'Zwakzinnigen hebben respect nodig'

GRONINGEN, 16 april - Meer respect in de zorg voor geestelijk gehandicapten kan de kwaliteit van het bestaan van zwakzinnigen vergroten. Hulpverleners hebben nu nog te veel de neiging om, vaak volkomen te goeder trouw, de eigen inbreng van geestelijk gehandicapten over het hoofd te zien of te bagatelliseren.

Dit stelde prof. dr. G.H. van Gemert vandaag in zijn rede bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar op het gebied van de zorg voor ernstig geestelijk gehandicapten aan de Rijksuniversiteit Groningen. De bijzondere leerstoel is ingesteld door de Stichting Philadelphia Voorzieningen, dankzij een gift van een veevoerbedrijf.

Van Gemert is sinds 1979 verbonden is aan de vakgroep orthopedagogiek van de Rijksuniversiteit Groningen, met als specialisatie zwakzinnigenzorg.

Volgens Van Gemert houden hulpverleners te weinig rekening met de wensen en verlangens van zwakzinnigen. “In het algemeen is er sprake van een houding van 'ik ben er om jou te helpen, ik moet jou beschermen'. Wat mij steeds weer treft is de bezorgdheid van de hulpverlener. Maar deze op zich positieve houding kan juist leiden tot afhankelijkheid, waardoor de zwakzinnige niet leert op eigen benen te staan”, aldus Van Gemert.

De hoogleraar erkent dat er soms een dilemma bestaat over de vraag wanneer een hulpverlener wel en wanneer hij niet moet ondersteunen. In een goede zorgsituatie zal er flexibiliteit bestaan tussen het 'overvragen' van een zwakzinnige (“te lang laten modderen”) en het 'onderbieden' (“te weinig stimulansen geven”). Een tekort, maar ook een teveel aan zorg is niet goed, meent Van Gemert.

Orthopedagogen in instellingen zouden naar Van Gemerts oordeel meer naar de visie van de hulpverleners moeten vragen. Buitenstaanders in de vorm van consulenten kunnen verhelderend werken bij de bezinning van groepsleiders op hun eigen functioneren, aldus Van Gemert.

Hij vindt dat er meer wetenschappelijk onderzoek nodig is naar de omgang met geestelijk gehandicapten. “De theoretische basis van de zorgverlening aan geestelijk gehandicapten is nu niet sterk en het wordt tijd dat dat verandert. Onderzoek naar de kwaliteit van het bestaan van de zwakzinnige en naar de kwaliteit van de hulpverlening zou echter een gewoon onderdeel van het takenpakket moeten zijn van instellingen, ondersteund door de universiteit”, aldus Van Gemert.

“Want men is nu vooral pragmatisch bezig, op basis van intuitie.”