BAT: successtory ondanks dreigende sluiting

AMSTERDAM, 17 APRIL. De sporen van de laatste bedrijfsbezetting zijn nog duidelijk zichtbaar. Buiten hangen spandoeken. Binnen liggen overal kranteknipsels. Een standbeeld in de gang heeft nog een T-shirtje aan met de tekst: BAT blijft open.

De sigarettenfabriek Britisch and American Tobacco (BAT) in Amsterdam draaitweer. Opnieuw zijn de werknemers in hun opzet geslaagd. Althans, een commissie van wijze mannen zal wederom naar de bedrijfcijfers kijken. De voorbereidingen van de sluiting van de fabriek in 1993 zijn stopgezet. Het besluit tot sluiting van de directie en commissarissen is dan weliswaar niet van tafel, het staat in ieder geval weer ter discussie.

Het is voor de derde keer in successie dat de werknemers de poorten van het bedrijf open weten te houden. Wat is de magie van de BAT-werknemers? Wat is het geheim van hun succes? Ook al gaat de fabriek uiteindelijk dicht en worden de activiteiten naar Brussel overgeheveld, dan nog blijft de wijze waarop de 220 BAT-werknemers actie hebben gevoerd op zijn minst opmerkelijk. In 1971 en 1979 strandden de pogingen van de Britse eigenaar om tot sluiting over te gaan. Steeds wisten de werknemers hem met acties en argumenten op andere gedachten te brengen.

Secretaris J. Brugman van de ondernemingsraad zit enigszins vermoeid in de kantine als hem naar het geheim van zijn succes wordt gevraagd.

De acties van de afgelopen dagen zijn hem duidelijk niet in de koude kleren gaan zitten. “Gisteravond werd het me ineens allemaal teveel.

De spanning van de bezetting was weg en ineens voelde ik me doodmoe. Om acht uur lag ik al op bed''.

Maar dinsdag zat Brugman al weer op zijn post. Al het 'normale' ondernemingsraadswerk is de afgelopen weken blijven liggen en moet nu nodig worden weggewerkt. Bovendien moeten de verkiezingen van de ondernemingsraad in juni worden voorbereid.

“We zitten vaak met een klein clubje uit de ondernemingsraad dagen met elkaar te praten over hoe we de zaak aan moeten pakken”, zegt Brugman. “We hebben in het verleden veel contacten gelegd en die hebben we deze keer weer allemaal opgebeld. Johan Stekelenburg van de FNV was onmiddellijk bereid om te komen. En omdat Stekelenburg kwam, wilde Hofstede van het CNV ook. Dat is gewoon een beetje een spel dat je moet spelen. Je hebt bij zo'n actie nu eenmaal mensen nodig van enige importantie. Die kunnen bijvoorbeeld met de commissarissen gaan praten.”

Het verstrekken van informatie aan werknemers is volgens Brugman een ander belangrijk element. Vooral het informeren van de medewerkers in de buitendienst die verspreid over het hele land werken, is in zijn ogen essentieel geweest. “We hebben de afgelopen periode regelmatig regiobijeenkomsten gehouden. Dat heeft de band versterkt. Zij dachten dat we bezig waren het hele bedrijf kapot te maken en ook de werkgelegenheid van alle vertegenwoordigers op het spel aan het zetten waren. Dat hebben we kunnen ontzenuwen.”

De plannen van de directie voorzien vooralsnog alleen in de sluiting van de produktiehal en bijbehorende administratieve diensten. Maar alle 125distributiemedewerkers zouden bij overplaatsing van de produktie naar Brussel gewoon in dienst blijven.

Ook de publieke opinie was op de hand van de bezetters. Sluiting van een winstgevend bedrijf en overplaatsing de produktie naar het buitenland is heel iets anders dan het afslanken van een bedrijf dat in de rode cijfers staat. Het is een beetje het 'multinational complex': David versus Goliath. Het kleine bedrijf dat door de grote multinational wordt opgeslokt.

“De werknemers voelen dit echt als hun bedrijf. Dat werd mij de eerste dag dat ik hier kwam werken gelijk duidelijk gemaakt. Luister, zeiden ze, dit bedrijf hebben wij opgebouwd en dat laten we ons door niemand afpakken! Het verloop is heel klein. Velen werken hier al 25 jaar. De gemiddelde leeftijd is rond de veertig, de arbeidsomstandigheden zijn goed. Met Pasen kregen we allemaal een Paashaas. Daar zat dan ook nog een Snip bij. De sociale samenhang is hier erg sterk. Dat maak je nergens mee. De mensen zijn bereid keihard voor het bedrijf te vechten”, zegt Brugman.

Wat verder opvalt is dat bij BAT veel familiebanden zijn. Bijvoorbeeld de broertjes Vischer. Dick (41) werkt er al 21 jaar. Zijn broer Jaap (38) 19 jaar. En vijf jaar geleden is ook Kees (36) bij het bedrijf in dienst gekomen. “We gaan elke dag met plezier naar ons werk”, zegt de oudste. “Alles is hier netjes en schoon. Er heerst orde en regelmaat en het salaris is goed. Bovendien hebben we een goede spaarregeling en krijgen we zelfs aandelen. Je weet hier wat je hebt en je moet maar afwachten wat je elders tegen komt.”

Zijn broers knikken instemmend. Elke dag rijden ze samen in een auto van hun woonplaats Volendam naar hun werk. Onderling praten ze veel over het werk en proberen samen verbeteringen uit te voeren. Als er een vacature is dan wordt eerst in de familie gekeken. Zo is Kees ook bij het bedrijf gekomen. Als er vakantiekrachten nodig zijn komen de zonen en dochters werken. Hoewel het werk officieel pas om half acht 's ochtends begint, zitten er vaak voor zeven uur al mensen in de kantine over het werk te praten. Het verenigingsleven bloeit. Tijdens de bezetting ging de tenniscompetitie van het bedrijf gewoon door.

“BAT heeft ook vakantiehuisjes in Egmond aan Zee. Daar wordt door iedereen druk gebruik van gemaakt. Op het bedrijf organiseren we regelmatig familiedagen. De laatste keer was het een Spaanse avond en hebben de Spaanse medewerkers van het bedrijf voor het eten gezorgd.

De volgende keer is het misschien een Surinaamse avond.'' De drie broers praten erover alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Vandaag hebben ze alle drie een snipperdag genomen voor een tochtje door de Oostvaardersplassen. Op uitnodiging van een zwager.

“Dat kan allemaal hier”, zegt Kees.

    • Henk Kool