Basisonderwijs steunt nota speciale scholen

AMERSFOORT, 17 april - Vrijwel het gehele basisonderwijs is voorstander van meer samenwerking met het speciaal onderwijs, waardoor kinderen met leer- en gedragsproblemen gemakkelijker op de basisschool te handhaven zijn. Het resultaat van deze samenwerking kan echter nooit zijn dat het speciaal onderwijs verdwijnt.

Dit blijkt uit een enquete van het Nederlands Genootschap van Leraren (NGL), een van de vier onderwijsvakbonden. De enquete is gehouden naar aanleiding van de eind vorig jaar verschenen nota 'Weer samen naar school', waarin staatssecretaris Wallage (onderwijs) voorstelt om vijftien basisscholen bestuurlijk te laten samengaan met een school voor speciaal onderwijs. Het nieuwe schoolbestuur zou het geld voor basis- en speciaal onderwijs kunnen samenvoegen en daarvan bijvoorbeeld klasse-assistenten aanstellen, individuele begeleiding laten verzorgen of aparte groepjes voor zwakke leerlingen opzetten. Op deze manier, aldus de nota, zou de enorme uitstroom van leerlingen naar het speciaal onderwijs kunnen stoppen.

Uit de enquete van het NGL blijkt dat ongeveer een kwart van de leerlingen met leer- en gedragsmoeilijkheden volgens hun onderwijzers in het speciaal onderwijs thuishoort. De rest kan op de basisschool blijven, en blijft daar met veel moeite meestal ook. Om het verblijf van deze kinderen op de basisschool te vergemakkelijken zouden er nascholing, extra geld en kleinere groepen moeten komen. Meer samenwerking met het speciaal onderwijs wordt door 95 procent van de ondervraagden genoemd.

Staatssecretaris Wallage overlegt nu met vakbonden en besturenorganisaties over zijn nota. De organisaties willen dat de staatssecretaris investeert in nascholing en aanpassingen in scholen, zoals ruimten voor aparte groepjes, alvorens clusters van scholen te vormen. Het overleg wordt volgende week afgerond.