesexy-tournee, waarbij het publiek tot vervelens toe werd aangespoord om Zijn lof te zingen. Prince zoekt krampachtig naar het hogere, maar lijkt daarbij de zeggingskracht van zijn muziek uit het oog te zijn verloren.

Graffiti Bridge werd vooraf gegaan door een gelijknamig album, dat voor een deel was gewijd aan nummers van de uit de as herrezen groep The Time, soulzangeres Mavis Staples en funkpionier George Clinton. In de film zijn zij prominent aanwezig, met name zanger Morris Day van The Time, die in de succesfilm Purple Rain eveneens een hoofdrol vervulde. Net als toen speelt hij de grote rivaal van The Kid, een Prince op het lijf geschreven rol als ietwat wereldvreemde muzikant.

Hij kan met niemand communiceren, behalve met het engelachtige meisje dat hij in zijn dagdromen onder een met graffiti ondergekalkte brug ontmoet. Zij is niet alleen een bron van songteksten en wijsheden, maar werpt zich op als beschermengel van The Kid in de machtsstrijd om de discotheek die hij samen met de fatterige Morris Day heeft geerfd.

Het dunne verhaaltje is niet meer dan een excuus voor een overdaad aan zang- en dansscenes, waarin schaamteloos playback wordt gezongen op steriele elektronische muziek die de opwinding van een liveconcert mist. De van MTV bekende videoclip van Thieves In The Temple werd bijna integraal uit de film overgenomen en wanneer Morris Day zijn avances kracht bij wil zetten met The Time's Love Machine, beweegt actrice Ingrid Chavez haar lippen nogal stijfjes op de sensuele zang van een soulzangeres achter de schermen. Als regisseur laat Prince zijn puberale fantasieen de vrije loop. Zo wordt de vriendin van Morris Day hardhandig beroofd van haar jas om manlief over een plas water te helpen, en ontdoet zangeres Jill Jones zich desnoods midden op straat van een cruciaal kledingsstuk, wanneer The Kid vraagt om een teken van loyaliteit.

Het rock & roll-sprookje krijgt een volstrekt ongeloofwaardig eind, wanneer de rivalen hun meningsverschil uitvechten met een muzikale tweekamp. The Kid zoekt zijn heil in mierzoete gospel en belooft iedereen een plaatsje in de hemel, als we maar geloven in zijn boodschap van liefde. De slotbeelden tonen Prince in een van zijn favoriete poses, als een moderne Mozart achter de computer, pingelend op een elektronisch toetsenbord. Graffiti Bridge is het produkt van een popster met last van zelfoverschatting. Treurig is het dat de muziek zo overduidelijk te lijden heeft onder zijn misplaatste aspiraties als filmmaker.