Onzekerheid kenmerkt geldmarkt

AMSTERDAM, 17 APRIL. De geldmarkt wordt gekenmerkt door onzekerheid. Doordat gunstige inflatiecijfers in de Verenigde Staten niet leiden tot een verdere rentedaling, is verwarring ontstaan over de beleidslijn van de Federal Reserve Board (Fed), het stelsel van Amerikaanse centrale banken.

Bovendien steken speculaties over een nieuwe discontoverhoging in Duitsland weer de kop op. De tariefsverlagingen die de Fed in de afgelopen maanden heeft doorgevoerd, hoewel de inflatie hardnekkig hoog bleef, stonden vooral in het teken van de recessie. Nu de inflatie eindelijk lijkt te dalen, zoals uit eind vorige week gepubliceerde cijfers bleek, leek de weg vrij voor een nieuwe tariefsverlaging. Dit gebeurde echter niet.

Hieruit zou kunnen worden afgeleid dat de Fed tekenen van economisch herstel in de VS ontwaart, waardoor een verdere renteverlaging niet meer nodig zou zijn. Maar de meest recente cijfers over de Amerikaanse conjunctuur duiden nog steeds op een stagnerende economische ontwikkeling.

Van Amerikaanse overheidszijde wordt nog steeds aangedrongen op een soepeler monetair beleid in Europa om de kwakkelende economieen te steunen. Een dergelijk pleidooi is aan de Bundesbank niet besteed. De aanhoudende inflatiedreiging in Duitsland en de zwakke positie van de D-mark, ook binnen het Europese Monetaire Stelsel, bieden voorlopig geen enkele ruimte voor versoepeling. Dit betekent dat landen die hun munt nagenoeg vast aan de D-mark hebben gekoppeld, zoals Belgie, Frankrijk en ook Nederland, weinig anders rest dan het Duitse beleid te volgen.

Ruimte voor een rentedaling op de Nederlandse geldmarkt is er dus voorlopig niet, hoewel de gulden voor het eerst sinds lange tijd weer sterker was ten opzichte van de D-mark. Maar dit bracht de geldmarktrente niet werkelijk in beweging.

Alleen de daggeldrente is duidelijk gedaald. Dit is het gevolg van een verruiming van de geldmarkt die mede in de hand is gewerkt door De Nederlandsche Bank. Aanleiding is het aflopen van de contingentsperiode over anderhalve week. De contingentsregeling houdt in dat banken gedurende circa 3 maanden tot een bepaald bedrag (nu 4,1 miljard gulden) een beroep kunnen doen op De Nederlandsche Bank.

Wanneer de regeling op haar eind loopt zijn banken, die het aan hun toegewezen bedrag al volledig verbruikt hebben, bij eventuele liquiditeitstekorten aangewezen op andere banken. Dit kan tijdelijk tot een scherpe rentestijging op de geldmarkt leiden. Om dergelijke rentepieken te voorkomen tracht de DNB bij het naderen van het einde van de contingentsperiode de geldmarkt ruim te houden. De daling van de daggeldrente is een teken van een dergelijke ruime geldmarkt.

In de afgelopen periode hebben vooral betalingen door het Rijk voor ontspanning op de geldmarkt geleid. De schatkist werd per saldo 4,7 miljard gulden leger. De banken zagen hierdoor kans hun bij DNB opgenomen voorschotten met ruim 3,3 miljard gulden te verminderen.

Voor de komende periode heeft De Nederlandsche Bank een nieuwe, hogere kasreserve aangekondigd van 8,4 miljard gulden.

Bron: NMB Postbank Groep