PvdA wil 'zeedagen' vissers beperken; Visquota opgeteld en 'vertaald' in aantal zeedagen

DEN HAAG, 16 april - De PvdA heeft vanochtend voorstellen gedaan om de visvangst te beperken. In een stuk van het Tweede-Kamerlid J. van Zijl wordt aangegeven hoe het aantal dagen dat de vissers op zee zijn zodanig kan worden teruggebracht dat een aantal van de huidige controlemaatregelen kunnen vervallen.

Het Landbouw Economisch Instituut (LEI) heeft op verzoek van de PvdA berekend dat het aantal “individuele zeedagen” voor Nederlandse vissers kan worden beperkt tot gemiddeld 135 per jaar. Op dit moment heeft ieder van de 550 schepen van de boomkorvloot het recht 150 dagen op zee te zijn.

Het aantal zeedagen per visser dient in het voorstel van de PvdA te worden bepaald op basis van het nu geldende vangstquotum en het aantal pk's van het betreffende schip. Als dit systeem op 1 januari 1993 wordt ingevoerd heeft de Nederlandse visser alleen nog te maken met een beperking in zeedagen. Hij zou dan geen verantwoording meer hoeven af te leggen over de preciese samenstelling van zijn vangst.

Op dit moment moet de visser verantwoording afleggen voor alle aangevoerde vissoorten afzonderlijk. Die methode leidt al jaren tot illegale aanvoer. De overheid is er nooit in geslaagd ontduiking van de vangstbeperkende maatregelen afdoende te bestrijden.

Cruciaal voor zijn voorstel noemt Van Zijl het dat de Europese visserijcommissie in Brussel toestaat dat de afzonderlijke Nederlandse quota voor tong, schol, kabeljauw en wijting “op een hoop wordt gegooid”. Dan kan het totale nationale quotum worden 'vertaald' in zeedagen.

Volgens de visserijdeskundige van de PvdA is de kans dat de met Nederland vergelijkbare visserij-staten binnen de EG in meerderheid zijn voorstel overnemen voor eigen gebruik te verwaarlozen.

In de branche bestaat enige onrust over de mogelijke veranderingen in de controle. Daar geldt een vangstquotum als een kapitaalpost. “In ons verhaal nemen we die zorg weg”, zegt Van Zijl. “De waarde die de quota hebben wordt vertaald in het aantal zeedagen. Bovendien is het ook nog mogelijk om de zeedagen verhandelbaar te maken. Maar in de visserij zijn ze zo overstelpt met regelgeving dat alles wat een simpel verhaal lijkt, wordt gewantrouwd.”Ontstaan er straks geen problemen als een vissoort, zoals de schaarse kabeljauw, beschermd moet worden? In de huidige situatie bestaan de maatregelen in dat geval uit het verlagen van het desbetreffende quotum. Van Zijl stelt zich voor dat nader te bepalen zones van de Noordzee dan voor de vangst worden gesloten. “Dat vergt controle op zee”, zegt hij.

“Maar dat is geen probleem. Onder Braks is nog bepaald dat controle op zee wordt uitgebreid. Misschien kan die ontwikkeling zelfs nog een extra impuls krijgen. Want wat valt er straks op het land nou nog te controleren?”

De huidige controle door de Algemene Inspektie Dienst kost 30 miljoen per jaar. Van Zijl noemt het “meegenomen” als de controle-inspanningen door zijn voorstellen kunnen worden teruggeschroefd. “Het is voor mij geen doel in dit verhaal. Ik zou heel gelukkig zijn als de inspanning zou leiden tot een effectievere controle.”Al jaren streeft de visserij naar capaciteitsbeperking van de vloot. De PvdA verwacht dat uitvoering van de voorstellen dit tot nog toe moeizame saneringsproces positief kan beinvloeden. Vissers die over een zeer gering quotum beschikken mogen zich op dit moment, net als hun collega's, 150 dagen per jaar op zee bevinden. Van Zijl: “Als hun quotum toereikend is voor 50 dagen, kun je je afvragen waarmee ze zich de andere 100 dagen bezighouden.”

De waarschijnlijkheid is groot dat vissers zich straks tekort gedaan voelen als ze op zee zitten en niet kunnen vissen omdat het drie dagen stormt. Of omdat ze schade aan de netten oplopen. “Als dit systeem het haalt, keren we terug naar vrijheid, blijheid”, zegt Van Zijl.

“Dan is het af en toe verspelen van zeedagen een beroepsrisico. Daarop moet je eenvoudige regelgeving loslaten. Het moet niet zo zijn dat ze alleen de optimale visdagen meetellen, want dat weet je zeker dat we over de EG normen heengaan.”

Minister Bukman (landbouw en visserij) kon vanochtend niet reageren op de voorstellen van de PvdA. Volgens een woordvoerder beschikte het ministerie nog niet over het stuk van Van Zijl. In zijn algemeenheid staat de minister volgens de woordvoerder positief tegenover de zeedagenregeling. “Dat komt goed uit”, aldus Van Zijl, “want vanaf 1 juli is Bukman voorzitter van de Europese visserijcommissie. Dat biedt toch wat extra mogelijkheden dit plan te presenteren.”