Parlement in Albanie bijeen zonder oppositie

TIRANA, 16 april - De Albanese oppositie heeft gisteren de eerste zitting van het onlangs gekozen parlement geboycot. De oppositionele Democratische Partij kondigde aan uit het parlement te zullen wegblijven zolang de daders van het politieke geweld in Shkoder op 2 april niet zijn geidentificeerd en aangehouden.

De zitting van het parlement, de eerste vrij gekozen volksvertegenwoordiging in meer dan een halve eeuw, werd al na een half uur geschorst nadat de leider van de fractie van de Democraten, Neritan Ceka, een verklaring had voorgelezen. Ceka, het enige van de 75 Democraten in het parlement die de opening bijwoonde, stelde dat “het bloedbad van Shkoder is gepleegd door de duistere krachten die aan de macht zijn”. Het bloedbad, stelde hij, heeft “niet slechts de vreedzame bevolking van de stad getroffen” maar heeft ook “een atmosfeer van onzekerheid en terreur geschapen” waarin geen ruimte is voor democratische activiteiten. Naar het bloedbad van Shkoder wordt een officieel onderzoek ingesteld door een speciale commissie. Volgens Ceka tracht die commissie door “verhulling en intimidatie” de politieke misdaden in de doofpot te stoppen.

Nadat hij zijn verklaring had voorgelezen, verliet Ceka de zaal. Hij luisterde niet meer naar een van de afgevaardigden van de regerende communistische Partij van de Arbeid van Albanie, die de oppositie opriep “op dit historische moment” niet toe te staan dat de gebeurtenissen in Shkoder “ons belangrijke werk verstoren”. Bij dat belangrijke werk, aldus de afgevaardigde, kan de Democratische Partij “ons in hoge mate helpen”.

Het nieuwe parlement moet de nieuwe grondwet van Albanie goedkeuren, een president verkiezen en wetsontwerpen aannemen voor belangrijke veranderingen in de economie. In het parlement bezit de Partij van de Arbeid van Albanie een absolute meerderheid.

Op 2 april vielen bij politiek geweld vier doden toen er vanuit het plaatselijke hoofdkwartier van de communistische partij werd geschoten op demonstrerende aanhangers van de oppositie. Een van de doden was de plaatselijke voorzitter en mede-oprichter van de Democratische partij.

De commissie van onderzoek is tot de voorlopige conclusie gekomen dat de vier zijn gedood in schermutselingen met de politie en dat de schuldigen niet kunnen worden geidentificeerd wegens het ontbreken van getuigen. Beide beweringen zijn door de oppositie afgewezen. (UPI)