Treinstaking VS beangstigt regering-Bush

WASHINGTON, 17 APRIL. Amerika dreigt vandaag voor het eerst in tien jaar geconfronteerd te worden met een nationale treinstaking. Liefst 235.000 werknemers van Amerikaanse spoorwegmaatschappijen waren van plan vanmorgen het werk neer te leggen. Het spoorwegpersoneel onderhandelt al drie jaar over een nieuw arbeidscontract en wil via deze staking de besprekingen met de spoorwegdirecties onder druk zetten.

De problemen bij de onderhandelingen spitsen zich toe op hogere lonen, betere arbeidsomstandigheden en een nieuwe ziektekostenverzekering.

Gisteravond liepen de onderhandelingen tussen de directies van de goederenlijnen en de vakbonden vast. Zeker twee van de grootste Amerikaanse vakbonden die de onderhandelingen hebben gevoerd, hebben hun leden opgeroepen vanaf woensdagmorgen stakingsposten te bemannen.

President Bush heeft eerder deze week zijn zorg uitgesproken over de gevolgen van een eventuele staking. Bush is bang dat een nationale treinstaking het herstel van de Amerikaanse economie ernstig zal vertragen. Vooral het Amerikaanse vrachtverkeer is erg afhankelijk van de treinverbindingen. Op het personenvervoer heeft de staking minder invloed. Slechts 130.000 passagiers zullen door een eventuele treinstaking worden gedupeerd.

Afgevaardigden uit het Amerikaanse Congress hebben er tot vannacht alles aan gedaan om via bemiddeling een staking te voorkomen. De regering-Bush werkt intussen aan een wet die een staking van het treinpersoneel verbiedt.

De bonden schuiven de schuld van de staking op de directies. “We hebben eindeloos gewacht en voelen ons niet schuldig naar gedupeerden.

De enigen die zich moeten excuseren voor de overlast zijn de spoorwegdirecties'', sprak Mac Fleming, voorzitter van een van de grootste vakbonden gisteren.

In 1982 maakte Amerika voor het laatst een landelijke vierdaagse treinstaking mee. (Reuter, AP, UPI)