Opperste Sovjet stemt nog niet in met verbod politieke stakingen

Opperste Sovjet stemt nog niet in met verbod politieke stakingen MOSKOU, 17 APRIL. De poging van president Michail Gorbatsjov van de Sovjet-Unie om alle 'politieke stakingen' in het land wettelijk te verbieden, is vooralsnog gestrand in het parlement van de unie. De Opperste Sovjet heeft gisteren weliswaar in principe ingestemd met een stakingsverbod maar is het niet eens kunnen worden over de sancties die er zouden moeten staan op overtreding.

Het stakingsverbod was eergisteren namens de deze week in Japan verblijvende Gorbatsjov achter gesloten deuren gepresenteerd door vice-premier Vitali Dogoezjev. Hij stelde een wetsvoorstel voor waarmee het mogelijk zou moeten worden de organisatoren van politieke stakingen te vervolgen met boetes oplopend tot vijfduizend roebel (volgens de officiele koers ongeveer vijfduizend gulden) of zelfs gevangenisstraf. Maar de Opperste Sovjet, aangevoerd door leden van de vaste parlementscommissie voor sociale zaken en arbeid, verwierp deze suggesties. Het parlement was evenmin bereid een stakingswet los te koppelen van het anti-crisisprogramma van premier Valentin Pavlov die momenteel in Londen is om de oprichtingsbijeenkomst bij te wonen van de Ontwikkelingsbank voor Oost-Europa.

De Opperste Sovjet ging gisteren daarom uiteen zonder een beslissing te hebben genomen. Een aantal afgevaardigden heeft het presidium van het parlement, dat onder leiding staat van de steeds nadrukkelijker aan de weg timmerende communist Anatoli Loekjanov, nu gevraagd om na terugkeer van president Gorbatsjov een zitting achter gesloten deuren te organiseren. De Opperste Sovjet, een publiek orgaan, zou dan in alle rust moeten kunnen discussieren over de het beleid van het staatshoofd en over de vraag hoe het presidentschap in de Sovjet-Unie behouden kan blijven nu de verschillende soevereine deelrepublieken hun eigen presidenten gaan kiezen.

De stakingsbeweging, die het aftreden van Gorbatsjov en de ontbinding van het nationale parlement eist, breidt zich ondertussen uit.

Gisteren is bij voorbeeld het openbaar vervoer in Kiev (de hoofdstad van de Oekraine, met meer dan vijftig miljoen inwoners de tweede republiek van de unie) platgelegd nadat de radicale nationalistische partijen hadden opgeroepen tot een algemene staking.

Volgens het officiele persbureau Tass hebben de stakingen het land tot nu toe al 1.169.000 arbeidsdagen gekost. Precies 542 bedrijven zijn er door stilgelegd, aldus Tass, waaronder meer dan honderd mijnen. In de Koezbass, het hart van de stakingsbeweging, ligt thans meer dan de helft (45 van de 76) kolenmijnen plat. Indirect hebben deze stakingen in de bedrijven die afhankelijk zijn van de hoogovens meer dan tien miljoen arbeidsdagen gekost. Volgens Tass staat dat gelijk aan het verlies van ongeveer tien miljard roebel.

Maar in de Koezbass kost het de leiders van de onafhankelijke actiecomite's wel moeite de eenheid te bewaren. Het dagblad Rabotsjaja Tribuna (Arbeiderstribune), dat als conservatief wordt aangeduid maar zich niettemin in veel bochten moet wringen om zich niet van de arbeiders te vervreemden, maakte vanmorgen melding van een “scheuring” onder de stakers in de kolenmijn 'De eerste mei' in Kemerovo. Met 385 stemmen voor en 366 tegen zouden de werknemers daar besloten hebben door te gaan met de staking. Deze kolenmijn is van symbolische betekenis omdat het een der grootste in de Koezbass is en bovendien de thuisbasis van stakingsleider Vjatseslav Golikov. Deze coordineert de acties in de hele Koezbass en vertolkt als geen ander het politieke karakter ervan.