Draaiende wind brengt meer olie op stranden

ROME, 18 april - Door een plotselinge weersverslechtering zijn gisteren op veel stranden in het noordwesten van Italie grote hoeveelheden olie en teer aangespoeld, afkomstig van de gezonken Cypriotische tanker Haven.

Door het kalme weer en de aflandige wind was van de olie die in zee is gekomen nadat de tanker donderdag in brand vloog, weinig op de stranden terechtgekomen. Maar gisteren draaide de wind naar zuidoost en nam hij bovendien aanzienlijk in sterkte toe, tot kracht vijf a zes.

Door de hoge golfslag werden de plastic barrieres die in zee waren gelegd om de stranden te beschermen en de olievlekken bij elkaar te houden, veel minder effectief. De boten die probeerden de olie van de golven te halen, moesten terugkeren naar hun haven, omdat zij met die harde wind niet konden werken.

Vooral de stranden tussen Arenzano, waar de tanker is gezonken, en Varazze hadden last van de aangespoelde olie. Vrijwilligers en soldaten probeerden de olie zo snel mogelijk weg te halen, om te voorkomen dat zij dieper in het zand zou zakken.

Admiraal Alati, die de leiding heeft van de rampbestrijding, zei dat het aanspoelen van de olie weliswaar problemen geeft, maar dat het nu “de beste oplossing” zou zijn als alle olie op het strand komt, omdat zij dan het snelst kan worden opgeruimd.

UIt onderzoek met een op afstand bestuurde onderzeeer van het wrak van de Haven blijkt dat er nauwelijks nieuwe olie ontsnapt. Minister van milieu Ruffolo zei dat een catastrofe is voorkomen nu de laadruimten van het schip de druk van het water vooralsnog blijken te weerstaan.

Volgens de bewindsman is de olie die nog aan boord is bijna in vaste vorm, omdat alle vluchtige bestanddelen zijn verbrand. Bergers in Genua schatten dat er nog slechts vijfduizend ton aan boord is. Maar de milieu-organisatie Greenpeace heeft, uitgaande van een vergelijkbare tankerramp, berekend dat er nog ongeveer vijftigduizend ton olie in de tanker moet zitten.