MR. A.A.F.M. STAATSEN; Energiek pionier

GRONINGEN, 17 april - Er waren twee constanten in het leven van de Groningse burgemeester mr. A.A.F.M. Staatsen (48): “Veranderingen en Groningen”, zei hij op een persconferentie. Gisteren kondigde Staatsen aan zijn functie te verruilen voor een baan als directielid bij het managementbureau BCG in Amsterdam.

Veranderen deed hij in zijn loopbaan regelmatig, meestal al na twee, drie jaar. In Groningen was hij wetenschappelijk medewerker, later raadslid en wethouder, tot hij topambtenaar werd op Binnenlandse Zaken. In 1985 keerde hij als burgemeester terug in Groningen. Een tweede ambtstermijn was nooit zijn voornemen geweest, zo liet hij gisteren weten. “Twaalf jaar in een zelfde functie zitten vind ik puur slecht en voor mij ongewenst. Waarom? Omdat ik zo in elkaar zit en dan ongeduldig word. Ik kan mezelf nu bij een topbureau verder ontwikkelen.” Maar hij erkent dat hij diep had moeten nadenken over het accepteren van de functie waarvoor hij was gevraagd, “want deze fantastische stad verlaat ik met spijt.”

Staatsens vertrek komt als een volkomen verrassing, ook voor zijn collegabestuurders. Staatsen staat bekend als een 'doener', een energiek en effectief bestuurder die de raadsvergaderingen met strakke hand leidde. Dat riep verzet op bij raadsleden die vaker tot de orde werden geroepen, maar leidde uiteindelijk tot een slagvaardigere vergaderstructuur.

Staatsen was geen socialist pur sang. Hij was enkele jaren lid van D66 en zat namens die partij in het college van B en W. In 1977 stapte hij over naar de PvdA.

Zijn afkeer van partijdogma's heeft er wellicht toe bijgedragen dat hij het vertrouwen van het Groninger bedrijfsleven wist te winnen. Ook in Den Haag bezat hij uitstekende contacten. Om de Martinistad te promoten zocht hij contact met de Gasunie en de PTT. Mede door zijn toedoen kwam het eerste bedrijf met een gift van 25 miljoen over de brug als bijdrage voor de bouw van het nieuwe Groninger Museum.

Hoewel hij de conflicten met zijn wethouders gisteren afdeed als “vervelende, maar onbeduidende voorvallen”, die geen rol hadden gespeeld bij zijn besluit op te stappen, zullen deze jarenlange 'treiterpartijen' de overstap niet onaantrekkelijker hebben gemaakt.

Staatsen, wiens benoeming in 1985 heel wat voeten in de aarde had (Vonhoff wilde liever burgemeester R. Boekhoven van Veendam en ook de CDA en VVD-fracties in de Kamer lagen dwars) beschouwde het burgemeestersambt niet als een representatieve functie. Hij ontpopte zich al snel tot een inhoudelijk bestuurder, wat kwaad bloed zette bij zijn wethouders.

Conflicten waren er onder meer over de kleur van zijn dienstauto (hij weigerde te rijden in een rode wagen met een vignet van de stad en kreeg zijn zin) en de benoeming van een nieuwe korpschef (Staatsen prefereerde N. van Helten uit Leeuwarden, maar toen dit op veel weerstand stuitte binnen het korps benoemde hij zonder enige ruggespraak A. Woltjer). Het takenpakket van de man die zichzelf ooit 'kampioen modern besturen' noemde was al behoorlijk uitgehold toen hij in april vorig jaar ook nog de brandweer kwijtraakte. Maar Staatsen wil over de ruzies niets kwijt en blijft loyaal. “Ik geef nooit een oordeel over medebestuurders, dat is een interne aangelegenheid.”

De geboren Utrechter is op zijn best, zoals hij zelf zegt, “in pionierssituaties, waarin veranderingen kunnen worden doorgevoerd”.

Een eventuele terugkeer in de politiek laat hij in het midden. “Ik heb nooit aan carriereplanning gedaan. Ik deed altijd wat ik leuk vond en waar ik me bij betrokken voelde. Ik ben wetenschapper geweest, politicus, ambtenaar, bestuurder en nu word ik ondernemer.”

    • Karin de Mik